archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Luister! delen printen terug
Last man standing Henk Klaren

0302 VG Luister Zeelandsuite
'From the rocking of the cradle to the rolling of the hearse, going up was worth the coming down.'  Een regel uit The Pilgrim van Kris Kristofferson. Het zijn de afsluitende woorden op het laatste album van Jerry Lee Lewis, uitgesproken door Kristofferson na een uitvoering van The Pilgrim door hen beiden. The Pilgrim zou aanvankelijk ook de titel van het album zijn. Maar toen ging Johnny Cash dood en nu heet het Last Man Standing. Roy Orbison, Carl Perkins en Elvis zijn immers ook al dood. Jerry Lee is de laatste van de Class of ’55 (een gezamenlijk album, maar zonder Elvis) en het Million Dollar Quartet. Dat laatste is een wel heel bijzonder document. Jerry Lee, Elvis en Carl Perkins waren wat aan het jammen in de studio. Johnny Cash kwam er later bij. Men liet de band lopen en er is een LP van uitgebracht, veel later ook een CD. Heel apart, veel gospels. Maar ja, al die lui zijn dood, behalve Jerry Lee: de last man standing.

Jerry Lee Lewis is nu zeventig jaar oud. Als je over zijn leven leest, bijvoorbeeld in het boek van zijn zus Linda Gail: The Devil, Me and Jerry Lee, houd je dat niet voor mogelijk. Een leven vol drank, drugs, vuurwapens en vechtpartijen, huwelijken (zes stuks) en – oh ja – ook religie. Naast de muziek. Dat gaat kennelijk allemaal samen. Linda Gail, veel jonger dan Jerry Lee, heeft vijftien jaar lang met hem opgetreden. Een wilde meid hoor. Ook niet onbekend met drank en drugs vertelt ze met smaak hoe een hooggehakte schoen in een wapen kan worden omgetoverd. Qua huwelijken is ze Jerry Lee de baas: ze is acht keer getrouwd, waarvan twee keer met dezelfde man en één keer met een Elvis-impersonator. Over dat laatste doet ze beetje beschaamd. Ze treedt nu zonder haar broer op. Ze heeft een hele leuke CD gemaakt met Van Morrison en ook eentje met haar twee dochters. Daar staat één heel leuk rocknummer op met een echte Lewis-piano. Ik heb het nummer gehoord op de radio. De rest van de CD schijnt anders van stijl te zijn..

Terug naar Jerry Lee. Hij leeft dus nog. In tegenstelling tot zijn maatjes uit de tijd van het Sun-label. Ook twee van zijn exen en twee van zijn kinderen zijn door ongelukken om het leven gekomen. Net als zijn oudste broer trouwens, op jeugdige leeftijd. De laatste jaren was hij wel wat weggezakt. Oud, ziek en moe. Je kunt je er wat bij voorstellen. Maar in 2001 gingen Steve Bing, een producer en Lewisfan, en zijn vriend Jimmy Rip naar hem op zoek. Bing wilde wat nummers met hem opnemen voor een film waaraan hij werkte. Op den duur leidde dat tot Last Man Standing. Een album waaraan een flinke portie van de fine fleur van de pop- en countrymuziek jaren aan meegewerkt heeft. Toegegeven: het geriatrisch gehalte ligt nogal hoog, maar de CD klinkt vitaler dan wat veel jongeren nu op de markt brengen. In de flaptekst wordt opgemerkt, dat Jerry Lee tijdens het project steeds beter geluimd werd en dat zijn gezondheid verbeterde.

Volgens Linda Gail had hij met de Britse beatgroepen (zo heette dat toen), die hem min of meer uit de markt prijsden, niet veel op. Behalve met de Beatles dan, omdat John Lennon, die eens met Yoko Ono op bezoek kwam, naar hem toe kroop en zijn voeten kuste. Hij was klaarblijkelijk gevoelig voor positieve feedback. Anno 2006 lijken zijn gevoelens voor Britse popmuziek positiever te zijn. Op Last Man Standing tref je bijdragen aan van: Jimmy Page, Mick Jagger, Ronnie Wood, Keith Richards, Ringo Starr, Rod Stewart en Eric Clapton.

Het is een heel gevarieerd album: rock and roll (het eerste nummer heet zelfs zo en Little Richard zingt mee op I Saw her Standing there, Springsteen op Pink Cadillac en John Fogerty op Travelin’ Band), blues (BB King doet mee op Before the Night is Over), veel country natuurlijk ( George Jones, Merle Haggard, Willie Nelson, Buddy Guy) en zelfs Ierse muziek. Er staat een nummer van Van Morrison op de CD: What Makes the Irish Heart Beat, met Don Henley van de Eagles. Als je dat nummer hoort denk je even aan de Chieftains. Dat is ook geen wonder, want Paddy Moloney speelt pipes and whistles. Het geriatrisch gehalte komt ook terug in een aantal nummers, waarin ouder worden een thema is. Naast The Pilgrim ook: Couple more Years en Don’t be Ashamed of your Age. Twilight, met Robbie Robertson, hoort daar misschien ook wel bij.

Ik houd van dit soort projecten en dit is wel een heel geslaagd voorbeeld. Jim Keltner op drums op de meeste nummers helpt natuurlijk ook. Maar ondanks al die namen van lieden die gewend zijn de eerste viool te spelen en ondanks al die verschillende muziekstijlen is het een Jerry Lee Lewis album. Zijn stem en zijn piano domineren op alle nummers. De anderen helpen alleen maar om het nóg mooier te maken.
 
 
********************************************************
Wilt u meer weten over hyperventilatie? Ga naar www.hyperventilatie.org .


© 2006 Henk Klaren meer Henk Klaren - meer "Luister!" -
Vermaak en Genot > Luister!
Last man standing Henk Klaren
0302 VG Luister Zeelandsuite
'From the rocking of the cradle to the rolling of the hearse, going up was worth the coming down.'  Een regel uit The Pilgrim van Kris Kristofferson. Het zijn de afsluitende woorden op het laatste album van Jerry Lee Lewis, uitgesproken door Kristofferson na een uitvoering van The Pilgrim door hen beiden. The Pilgrim zou aanvankelijk ook de titel van het album zijn. Maar toen ging Johnny Cash dood en nu heet het Last Man Standing. Roy Orbison, Carl Perkins en Elvis zijn immers ook al dood. Jerry Lee is de laatste van de Class of ’55 (een gezamenlijk album, maar zonder Elvis) en het Million Dollar Quartet. Dat laatste is een wel heel bijzonder document. Jerry Lee, Elvis en Carl Perkins waren wat aan het jammen in de studio. Johnny Cash kwam er later bij. Men liet de band lopen en er is een LP van uitgebracht, veel later ook een CD. Heel apart, veel gospels. Maar ja, al die lui zijn dood, behalve Jerry Lee: de last man standing.

Jerry Lee Lewis is nu zeventig jaar oud. Als je over zijn leven leest, bijvoorbeeld in het boek van zijn zus Linda Gail: The Devil, Me and Jerry Lee, houd je dat niet voor mogelijk. Een leven vol drank, drugs, vuurwapens en vechtpartijen, huwelijken (zes stuks) en – oh ja – ook religie. Naast de muziek. Dat gaat kennelijk allemaal samen. Linda Gail, veel jonger dan Jerry Lee, heeft vijftien jaar lang met hem opgetreden. Een wilde meid hoor. Ook niet onbekend met drank en drugs vertelt ze met smaak hoe een hooggehakte schoen in een wapen kan worden omgetoverd. Qua huwelijken is ze Jerry Lee de baas: ze is acht keer getrouwd, waarvan twee keer met dezelfde man en één keer met een Elvis-impersonator. Over dat laatste doet ze beetje beschaamd. Ze treedt nu zonder haar broer op. Ze heeft een hele leuke CD gemaakt met Van Morrison en ook eentje met haar twee dochters. Daar staat één heel leuk rocknummer op met een echte Lewis-piano. Ik heb het nummer gehoord op de radio. De rest van de CD schijnt anders van stijl te zijn..

Terug naar Jerry Lee. Hij leeft dus nog. In tegenstelling tot zijn maatjes uit de tijd van het Sun-label. Ook twee van zijn exen en twee van zijn kinderen zijn door ongelukken om het leven gekomen. Net als zijn oudste broer trouwens, op jeugdige leeftijd. De laatste jaren was hij wel wat weggezakt. Oud, ziek en moe. Je kunt je er wat bij voorstellen. Maar in 2001 gingen Steve Bing, een producer en Lewisfan, en zijn vriend Jimmy Rip naar hem op zoek. Bing wilde wat nummers met hem opnemen voor een film waaraan hij werkte. Op den duur leidde dat tot Last Man Standing. Een album waaraan een flinke portie van de fine fleur van de pop- en countrymuziek jaren aan meegewerkt heeft. Toegegeven: het geriatrisch gehalte ligt nogal hoog, maar de CD klinkt vitaler dan wat veel jongeren nu op de markt brengen. In de flaptekst wordt opgemerkt, dat Jerry Lee tijdens het project steeds beter geluimd werd en dat zijn gezondheid verbeterde.

Volgens Linda Gail had hij met de Britse beatgroepen (zo heette dat toen), die hem min of meer uit de markt prijsden, niet veel op. Behalve met de Beatles dan, omdat John Lennon, die eens met Yoko Ono op bezoek kwam, naar hem toe kroop en zijn voeten kuste. Hij was klaarblijkelijk gevoelig voor positieve feedback. Anno 2006 lijken zijn gevoelens voor Britse popmuziek positiever te zijn. Op Last Man Standing tref je bijdragen aan van: Jimmy Page, Mick Jagger, Ronnie Wood, Keith Richards, Ringo Starr, Rod Stewart en Eric Clapton.

Het is een heel gevarieerd album: rock and roll (het eerste nummer heet zelfs zo en Little Richard zingt mee op I Saw her Standing there, Springsteen op Pink Cadillac en John Fogerty op Travelin’ Band), blues (BB King doet mee op Before the Night is Over), veel country natuurlijk ( George Jones, Merle Haggard, Willie Nelson, Buddy Guy) en zelfs Ierse muziek. Er staat een nummer van Van Morrison op de CD: What Makes the Irish Heart Beat, met Don Henley van de Eagles. Als je dat nummer hoort denk je even aan de Chieftains. Dat is ook geen wonder, want Paddy Moloney speelt pipes and whistles. Het geriatrisch gehalte komt ook terug in een aantal nummers, waarin ouder worden een thema is. Naast The Pilgrim ook: Couple more Years en Don’t be Ashamed of your Age. Twilight, met Robbie Robertson, hoort daar misschien ook wel bij.

Ik houd van dit soort projecten en dit is wel een heel geslaagd voorbeeld. Jim Keltner op drums op de meeste nummers helpt natuurlijk ook. Maar ondanks al die namen van lieden die gewend zijn de eerste viool te spelen en ondanks al die verschillende muziekstijlen is het een Jerry Lee Lewis album. Zijn stem en zijn piano domineren op alle nummers. De anderen helpen alleen maar om het nóg mooier te maken.
 
 
********************************************************
Wilt u meer weten over hyperventilatie? Ga naar www.hyperventilatie.org .
© 2006 Henk Klaren
powered by CJ2