archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 4
Jaargang 20
24 november 2022
Beschouwingen > In de polder delen printen terug
Met de kennis en de blik van nu Arie de Jong

1917BS Judt
Ooit muntte Jan Peter Balkenende, toen minister-president, de uitdrukking ‘met de kennis van nu’. Er werd lacherig over gedaan. Balkenende deed die uitspraak in januari 2010 en het ging over de deelname van Nederland bij de inval in Irak in 2003. Een rapport (Commissie Davids) had uitgewezen dat de grondslag voor die deelname ontbrak. Het gaat mijn kennis te boven of Balkenende jokte, en dat hij ook in 2003 tot het oordeel had moeten komen dat Nederland buiten die inval moest blijven. Daarbij heb ik enige tolerantie opgebouwd voor politici die, in het licht van de schijnwerpers van de media, een loopje nemen met de waarheid als grote belangen op het spel staan. Waar het mij om gaat: terecht wees Balkenende er op dat je achteraf meer weet dan op het moment dat je een knoop moet doorhakken. Je moet het op dat moment doen met de kennis van dat moment. Meer nog: je doet het doorhakken van die knoop ook met de manier waarop je op dat moment naar de feiten kijkt en in een context die bewust of onbewust wordt meegewogen bij de beslissing. Met drie parlementaire enquêtes in het vooruitzicht, is het goed om met deze relativering rekening te houden.
Dat je rekening moet houden met de kennis van het moment, met de manier van kijken en zelfs met de context waarin analyses worden gemaakt en beslissingen worden genomen, dat snapt iedereen wel, in abstracto. Maar net hoe het uitkomt (op metaniveau gaat het om hetzelfde) levert dit begrip op, of hoongelach.

De blik op het verleden

Een stap verder is manipuleren van de blik op het verleden. De helaas te vroeg overleden Britse historicus Tony Judt zei daarover in het boek ‘Denken over de twintigste eeuw’: ‘Het verleden vertekenen is de oudste vorm van controle over wat men weet. Als je de macht hebt over de interpretatie van wat er vroeger is gebeurd (of daar domweg over kunt liegen) liggen het heden en de toekomst aan je voeten. Het is dus doodgewoon democratische wijsheid om te zorgen dat de bevolking goed over het verleden is geïnformeerd.’ 

We zijn het gewend om zo te spreken over Rusland, China en Turkije. Dat daar voortdurend aan geschiedvervalsing wordt gedaan, behoeft geen betoog. Legendarisch was de herschrijving van de geschiedenis in de Sovjet-Unie en het noodzakelijke retoucheren van foto’s om in ongenade gevallen functionarissen te verdonkeremanen. Tony Judt breekt zijn lans echter over de westerse landen. 

Jarenlang werkte hij in de Verenigde Staten en hij hekelt het gebrek aan historische kennis in dat land. Wat weet men daar echt af van de Europese geschiedenis? De Tweede Wereldoorlog wordt geplaatst in het raam van de Holocaust. De idee wordt gewekt dat deelname van de Verenigde Staten voortkwam uit de moord op de Joden, terwijl de feiten zijn dat dit totaal geen rol speelde. Erger, dat terwijl al in 1941 bekend was dat de Duitsers op grote schaal de Joodse bevolking vermoordden en vernietigingskampen werden ontwikkeld, geen energie werd gestoken in het tegengaan daarvan. Pas na de oorlog bleek langzamerhand welk drama zich had afgespeeld en werd de Holocaust tot een maatstaf hoe erg de Duitsers zich hadden gedragen. Om zelfs door te schieten naar rechtvaardigingsgronden voor Amerikaanse acties als in Irak. Ook schetst Tony Judt dat in verschillende landen van Europa men met het eigen verleden behoorlijk in de knoop is geraakt. Hij noemt Nederland, Frankrijk en Spanje en zijn eigen Groot-Brittannië. Ook noemt hij landen die de identiteit ontlenen aan mythische verhalen over het eigen verleden: Griekenland, Servië, Kroatië, Armenië en Israël. Kortom, de verhalen die over de geschiedenis worden verteld en onderwezen op de middelbare scholen zijn kwetsbaar voor vertekening.

Voor mijzelf was lezing van het briljante boek van Peter Raedts, ‘De ontdekking van de Middeleeuwen’, een fikse duw om door te hebben hoe tijdgebonden een blik op het verleden meestal is. Tony Judt scherpt dat beeld aan.
Onvermijdelijk is dan de vraag: wat kun je er aan doen om een betrouwbaar beeld van het verleden te krijgen, en daarbij tegelijk te beseffen hoe zeer dat beeld telkens weer tijdgebonden is en verschuift?



© 2022 Arie de Jong meer Arie de Jong - meer "In de polder" -
Beschouwingen > In de polder
Met de kennis en de blik van nu Arie de Jong
1917BS Judt
Ooit muntte Jan Peter Balkenende, toen minister-president, de uitdrukking ‘met de kennis van nu’. Er werd lacherig over gedaan. Balkenende deed die uitspraak in januari 2010 en het ging over de deelname van Nederland bij de inval in Irak in 2003. Een rapport (Commissie Davids) had uitgewezen dat de grondslag voor die deelname ontbrak. Het gaat mijn kennis te boven of Balkenende jokte, en dat hij ook in 2003 tot het oordeel had moeten komen dat Nederland buiten die inval moest blijven. Daarbij heb ik enige tolerantie opgebouwd voor politici die, in het licht van de schijnwerpers van de media, een loopje nemen met de waarheid als grote belangen op het spel staan. Waar het mij om gaat: terecht wees Balkenende er op dat je achteraf meer weet dan op het moment dat je een knoop moet doorhakken. Je moet het op dat moment doen met de kennis van dat moment. Meer nog: je doet het doorhakken van die knoop ook met de manier waarop je op dat moment naar de feiten kijkt en in een context die bewust of onbewust wordt meegewogen bij de beslissing. Met drie parlementaire enquêtes in het vooruitzicht, is het goed om met deze relativering rekening te houden.
Dat je rekening moet houden met de kennis van het moment, met de manier van kijken en zelfs met de context waarin analyses worden gemaakt en beslissingen worden genomen, dat snapt iedereen wel, in abstracto. Maar net hoe het uitkomt (op metaniveau gaat het om hetzelfde) levert dit begrip op, of hoongelach.

De blik op het verleden

Een stap verder is manipuleren van de blik op het verleden. De helaas te vroeg overleden Britse historicus Tony Judt zei daarover in het boek ‘Denken over de twintigste eeuw’: ‘Het verleden vertekenen is de oudste vorm van controle over wat men weet. Als je de macht hebt over de interpretatie van wat er vroeger is gebeurd (of daar domweg over kunt liegen) liggen het heden en de toekomst aan je voeten. Het is dus doodgewoon democratische wijsheid om te zorgen dat de bevolking goed over het verleden is geïnformeerd.’ 

We zijn het gewend om zo te spreken over Rusland, China en Turkije. Dat daar voortdurend aan geschiedvervalsing wordt gedaan, behoeft geen betoog. Legendarisch was de herschrijving van de geschiedenis in de Sovjet-Unie en het noodzakelijke retoucheren van foto’s om in ongenade gevallen functionarissen te verdonkeremanen. Tony Judt breekt zijn lans echter over de westerse landen. 

Jarenlang werkte hij in de Verenigde Staten en hij hekelt het gebrek aan historische kennis in dat land. Wat weet men daar echt af van de Europese geschiedenis? De Tweede Wereldoorlog wordt geplaatst in het raam van de Holocaust. De idee wordt gewekt dat deelname van de Verenigde Staten voortkwam uit de moord op de Joden, terwijl de feiten zijn dat dit totaal geen rol speelde. Erger, dat terwijl al in 1941 bekend was dat de Duitsers op grote schaal de Joodse bevolking vermoordden en vernietigingskampen werden ontwikkeld, geen energie werd gestoken in het tegengaan daarvan. Pas na de oorlog bleek langzamerhand welk drama zich had afgespeeld en werd de Holocaust tot een maatstaf hoe erg de Duitsers zich hadden gedragen. Om zelfs door te schieten naar rechtvaardigingsgronden voor Amerikaanse acties als in Irak. Ook schetst Tony Judt dat in verschillende landen van Europa men met het eigen verleden behoorlijk in de knoop is geraakt. Hij noemt Nederland, Frankrijk en Spanje en zijn eigen Groot-Brittannië. Ook noemt hij landen die de identiteit ontlenen aan mythische verhalen over het eigen verleden: Griekenland, Servië, Kroatië, Armenië en Israël. Kortom, de verhalen die over de geschiedenis worden verteld en onderwezen op de middelbare scholen zijn kwetsbaar voor vertekening.

Voor mijzelf was lezing van het briljante boek van Peter Raedts, ‘De ontdekking van de Middeleeuwen’, een fikse duw om door te hebben hoe tijdgebonden een blik op het verleden meestal is. Tony Judt scherpt dat beeld aan.
Onvermijdelijk is dan de vraag: wat kun je er aan doen om een betrouwbaar beeld van het verleden te krijgen, en daarbij tegelijk te beseffen hoe zeer dat beeld telkens weer tijdgebonden is en verschuift?

© 2022 Arie de Jong
powered by CJ2