archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 17
Jaargang 21
13 juni 2024
Nummer 18 verschijnt op
27 juni 2024
Beschouwingen > Buitenlandse zaken delen printen terug
Politiek en sport* Arie de Jong

2104BS Politiek en sportOp allerlei manieren is sport met politiek verweven. Je kunt er een boek over schrijven. Het meest heftig is het als een beroep wordt gedaan op moreel besef. Met het wereldkampioenschappen mannenvoetbal in Saoedi-Arabië voor de boeg (over een jaar of tien!) mag de voorpret er weer zijn. Allerlei lui lopen te hoop om te laten weten dat Nederland er niet naartoe moet gaan (let op, Nederland moet zich eerst kwalificeren in voorrondes die in 2032 en 2033 worden gehouden), regeringsfunctionarissen moeten niet op de publieke tribune gaan zitten, de Koning (ik ga er even van uit dat we die over tien jaar nog hebben) moet zich er niet laten zien, en als er dan toch gevoetbald wordt moeten de spelers hun afschuw laten blijken, de aanvoerder moet een opvallende band dragen zodat duidelijk wordt dat we niet alles pikken, ga zo maar door. Hoezo, moeten we onze afschuw over het bewind in Saoedi-Arabië eigenlijk laten weten via het voetbal? Natuurlijk legt dat bewind er veel prestige mee in dat men de wereldkampioenschappen mannenvoetbal mag organiseren, maar je kunt moeilijk verlangen dat ze daar net doen alsof er niets aan de hand is. Dus kun je ook niet verlangen dat wij net doen alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Toch? De grote internationale sporttoernooien zijn erg vaak verbonden met internationale verwikkelingen en buitenlands politieke overwegingen. Olympische Spelen, wereldkampioenschappen mannenvoetbal, dat soort evenementen.

Zuid-Afrika

De pittigste boycot was die van Zuid-Afrika in de periode 1961-1990, als gevolg van de apartheidspolitiek in dat land. Al die tijd mocht Zuid-Afrika niet meedoen aan de Olympische Spelen (op basis van een veroordeling van Zuid-Afrika in de Verenigde Naties) en andere sportevenementen. Deze boycot heeft er zeker toe bijgedragen dat het apartheidsregime de legitimatie verloor en moest plaatsmaken voor Nelson Mandela.
Meestal zijn de enigen die de last dragen van de boycot de sporters uit het land dat niet mee wil doen. Het lijkt soms wel dat zij worden gezien als een stel frontsoldaten in een niet gevoerde oorlog. Want in de loop van de tijd zijn er al heel wat boycots geweest. Waarbij soms de regering van een land de boycot uitspreekt, soms de sportorganisaties, maar andersom worden ook de sporters uit een land geboycot door de anderen. Daar is nog een mooi variant op gekomen, zoals die al enige tijd richting Rusland gebeurt: de sporters zijn welkom, maar niet als vertegenwoordiger van hun land. Dus geen volksliederen, geen vlag, geen duiding dat ze namens Rusland optreden.

Boycots bij de Olympische Spelen

Bij de Olympische Zomerspelen van 1936, Hitler was net aan de macht, is er, vooral door de Verenigde Staten, wel gedacht aan een boycot, maar er was geen sprake van. Dat maakte het mogelijk dat (de zwarte atleet) Jesse Owens deelnam en verschillende gouden medailles uit handen van Hitler mocht ontvangen. Dat vond die laatste niet leuk.
Eerder was Duitsland uitgesloten van deelname in 1920 en 1924 vanwege de Eerste Wereldoorlog. Blijkbaar was er toen geen behoefte aan verbroedering. Dat ze in 1936 aan Berlijn werden toegewezen, was daar mogelijk een reactie op.
Je kan zeggen dat op een eerder moment al wel sprake was van een boycot. Tot aan de spelen van 1928, toen in Amsterdam, mochten vrouwen niet meedoen aan atletiek. Pas in 1924 mochten vrouwen meedoen met schermen enzovoort.

In de beginjaren van de Olympische Spelen werden feitelijk vrouwen geweerd. Nadat in 1928 vrouwen nogal vermoeid over de finish kwamen bij de 800 meter hardlopen, was dat voor de toenmalige voorzitter reden om een voorstel in te dienen om de Spelen voortaan zonder vrouwen te houden. Dat haalde het uiteraard niet en hij kon zelf opkrassen (al weet ik niet of dit onzinnige voorstel daarbij een rol speelde).
Een bijzondere vorm van boycot was in 1928 dat Koningin Wilhelmina weigerde bij de openingsceremonie te zijn. Ze was niet geraadpleegd, al stond de datum al een jaar tevoren vast, en had als smoes dat ze in Noorwegen moest zijn. Ze liet het over aan haar man, prins Hendrik, om de spelen te openen. Ze was trouwens wel bij de sluiting, en daar maakte de SGP zich dan weer druk om.

Na de oorlog is er vaak sprake geweest van boycot. Vooral de spelen van 1956 werden erdoor gekenmerkt. Sommige landen wilden niet meedoen in verband met de Suezcrisis. Nederland deed niet mee, samen met een paar andere landen, door de inval van de Sovjet-Unie in Hongarije. China deed niet mee, omdat Formosa (Taiwan) mee mocht doen.
In 1972, de spelen in München met de moord op een aantal atleten uit Israël door het Palestijnse Bevrijdingsfront, mocht Rhodesië niet meedoen. Als Rhodesië wel had deelgenomen, was een reeks Afrikaanse landen weggebleven.
In 1980, de spelen waren in Moskou, namen de Verenigde Staten geen deel, en nog een heel stel andere landen, zodat er maar 80 landen vertegenwoordigd waren.
Genoeg hierover, het is duidelijk genoeg: sport en politiek zijn op het internationale toneel onverbrekelijk verbonden. Jammer genoeg.

----------

De illustratie is van Linda Hulshof.
Meer informatie: lindahulshof71@gmail.com



© 2023 Arie de Jong meer Arie de Jong - meer "Buitenlandse zaken" -
Beschouwingen > Buitenlandse zaken
Politiek en sport* Arie de Jong
2104BS Politiek en sportOp allerlei manieren is sport met politiek verweven. Je kunt er een boek over schrijven. Het meest heftig is het als een beroep wordt gedaan op moreel besef. Met het wereldkampioenschappen mannenvoetbal in Saoedi-Arabië voor de boeg (over een jaar of tien!) mag de voorpret er weer zijn. Allerlei lui lopen te hoop om te laten weten dat Nederland er niet naartoe moet gaan (let op, Nederland moet zich eerst kwalificeren in voorrondes die in 2032 en 2033 worden gehouden), regeringsfunctionarissen moeten niet op de publieke tribune gaan zitten, de Koning (ik ga er even van uit dat we die over tien jaar nog hebben) moet zich er niet laten zien, en als er dan toch gevoetbald wordt moeten de spelers hun afschuw laten blijken, de aanvoerder moet een opvallende band dragen zodat duidelijk wordt dat we niet alles pikken, ga zo maar door. Hoezo, moeten we onze afschuw over het bewind in Saoedi-Arabië eigenlijk laten weten via het voetbal? Natuurlijk legt dat bewind er veel prestige mee in dat men de wereldkampioenschappen mannenvoetbal mag organiseren, maar je kunt moeilijk verlangen dat ze daar net doen alsof er niets aan de hand is. Dus kun je ook niet verlangen dat wij net doen alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Toch? De grote internationale sporttoernooien zijn erg vaak verbonden met internationale verwikkelingen en buitenlands politieke overwegingen. Olympische Spelen, wereldkampioenschappen mannenvoetbal, dat soort evenementen.

Zuid-Afrika

De pittigste boycot was die van Zuid-Afrika in de periode 1961-1990, als gevolg van de apartheidspolitiek in dat land. Al die tijd mocht Zuid-Afrika niet meedoen aan de Olympische Spelen (op basis van een veroordeling van Zuid-Afrika in de Verenigde Naties) en andere sportevenementen. Deze boycot heeft er zeker toe bijgedragen dat het apartheidsregime de legitimatie verloor en moest plaatsmaken voor Nelson Mandela.
Meestal zijn de enigen die de last dragen van de boycot de sporters uit het land dat niet mee wil doen. Het lijkt soms wel dat zij worden gezien als een stel frontsoldaten in een niet gevoerde oorlog. Want in de loop van de tijd zijn er al heel wat boycots geweest. Waarbij soms de regering van een land de boycot uitspreekt, soms de sportorganisaties, maar andersom worden ook de sporters uit een land geboycot door de anderen. Daar is nog een mooi variant op gekomen, zoals die al enige tijd richting Rusland gebeurt: de sporters zijn welkom, maar niet als vertegenwoordiger van hun land. Dus geen volksliederen, geen vlag, geen duiding dat ze namens Rusland optreden.

Boycots bij de Olympische Spelen

Bij de Olympische Zomerspelen van 1936, Hitler was net aan de macht, is er, vooral door de Verenigde Staten, wel gedacht aan een boycot, maar er was geen sprake van. Dat maakte het mogelijk dat (de zwarte atleet) Jesse Owens deelnam en verschillende gouden medailles uit handen van Hitler mocht ontvangen. Dat vond die laatste niet leuk.
Eerder was Duitsland uitgesloten van deelname in 1920 en 1924 vanwege de Eerste Wereldoorlog. Blijkbaar was er toen geen behoefte aan verbroedering. Dat ze in 1936 aan Berlijn werden toegewezen, was daar mogelijk een reactie op.
Je kan zeggen dat op een eerder moment al wel sprake was van een boycot. Tot aan de spelen van 1928, toen in Amsterdam, mochten vrouwen niet meedoen aan atletiek. Pas in 1924 mochten vrouwen meedoen met schermen enzovoort.

In de beginjaren van de Olympische Spelen werden feitelijk vrouwen geweerd. Nadat in 1928 vrouwen nogal vermoeid over de finish kwamen bij de 800 meter hardlopen, was dat voor de toenmalige voorzitter reden om een voorstel in te dienen om de Spelen voortaan zonder vrouwen te houden. Dat haalde het uiteraard niet en hij kon zelf opkrassen (al weet ik niet of dit onzinnige voorstel daarbij een rol speelde).
Een bijzondere vorm van boycot was in 1928 dat Koningin Wilhelmina weigerde bij de openingsceremonie te zijn. Ze was niet geraadpleegd, al stond de datum al een jaar tevoren vast, en had als smoes dat ze in Noorwegen moest zijn. Ze liet het over aan haar man, prins Hendrik, om de spelen te openen. Ze was trouwens wel bij de sluiting, en daar maakte de SGP zich dan weer druk om.

Na de oorlog is er vaak sprake geweest van boycot. Vooral de spelen van 1956 werden erdoor gekenmerkt. Sommige landen wilden niet meedoen in verband met de Suezcrisis. Nederland deed niet mee, samen met een paar andere landen, door de inval van de Sovjet-Unie in Hongarije. China deed niet mee, omdat Formosa (Taiwan) mee mocht doen.
In 1972, de spelen in München met de moord op een aantal atleten uit Israël door het Palestijnse Bevrijdingsfront, mocht Rhodesië niet meedoen. Als Rhodesië wel had deelgenomen, was een reeks Afrikaanse landen weggebleven.
In 1980, de spelen waren in Moskou, namen de Verenigde Staten geen deel, en nog een heel stel andere landen, zodat er maar 80 landen vertegenwoordigd waren.
Genoeg hierover, het is duidelijk genoeg: sport en politiek zijn op het internationale toneel onverbrekelijk verbonden. Jammer genoeg.

----------

De illustratie is van Linda Hulshof.
Meer informatie: lindahulshof71@gmail.com

© 2023 Arie de Jong
powered by CJ2