archiefvorig nr.lopend nr.

Bezigheden > Ergernissen delen printen terug
Bureaucratie in het klein Bram Schilperoord

2117BZ BureacratieNederland is een superieur land, want als je door ziekte, een handicap of ouderdom zorg nodig hebt, en door gebrek aan financiën die benodigde zorg niet kunt bekostigen zijn daar altijd voorzieningen voorhanden. De afhandeling komt voor rekening van de gemeente waar je woonachtig bent en is geregeld bij een wet genaamd Wet Maatschappelijke Ondersteuning, afgekort als WMO. Dat volstaat niet met een telefoontje, dat spreekt, om in aanmerking te komen voor deze zorg dient eerst een gesprek plaats te vinden en een scala van formulieren ingevuld te worden. Vaak vindt dan ook nog een bezoekje aan huis plaats, waarschijnlijk om te controleren of de zorgaanvrager er niet te riant op los leeft en de boel wel uit eigen portemonnee zou kunnen betalen. Zes jaar geleden, ik was inmiddels 84 jaar, werd ik door leeftijdsgenoten attent gemaakt op deze regeling, die gezien mijn gevorderde leeftijd ook voorzag in een aantal nutsvoorzieningen, variërend van ‘dagbesteding’, woningaanpassing, een rolstoel of scootmobiel, tot ook huishoudelijke hulp. Dat laatste leek me wel goed van pas te komen want ik was niet meer zo handig met de stofzuiger en ook het ramen lappen liet ik nog wel eens achterwege. Ik zat (en zit) krap in mijn geld want een leven lang een freelance bestaan als tekstschrijver/journalist en op latere leeftijd beland in de ‘reiswereld' had geen enkel pensioenrecht opgeleverd, zodat mijn inkomen beperkt is gebleven tot een AOW uitkering. Een leven niet berekend op onvoorziene uitgaven.

PGB-WMO

Ter zake, mijn contacten met de gemeentelijke WMO instanties verliepen aanvankelijk voorspoedig zodat ik weldra via een instantie een zorgverlener kreeg toegewezen die mijn boeltje wel voor een  paar uurtjes in de week schoon zou kunnen houden. Maar dat viel tegen want de dame die vervolgens een paar weken achter elkaar verscheen was niet het prototype van een huishoudelijke hulp.
Bij binnenkomst vroeg ze steevast of ze even van mijn mobiele telefoon gebruik mocht maken voor een gesprekje met een vriendin in een overzees land. dat doorgaans een half uurtje duurde. Daarna bliefde ze wel een kopje thee, vroeg waar het stoffer en blik hing, en daarmee was de kous wel zo’n beetje af. Ze was in dienst van een organisatie die niet veel later failliet ging.
Nadere informatie leerde mij dat er naast de WMO ook nog zoiets bestond als PGB, afkorting van Persoonsgebonden Budget, waarbij je zelf de regie in handen houdt. Met andere woorden, je zelf een geschikte huishoudelijke hulp probeert te vinden en de administratieve handelingen ook zelf verzorgt. Ik vond na enig zoeken en wat aanbevelingen een gediplomeerde zorgverlener die inmiddels al vijf jaar(!) lang bij mij de boel aan kant houdt en elke woensdag gedurende 2,25 uur de gebruikelijke huishoudelijke werkzaamheden verricht. Zij stuurt mij maandelijks haar digitale rekening, die ik op mijn beurt declareer bij de SVB (Sociale Verzekeringsbank) en die haar dan wordt toegekend. Mijn eigen bijdrage ad 20,60 euro wordt maandelijks afgeschreven door het CAK. Tot zover niets nieuws.

Hoe kiest u de zorgverlener

Alles ging gesmeerd totdat ik deze maand april bericht kreeg dat mijn budget per 17 juni wordt stopgezet en dat ik een nieuwe aanvraag moet doen die goedkeuring moet verkrijgen van een extern bureau, waarna door de gemeente een beslissing zou worden genomen voor  het verstrekken van de (nieuwe) WMO-bijdrage. Tegelijk kreeg ik een 8 pagina’s tellend formulier in de bus dat zorgvuldig moest worden ingevuld. Zo werd ik verzocht mijn mening te geven over de werkzaamheden van mijn huishoudelijke hulp. Wat kon ik anders schrijven dan dat alles (al 5 jaar) naar tevredenheid verliep. Na alle ter zake dienende vragen zorgvuldig te hebben ingevuld en de formulieren benevens een uittreksel van de KvK inschrijving van mijn huishoudelijke hulp op de post gedaan te hebben, kreeg ik de hele boel weer terug met de mededeling dat ik enkele vragen niet had ingevuld, Zo luidde vraag 7a: ‘Hoe kiest u de zorgverlener? Waar let u op?' De zorgverlener was mij ooit aanbevolen en hield al vijf jaar lang mijn huis brandschoon. Zou dat een goed antwoord zijn. Dat is geen ambtelijke taal dus veranderde ik het een beetje.

Hoe bewaakt u de kwaliteit van de zorgverlener

Vraag 7b luidde: ‘Hoe bewaakt u de kwaliteit van de zorg die de zorgverlener levert?' Wat moest  hierop mijn antwoord zijn? Moest ik vanuit mijn 'luie stoel' elke week toekijken of er wel genoeg schoongemaakt werd. En als rechtgeaarde werkgever bij eventuele bezwaren de gemeente bellen? Ook die vraag beantwoordde ik met een aangepast woordgebruik.
Wederom stuurde ik de boel voldoende gefrankeerd naar het opgegeven adres, waarna ik een paar dagen later een mailtje kreeg dat er niets was ontvangen. Wat stond mij nu te doen? Voor de derde keer vulde ik het formulierenbestand maar weer eens in. En ditmaal bracht ik het persoonlijk naar het externe bureau dat in een verre buitenwijk was gevestigd. Dus niet in een brievenbus maar persoonlijk aan een employee afgegeven met het verzoek om het gelijk door te nemen voor eventueel minder gewenste antwoorden. Na een half uurtje wachten kwam de dienstdoende employee terug met de geruststellende mededeling dat ik het formulier naar tevredenheid had ingevuld.
Ook een paar dagen later kreeg ik een berichtje dat er op 27 juni een persoonlijk gesprek bij mij thuis zou plaatsvinden. Waarna hopelijk de kou uit de lucht is, om het maar eens ouderwets te zeggen. Ben benieuwd.

----------

De illustratie is van Linda Hulshof,
Meer informatie: lindahulshof71@gmail.com



© 2024 Bram Schilperoord meer Bram Schilperoord - meer "Ergernissen"
Bezigheden > Ergernissen
Bureaucratie in het klein Bram Schilperoord
2117BZ BureacratieNederland is een superieur land, want als je door ziekte, een handicap of ouderdom zorg nodig hebt, en door gebrek aan financiën die benodigde zorg niet kunt bekostigen zijn daar altijd voorzieningen voorhanden. De afhandeling komt voor rekening van de gemeente waar je woonachtig bent en is geregeld bij een wet genaamd Wet Maatschappelijke Ondersteuning, afgekort als WMO. Dat volstaat niet met een telefoontje, dat spreekt, om in aanmerking te komen voor deze zorg dient eerst een gesprek plaats te vinden en een scala van formulieren ingevuld te worden. Vaak vindt dan ook nog een bezoekje aan huis plaats, waarschijnlijk om te controleren of de zorgaanvrager er niet te riant op los leeft en de boel wel uit eigen portemonnee zou kunnen betalen. Zes jaar geleden, ik was inmiddels 84 jaar, werd ik door leeftijdsgenoten attent gemaakt op deze regeling, die gezien mijn gevorderde leeftijd ook voorzag in een aantal nutsvoorzieningen, variërend van ‘dagbesteding’, woningaanpassing, een rolstoel of scootmobiel, tot ook huishoudelijke hulp. Dat laatste leek me wel goed van pas te komen want ik was niet meer zo handig met de stofzuiger en ook het ramen lappen liet ik nog wel eens achterwege. Ik zat (en zit) krap in mijn geld want een leven lang een freelance bestaan als tekstschrijver/journalist en op latere leeftijd beland in de ‘reiswereld' had geen enkel pensioenrecht opgeleverd, zodat mijn inkomen beperkt is gebleven tot een AOW uitkering. Een leven niet berekend op onvoorziene uitgaven.

PGB-WMO

Ter zake, mijn contacten met de gemeentelijke WMO instanties verliepen aanvankelijk voorspoedig zodat ik weldra via een instantie een zorgverlener kreeg toegewezen die mijn boeltje wel voor een  paar uurtjes in de week schoon zou kunnen houden. Maar dat viel tegen want de dame die vervolgens een paar weken achter elkaar verscheen was niet het prototype van een huishoudelijke hulp.
Bij binnenkomst vroeg ze steevast of ze even van mijn mobiele telefoon gebruik mocht maken voor een gesprekje met een vriendin in een overzees land. dat doorgaans een half uurtje duurde. Daarna bliefde ze wel een kopje thee, vroeg waar het stoffer en blik hing, en daarmee was de kous wel zo’n beetje af. Ze was in dienst van een organisatie die niet veel later failliet ging.
Nadere informatie leerde mij dat er naast de WMO ook nog zoiets bestond als PGB, afkorting van Persoonsgebonden Budget, waarbij je zelf de regie in handen houdt. Met andere woorden, je zelf een geschikte huishoudelijke hulp probeert te vinden en de administratieve handelingen ook zelf verzorgt. Ik vond na enig zoeken en wat aanbevelingen een gediplomeerde zorgverlener die inmiddels al vijf jaar(!) lang bij mij de boel aan kant houdt en elke woensdag gedurende 2,25 uur de gebruikelijke huishoudelijke werkzaamheden verricht. Zij stuurt mij maandelijks haar digitale rekening, die ik op mijn beurt declareer bij de SVB (Sociale Verzekeringsbank) en die haar dan wordt toegekend. Mijn eigen bijdrage ad 20,60 euro wordt maandelijks afgeschreven door het CAK. Tot zover niets nieuws.

Hoe kiest u de zorgverlener

Alles ging gesmeerd totdat ik deze maand april bericht kreeg dat mijn budget per 17 juni wordt stopgezet en dat ik een nieuwe aanvraag moet doen die goedkeuring moet verkrijgen van een extern bureau, waarna door de gemeente een beslissing zou worden genomen voor  het verstrekken van de (nieuwe) WMO-bijdrage. Tegelijk kreeg ik een 8 pagina’s tellend formulier in de bus dat zorgvuldig moest worden ingevuld. Zo werd ik verzocht mijn mening te geven over de werkzaamheden van mijn huishoudelijke hulp. Wat kon ik anders schrijven dan dat alles (al 5 jaar) naar tevredenheid verliep. Na alle ter zake dienende vragen zorgvuldig te hebben ingevuld en de formulieren benevens een uittreksel van de KvK inschrijving van mijn huishoudelijke hulp op de post gedaan te hebben, kreeg ik de hele boel weer terug met de mededeling dat ik enkele vragen niet had ingevuld, Zo luidde vraag 7a: ‘Hoe kiest u de zorgverlener? Waar let u op?' De zorgverlener was mij ooit aanbevolen en hield al vijf jaar lang mijn huis brandschoon. Zou dat een goed antwoord zijn. Dat is geen ambtelijke taal dus veranderde ik het een beetje.

Hoe bewaakt u de kwaliteit van de zorgverlener

Vraag 7b luidde: ‘Hoe bewaakt u de kwaliteit van de zorg die de zorgverlener levert?' Wat moest  hierop mijn antwoord zijn? Moest ik vanuit mijn 'luie stoel' elke week toekijken of er wel genoeg schoongemaakt werd. En als rechtgeaarde werkgever bij eventuele bezwaren de gemeente bellen? Ook die vraag beantwoordde ik met een aangepast woordgebruik.
Wederom stuurde ik de boel voldoende gefrankeerd naar het opgegeven adres, waarna ik een paar dagen later een mailtje kreeg dat er niets was ontvangen. Wat stond mij nu te doen? Voor de derde keer vulde ik het formulierenbestand maar weer eens in. En ditmaal bracht ik het persoonlijk naar het externe bureau dat in een verre buitenwijk was gevestigd. Dus niet in een brievenbus maar persoonlijk aan een employee afgegeven met het verzoek om het gelijk door te nemen voor eventueel minder gewenste antwoorden. Na een half uurtje wachten kwam de dienstdoende employee terug met de geruststellende mededeling dat ik het formulier naar tevredenheid had ingevuld.
Ook een paar dagen later kreeg ik een berichtje dat er op 27 juni een persoonlijk gesprek bij mij thuis zou plaatsvinden. Waarna hopelijk de kou uit de lucht is, om het maar eens ouderwets te zeggen. Ben benieuwd.

----------

De illustratie is van Linda Hulshof,
Meer informatie: lindahulshof71@gmail.com

© 2024 Bram Schilperoord
powered by CJ2