archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 12
Jaargang 18
15 april 2021
Nummer 13 verschijnt op
29 april 2021
Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Leunstoelthief Hans Knegtmans

1809VG ThiefJames Caan is een beroemde acteur. Dat neemt niet weg dat, toen hij laatst op de tv was in de film Thief (uit 1981 alweer), ik tevoren geen duidelijk beeld van hem had. Zou ik hem wel herkennen? Nou, wat heet. Sterker nog, Caan leek meer op zichzelf dan ooit tevoren en hij acteerde ook beter. (Dat was niet alleen het feest der herkenning. Alle Amerikaanse recensies die ik inderhaast bijeenharkte noemen het zijn beste rol ooit en ze waren het erover eens dat Thief tot het allerbeste behoorde dat de toen nog piepjonge filmer Michael Mann op zijn naam had.)

Caan is inderdaad fantastisch. Deze Frank leidt een merkwaardig dubbelleven. Officieel is hij verkoper van tweedehands auto’s. (De liefhebbers van Amerikaanse oldies kijken hun ogen uit naar alle prachtexemplaren die af en aan rijden. En dat ook nog eens in het fotogenieke Chicago met zijn ongeëvenaarde L-spoor, bekend van The French Connection en andere pareltjes).

Maar zijn autobedrijf is een cover voor zijn werkelijke expertise: het kraken van kluizen. Bij voorkeur gevuld met diamanten. In een voor hem zeldzaam persoonlijk gesprek onthult hij aan kantoorjuf Jessie (Tuesday Weld, ook zo’n acteursnaam van vroeger) dat hij een groot deel van zijn leven (11 jaar) in de cel heeft doorgebracht. Hij heeft nog één kraak op het oog en daarna kan hij – eindelijk – zijn leven beteren. Dat kinkt als het voornemen van een watje, maar ook rauwdouwers hebben hun menselijke kant.

En zij denken – zeker iemand met de intelligentie van Frank – na over het leven, verder dan alleen maar wat de dag van morgen zal brengen. Het lijkt hem een daad van zingeving om een kind groot te brengen. Jessie heeft al bekend dat zij onvruchtbaar is, waarna Frank de mogelijkheden van adoptie onderzoekt. Die zijn echter niet groot, wordt hem in een ruzieachtig gesprek met de kinderbescherming wel duidelijk.
Hulp komt van de lokale onderwereldfiguur Leo (adembenemende rol van Robert Proskey die het beste met Frank voorheeft, ook al heeft die laten merken dat hij niet tot het vaste personeel van Leo wil toetreden). Maar een kind? Dat is een ander verhaal. Zwart? Wit? Jongen? Meisje? Zegt u het maar.

Als Thief al een zwakke plek heeft is dat de scène waarin Frank en de zijnen de grote inbraak plegen die de hoofdpersoon aan een nieuw leven zou moeten helpen. Manns bijna neurotische neiging de film tot in de kleinste details te laten kloppen, keert zich hier tegen hem. Het bedrijf heeft vijf soorten beveiliging ingezet, maar welke precies en hoe de inbrekers die omzeilen, ging mij boven de pet en haalt helaas de vaart uit de film.

Wanneer de kraak goed verloopt, lijkt het even of we een happy-end te verduren krijgen, maar zover komt het natuurlijk niet. (Het is verdomme een film noir en geen komedie.)


© 2021 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film" -
Vermaak en Genot > Naar de film
Leunstoelthief Hans Knegtmans
1809VG ThiefJames Caan is een beroemde acteur. Dat neemt niet weg dat, toen hij laatst op de tv was in de film Thief (uit 1981 alweer), ik tevoren geen duidelijk beeld van hem had. Zou ik hem wel herkennen? Nou, wat heet. Sterker nog, Caan leek meer op zichzelf dan ooit tevoren en hij acteerde ook beter. (Dat was niet alleen het feest der herkenning. Alle Amerikaanse recensies die ik inderhaast bijeenharkte noemen het zijn beste rol ooit en ze waren het erover eens dat Thief tot het allerbeste behoorde dat de toen nog piepjonge filmer Michael Mann op zijn naam had.)

Caan is inderdaad fantastisch. Deze Frank leidt een merkwaardig dubbelleven. Officieel is hij verkoper van tweedehands auto’s. (De liefhebbers van Amerikaanse oldies kijken hun ogen uit naar alle prachtexemplaren die af en aan rijden. En dat ook nog eens in het fotogenieke Chicago met zijn ongeëvenaarde L-spoor, bekend van The French Connection en andere pareltjes).

Maar zijn autobedrijf is een cover voor zijn werkelijke expertise: het kraken van kluizen. Bij voorkeur gevuld met diamanten. In een voor hem zeldzaam persoonlijk gesprek onthult hij aan kantoorjuf Jessie (Tuesday Weld, ook zo’n acteursnaam van vroeger) dat hij een groot deel van zijn leven (11 jaar) in de cel heeft doorgebracht. Hij heeft nog één kraak op het oog en daarna kan hij – eindelijk – zijn leven beteren. Dat kinkt als het voornemen van een watje, maar ook rauwdouwers hebben hun menselijke kant.

En zij denken – zeker iemand met de intelligentie van Frank – na over het leven, verder dan alleen maar wat de dag van morgen zal brengen. Het lijkt hem een daad van zingeving om een kind groot te brengen. Jessie heeft al bekend dat zij onvruchtbaar is, waarna Frank de mogelijkheden van adoptie onderzoekt. Die zijn echter niet groot, wordt hem in een ruzieachtig gesprek met de kinderbescherming wel duidelijk.
Hulp komt van de lokale onderwereldfiguur Leo (adembenemende rol van Robert Proskey die het beste met Frank voorheeft, ook al heeft die laten merken dat hij niet tot het vaste personeel van Leo wil toetreden). Maar een kind? Dat is een ander verhaal. Zwart? Wit? Jongen? Meisje? Zegt u het maar.

Als Thief al een zwakke plek heeft is dat de scène waarin Frank en de zijnen de grote inbraak plegen die de hoofdpersoon aan een nieuw leven zou moeten helpen. Manns bijna neurotische neiging de film tot in de kleinste details te laten kloppen, keert zich hier tegen hem. Het bedrijf heeft vijf soorten beveiliging ingezet, maar welke precies en hoe de inbrekers die omzeilen, ging mij boven de pet en haalt helaas de vaart uit de film.

Wanneer de kraak goed verloopt, lijkt het even of we een happy-end te verduren krijgen, maar zover komt het natuurlijk niet. (Het is verdomme een film noir en geen komedie.)
© 2021 Hans Knegtmans
powered by CJ2