archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 6
Jaargang 19
13 januari 2022
Nummer 7 verschijnt op
27 januari 2022
Beschouwingen > In de polder delen printen terug
Verbied Forum voor Democratie Paul Bordewijk

1904BS Weerbaar
Forum voor Democratie ontpopt zich steeds meer als een Forum tegen Democratie. Tijdens een manifestatie van de vrijheidskaravaan van FvD horen we een aanhanger zeggen naar aanleiding van de rellen bij demonstraties: ‘Wij hebben geschiedenis geschreven, het ondermijnen van de democratie, wij waren erbij.’ En Baudet drukt hem daarop enthousiast de hand.

Baudet is ook heel enthousiast over tribunalen om af te rekenen met zijn politieke tegenstanders. Die tribunalen maken kennelijk geen deel uit van de reguliere rechtspraak en staan dus buiten onze rechtsorde. Baudet is daarmee de opvolger van de linkse krakers uit de jaren tachtig die kalkten ‘uw rechtsorde is de onze niet’. Waarom de heerschappij van die tribunalen geen dicastocratie zou zijn vertelt Baudet er overigens niet bij. Die tribunalen hebben aandacht gekregen toen FvD Kamerlid Pepijn van Houwelingen in een debat D66’er Sjoerd Sjoerdsma ermee bedreigde. Het opvallende was dat dit niet leidde tot algemeen hoongelach om dit parmantige mannetje, maar de bedreiging kennelijk ernstig werd genomen. Daarmee kwam ook de vraag op of een partij met dergelijke ondemocratische denkbeelden niet verboden zou moeten worden.

Weerbare democratie

In 1936 hield de sociaal-democraat George van den Bergh daar een pleidooi voor, omdat het Hitler gelukt was langs de parlementaire weg aan de macht te komen. Een verbod op ondemocratische partijen had dat wellicht kunnen voorkomen, Van den Bergh noemde dat de weerbare democratie. Na de oorlog is dat in Duitsland serieus genomen en was het reden de Kommunistische Partei Deutschlands te verbieden. In Nederland zijn we zover nooit gegaan bij de communisten, maar toen de politieke partijen zendtijd kregen was de weerbare democratie aanvankelijk wel reden om de CPN daarvan uit te sluiten. 

Dat was niet omdat het verbieden van een partij in strijd is met het grondwettelijk verbod te discrimineren naar politieke gezindte, een beetje een merkwaardige bepaling die bevestigt dat er bij het opstellen van onze Grondwet niet goed is nagedacht. Er zijn in het verleden meerdere extreemrechtse partijen verboden, net als de ‘pedopartij’, de Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit, die als meest opvallende programmapunt het legaliseren van pedofilie had. Die verboden waren niet gebaseerd op een expliciet verbod van antidemocratische partijen, maar op de bevoegdheid van de rechter om verenigingen te verbieden die handelen in strijd met de openbare orde. Dat is een heel vaag criterium. In het geval van de PNVD lijkt het geïnterpreteerd te zijn als streven naar een wetswijziging waar veel mensen zich over opwinden, ook al zal het nooit zover komen.

Op die manier had men in het verleden ook partijen die abortus of homoseksualiteit wilden toelaten kunnen verbieden, maar heden ten dage zal eerder een partij die het omgekeerde wil dat lot ten deel vallen. Pleiten voor afschaffing van de monarchie past gelukkig nog wel binnen de openbare orde.

Rijpkema, Cliteur en Baudet

In zijn proefschrift Weerbare democratie bepleitte Bastiaan Rijpkema een veel scherpere omschrijving van de redenen waarom een politieke partij ontbonden zou kunnen worden, aansluitend bij Van den Bergh. Inmiddels is hij onder meer hoogleraar in de Verdraagzaamheid in Leiden. Zijn promotor was Paul Cliteur, ooit senator voor het FvD en eveneens de promotor van Baudet. Ik zou Rijpkema nu wel eens over Forum voor Democratie willen horen.

Cliteur vatte het onderwerp op in de hoop dat op die manier een mogelijke shariapartij verboden zou kunnen worden. Helemaal consequent is hij daarbij overigens niet, want over het Wilders proces schreef hij dat daarmee de politiek het recht werd ingetrokken. Dat zou toch ook gelden voor elke poging een partij te verbieden. Indirect had ook het Wildersproces zo’n partijverbod kunnen opleveren, wanneer Wilders uit het passief kiesrecht was gezet.

Pikant is dat Rijpkema en Baudet ooit samen optrokken. In 2013 schreven zij een artikel in de NRC waarin zij zich richtten tegen het ondemocratische karakter van het vrijhandelsverdrag TTIP, omdat dat voorzag in tribunalen (!) waaraan de nationale regeringen ondergeschikt zouden zijn. De NRC kreeg vervolgens het verwijt dat stuk geplaatst te hebben omdat mensen daardoor wel eens overtuigd konden worden. Zoals we weten heeft TTIP het inderdaad niet gehaald.

Rijpkema beperkt zich niet tot ondemocratische partijen die islamitisch zijn geïnspireerd, en zijn voorstel zou dus ook de PVV of het FvD kunnen raken. Dat voorstel is nog niet in de wetgeving opgenomen, maar daar wordt wel aan gewerkt. Dat alleen al maakt voorstellen om op basis van de huidige wetgeving politieke partijen te verbieden kansrijker.

De argumenten om Forum voor Democratie te verbieden lijken mij ook een stuk sterker dan bij de pedopartij. Ik zie FvD nog niet langs legale weg aan de macht komen. Maar van het opereren van die partij gaat wel een reële dreiging uit, ook omdat er mensen zijn die echt geloven in die malle tribunalen en daar anderen mee gaan bedreigen. Wanneer om die reden FvD inderdaad verboden zou worden, vallen Cliteur en Baudet in hun eigen zwaard. Hopla!


© 2021 Paul Bordewijk meer Paul Bordewijk - meer "In de polder" -
Beschouwingen > In de polder
Verbied Forum voor Democratie Paul Bordewijk
1904BS Weerbaar
Forum voor Democratie ontpopt zich steeds meer als een Forum tegen Democratie. Tijdens een manifestatie van de vrijheidskaravaan van FvD horen we een aanhanger zeggen naar aanleiding van de rellen bij demonstraties: ‘Wij hebben geschiedenis geschreven, het ondermijnen van de democratie, wij waren erbij.’ En Baudet drukt hem daarop enthousiast de hand.

Baudet is ook heel enthousiast over tribunalen om af te rekenen met zijn politieke tegenstanders. Die tribunalen maken kennelijk geen deel uit van de reguliere rechtspraak en staan dus buiten onze rechtsorde. Baudet is daarmee de opvolger van de linkse krakers uit de jaren tachtig die kalkten ‘uw rechtsorde is de onze niet’. Waarom de heerschappij van die tribunalen geen dicastocratie zou zijn vertelt Baudet er overigens niet bij. Die tribunalen hebben aandacht gekregen toen FvD Kamerlid Pepijn van Houwelingen in een debat D66’er Sjoerd Sjoerdsma ermee bedreigde. Het opvallende was dat dit niet leidde tot algemeen hoongelach om dit parmantige mannetje, maar de bedreiging kennelijk ernstig werd genomen. Daarmee kwam ook de vraag op of een partij met dergelijke ondemocratische denkbeelden niet verboden zou moeten worden.

Weerbare democratie

In 1936 hield de sociaal-democraat George van den Bergh daar een pleidooi voor, omdat het Hitler gelukt was langs de parlementaire weg aan de macht te komen. Een verbod op ondemocratische partijen had dat wellicht kunnen voorkomen, Van den Bergh noemde dat de weerbare democratie. Na de oorlog is dat in Duitsland serieus genomen en was het reden de Kommunistische Partei Deutschlands te verbieden. In Nederland zijn we zover nooit gegaan bij de communisten, maar toen de politieke partijen zendtijd kregen was de weerbare democratie aanvankelijk wel reden om de CPN daarvan uit te sluiten. 

Dat was niet omdat het verbieden van een partij in strijd is met het grondwettelijk verbod te discrimineren naar politieke gezindte, een beetje een merkwaardige bepaling die bevestigt dat er bij het opstellen van onze Grondwet niet goed is nagedacht. Er zijn in het verleden meerdere extreemrechtse partijen verboden, net als de ‘pedopartij’, de Partij voor Naastenliefde, Vrijheid en Diversiteit, die als meest opvallende programmapunt het legaliseren van pedofilie had. Die verboden waren niet gebaseerd op een expliciet verbod van antidemocratische partijen, maar op de bevoegdheid van de rechter om verenigingen te verbieden die handelen in strijd met de openbare orde. Dat is een heel vaag criterium. In het geval van de PNVD lijkt het geïnterpreteerd te zijn als streven naar een wetswijziging waar veel mensen zich over opwinden, ook al zal het nooit zover komen.

Op die manier had men in het verleden ook partijen die abortus of homoseksualiteit wilden toelaten kunnen verbieden, maar heden ten dage zal eerder een partij die het omgekeerde wil dat lot ten deel vallen. Pleiten voor afschaffing van de monarchie past gelukkig nog wel binnen de openbare orde.

Rijpkema, Cliteur en Baudet

In zijn proefschrift Weerbare democratie bepleitte Bastiaan Rijpkema een veel scherpere omschrijving van de redenen waarom een politieke partij ontbonden zou kunnen worden, aansluitend bij Van den Bergh. Inmiddels is hij onder meer hoogleraar in de Verdraagzaamheid in Leiden. Zijn promotor was Paul Cliteur, ooit senator voor het FvD en eveneens de promotor van Baudet. Ik zou Rijpkema nu wel eens over Forum voor Democratie willen horen.

Cliteur vatte het onderwerp op in de hoop dat op die manier een mogelijke shariapartij verboden zou kunnen worden. Helemaal consequent is hij daarbij overigens niet, want over het Wilders proces schreef hij dat daarmee de politiek het recht werd ingetrokken. Dat zou toch ook gelden voor elke poging een partij te verbieden. Indirect had ook het Wildersproces zo’n partijverbod kunnen opleveren, wanneer Wilders uit het passief kiesrecht was gezet.

Pikant is dat Rijpkema en Baudet ooit samen optrokken. In 2013 schreven zij een artikel in de NRC waarin zij zich richtten tegen het ondemocratische karakter van het vrijhandelsverdrag TTIP, omdat dat voorzag in tribunalen (!) waaraan de nationale regeringen ondergeschikt zouden zijn. De NRC kreeg vervolgens het verwijt dat stuk geplaatst te hebben omdat mensen daardoor wel eens overtuigd konden worden. Zoals we weten heeft TTIP het inderdaad niet gehaald.

Rijpkema beperkt zich niet tot ondemocratische partijen die islamitisch zijn geïnspireerd, en zijn voorstel zou dus ook de PVV of het FvD kunnen raken. Dat voorstel is nog niet in de wetgeving opgenomen, maar daar wordt wel aan gewerkt. Dat alleen al maakt voorstellen om op basis van de huidige wetgeving politieke partijen te verbieden kansrijker.

De argumenten om Forum voor Democratie te verbieden lijken mij ook een stuk sterker dan bij de pedopartij. Ik zie FvD nog niet langs legale weg aan de macht komen. Maar van het opereren van die partij gaat wel een reële dreiging uit, ook omdat er mensen zijn die echt geloven in die malle tribunalen en daar anderen mee gaan bedreigen. Wanneer om die reden FvD inderdaad verboden zou worden, vallen Cliteur en Baudet in hun eigen zwaard. Hopla!
© 2021 Paul Bordewijk
powered by CJ2