archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 20
Jaargang 19
29 september 2022
Nummer 1 verschijnt op
13 oktober 2022
Beschouwingen > In de polder delen printen terug
Persoonlijkheid boven opleidingsniveau° Rosanna Can

1919BS Rosanna1919BS Heelkleindreesje
Een paar keer in het jaar komt mijn familie samen. We kletsen dan urenlang en vragen altijd hoe het nu met elkaar gaat. Het onderwerp school komt dan altijd naar voren. Mijn zus en nichtjes vertellen dan vol trots dat ze vwo, hbo en universiteit doen of hebben gedaan.
Vóór mijn hbo-opleiding volgde ik de kappersopleiding op het mbo. Als ik dan aan de beurt was om te vertellen hoe het ging was de eerste vraag altijd: ‘Nog steeds aan het knippen?’. Ik voelde altijd een bepaalde vorm van kleinering, alsof ik me moest schamen dat ik mbo deed.

Op de basisschool leer je al dat je laagopgeleiden hebt en hoogopgeleiden. Je bereidt je heel de basisschool al voor op de Cito-toets. Scoor je hoog dan ben je slim, scoor je laag dan ben je dom. Je wordt dus eigenlijk al in vakjes ingedeeld, en als je anders bent, val je buiten de groep. Op de basisschool was er diversiteit en inclusiviteit, maar op het moment dat jij je citoscore weet, valt dat compleet weg. Zo kom je op een school met alleen ‘laagopgeleiden’ of een school met alleen ‘hoogopgeleiden’.

Na de basisschool word je zo erg in groepen verdeeld dat je het nog niet eens door
hebt. Misschien alleen thuis, omdat je ouders je willen pushen om een hoger niveau te gaan doen. Op het vmbo maakte ik veel vrienden en iedereen was even slim, natuurlijk had je studenten die hoger scoorden, alleen niemand noemde je laagopgeleid. Totdat je naar het mbo gaat, daar merkte ik wel een verschil. Niet studenten onderling, maar vooral van andere mensen. Wanneer je zei dat je mbo ging doen, dan kreeg ik altijd de vraag: ‘Kan je niet beter doorstromen naar havo?’. Dit was vooral bij mijn moeders kant van de familie, maar bij mijn vaders kant was het precies het tegenovergestelde. Daar hadden ze juist commentaar toen ik hbo ging doen. Mijn vaders kant van de familie zijn vooral vakmensen, zij hebben heel kort gestudeerd of helemaal niet. Mijn vader zei altijd: ‘ga toch eens werken, met alleen boeken lezen bereik je niks’. Wat ik hiermee wil zeggen is dat het niet alleen van één kant komt. Ook de ‘laagopgeleiden’ kunnen een negatieve kijk hebben op ‘hoogopgeleiden’. Ze vinden vaak dat ze juist helemaal geen kennis hebben, want waarom zouden ze naar iemand luisteren die nooit in het veld heeft gestaan, maar het alleen heeft bestudeerd?

Eén van de eerste lessen die ik kreeg op het hbo was een online les. Er was iemand die veel vragen stelde en in de chat kon je lezen:  ‘Dat moet zeker een mbo’er zijn geweest’. Veel mensen zien een opleiding als een deel van hun identiteit. Dit komt omdat je van kleins af aan al krijgt te horen dat je laag of hoog bent. Je wordt in groepjes verdeeld, en zo groei je op in de samenleving. Hierdoor ontstaat er een kloof in de samenleving en de opkomst van de diploma-democratie. Mark Bovens en Anchrit Wille uitten dat Nederland wordt bestuurd door burgers met de hoogste diploma’s. Hooggeschoolden hebben andere politieke voorkeuren dan laagopgeleiden. Hebben laagopgeleiden dan nog wel wat te vertellen in Nederland? En hoe inclusief is Nederland dan? Steeds meer mensen willen een hogere opleiding volgen, omdat de loonkloof tussen laag- en hoogopgeleiden steeds groter wordt. De diverse populatie in Nederland neemt hierdoor af. Nederland heeft niks aan een wereld met alleen theoretisch geschoolden. Onbedoeld zetten wij vakmensen weg als minderwaardig indien ze laagopgeleid zijn. Zoals Marianne Zwagerman zei: ‘Stop met mensen laagopgeleid noemen. Ze zijn praktisch opgeleid, dat is niet slechter dan theoretisch. Er zijn zat mensen die theoretisch zijn opgeleid en niks kunnen’. Zelfs nu ik HBO doe raakt dit me nog steeds. Eindelijk iemand die zegt dat ik helemaal niet laag was en dat ik even slim ben als iemand met een hoger niveau. Ik was alleen anders slim. Het erge is dat ik mezelf nog steeds wil bewijzen tegenover mijn familie/vrienden. Ik wil ook met volle trots vertellen dat ik een hogere opleiding volg puur om erbij te horen. Dat ik echt gehoord word tijdens de familiebijeenkomsten.

Zo maak ik van jongs af aan al mee dan ik niet bij de groep hoor van hoogopgeleiden. Ik wou daar altijd zo graag bij horen, en nu ik erbij zit voel ik me nog steeds hetzelfde. Net zo slim als toen ik een mbo-opleiding volgde. Je bent praktisch opgeleid of theoretisch opgeleid en niet laag of hoog. Je opleidingsniveau is misschien een deel van je persoonlijke groei, maar het is niet je identiteit. Voor mij bestaan er geen mensen die hoog of laag zijn opgeleid.
Iedereen is anders en we hebben elkaar juist nodig om de samenleving draaiende te houden.



© 2022 Rosanna Can meer Rosanna Can - meer "In de polder"
Beschouwingen > In de polder
Persoonlijkheid boven opleidingsniveau° Rosanna Can
1919BS Rosanna1919BS Heelkleindreesje
Een paar keer in het jaar komt mijn familie samen. We kletsen dan urenlang en vragen altijd hoe het nu met elkaar gaat. Het onderwerp school komt dan altijd naar voren. Mijn zus en nichtjes vertellen dan vol trots dat ze vwo, hbo en universiteit doen of hebben gedaan.
Vóór mijn hbo-opleiding volgde ik de kappersopleiding op het mbo. Als ik dan aan de beurt was om te vertellen hoe het ging was de eerste vraag altijd: ‘Nog steeds aan het knippen?’. Ik voelde altijd een bepaalde vorm van kleinering, alsof ik me moest schamen dat ik mbo deed.

Op de basisschool leer je al dat je laagopgeleiden hebt en hoogopgeleiden. Je bereidt je heel de basisschool al voor op de Cito-toets. Scoor je hoog dan ben je slim, scoor je laag dan ben je dom. Je wordt dus eigenlijk al in vakjes ingedeeld, en als je anders bent, val je buiten de groep. Op de basisschool was er diversiteit en inclusiviteit, maar op het moment dat jij je citoscore weet, valt dat compleet weg. Zo kom je op een school met alleen ‘laagopgeleiden’ of een school met alleen ‘hoogopgeleiden’.

Na de basisschool word je zo erg in groepen verdeeld dat je het nog niet eens door
hebt. Misschien alleen thuis, omdat je ouders je willen pushen om een hoger niveau te gaan doen. Op het vmbo maakte ik veel vrienden en iedereen was even slim, natuurlijk had je studenten die hoger scoorden, alleen niemand noemde je laagopgeleid. Totdat je naar het mbo gaat, daar merkte ik wel een verschil. Niet studenten onderling, maar vooral van andere mensen. Wanneer je zei dat je mbo ging doen, dan kreeg ik altijd de vraag: ‘Kan je niet beter doorstromen naar havo?’. Dit was vooral bij mijn moeders kant van de familie, maar bij mijn vaders kant was het precies het tegenovergestelde. Daar hadden ze juist commentaar toen ik hbo ging doen. Mijn vaders kant van de familie zijn vooral vakmensen, zij hebben heel kort gestudeerd of helemaal niet. Mijn vader zei altijd: ‘ga toch eens werken, met alleen boeken lezen bereik je niks’. Wat ik hiermee wil zeggen is dat het niet alleen van één kant komt. Ook de ‘laagopgeleiden’ kunnen een negatieve kijk hebben op ‘hoogopgeleiden’. Ze vinden vaak dat ze juist helemaal geen kennis hebben, want waarom zouden ze naar iemand luisteren die nooit in het veld heeft gestaan, maar het alleen heeft bestudeerd?

Eén van de eerste lessen die ik kreeg op het hbo was een online les. Er was iemand die veel vragen stelde en in de chat kon je lezen:  ‘Dat moet zeker een mbo’er zijn geweest’. Veel mensen zien een opleiding als een deel van hun identiteit. Dit komt omdat je van kleins af aan al krijgt te horen dat je laag of hoog bent. Je wordt in groepjes verdeeld, en zo groei je op in de samenleving. Hierdoor ontstaat er een kloof in de samenleving en de opkomst van de diploma-democratie. Mark Bovens en Anchrit Wille uitten dat Nederland wordt bestuurd door burgers met de hoogste diploma’s. Hooggeschoolden hebben andere politieke voorkeuren dan laagopgeleiden. Hebben laagopgeleiden dan nog wel wat te vertellen in Nederland? En hoe inclusief is Nederland dan? Steeds meer mensen willen een hogere opleiding volgen, omdat de loonkloof tussen laag- en hoogopgeleiden steeds groter wordt. De diverse populatie in Nederland neemt hierdoor af. Nederland heeft niks aan een wereld met alleen theoretisch geschoolden. Onbedoeld zetten wij vakmensen weg als minderwaardig indien ze laagopgeleid zijn. Zoals Marianne Zwagerman zei: ‘Stop met mensen laagopgeleid noemen. Ze zijn praktisch opgeleid, dat is niet slechter dan theoretisch. Er zijn zat mensen die theoretisch zijn opgeleid en niks kunnen’. Zelfs nu ik HBO doe raakt dit me nog steeds. Eindelijk iemand die zegt dat ik helemaal niet laag was en dat ik even slim ben als iemand met een hoger niveau. Ik was alleen anders slim. Het erge is dat ik mezelf nog steeds wil bewijzen tegenover mijn familie/vrienden. Ik wil ook met volle trots vertellen dat ik een hogere opleiding volg puur om erbij te horen. Dat ik echt gehoord word tijdens de familiebijeenkomsten.

Zo maak ik van jongs af aan al mee dan ik niet bij de groep hoor van hoogopgeleiden. Ik wou daar altijd zo graag bij horen, en nu ik erbij zit voel ik me nog steeds hetzelfde. Net zo slim als toen ik een mbo-opleiding volgde. Je bent praktisch opgeleid of theoretisch opgeleid en niet laag of hoog. Je opleidingsniveau is misschien een deel van je persoonlijke groei, maar het is niet je identiteit. Voor mij bestaan er geen mensen die hoog of laag zijn opgeleid.
Iedereen is anders en we hebben elkaar juist nodig om de samenleving draaiende te houden.

© 2022 Rosanna Can
powered by CJ2