archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 19
Jaargang 17
17 september 2020
Nummer 20 verschijnt op
1 oktober 2020
Beschouwingen > Het leven zelf delen printen terug
M'n tweede leven Rob van Olphen

1717BS tweede levenIn maart gestopt met de markt. Gelijk in quarantaine, lieve buurvrouw deed de boodschappen. Onze kinderen wonen in het buitenland, dus geen bezoek. Alleen af en toe tussen 18 en 20 uur samen fietsen door de duinen. Helaas 21 april voelde ik me niet lekker, 23 april heeft m’n vrouw toch maar de dokter gebeld. De saturatie was veels te laag.

Gelijk met de ambulance naar EHBO van Haga, eerst naar de hartbewaking. Ik bleek het Brugada-syndroom te hebben (hartritmestoornis) daarna naar de longafdeling. Toen naar de IC, had maar 50% kans vertelde de dokter mij. ‘Vecht er voor!’ Dat was het laatste wat ik hoorde. Het tolde in m’n hoofd. Ik had niet de gelegenheid gehad om iets tegen mijn dierbaren te zeggen. Inmiddels had de dokter contact gezocht met m’n vrouw en de kinderen in het buitenland. Hij had Remdesivir ontvangen uit de USA. Dat wilde hij op mij toepassen, maar daar moest mijn familie voor tekenen. Ik was een proefkonijn. Vier dagen in coma geweest.

Niet fijn wat ik gezien en meegemaakt heb op de IC. Onvoorstelbaar hoe de dokters en verpleegkundigen zich daar inzetten om patiënten te redden. Echte kanjers, die mij er door hebben gesleept. Ik ben ze eeuwig dankbaar! Elf mei ging ik naar het revalidatiecentrum. Geen kracht in m’n benen, acht kilo spiermassaverlies, durfde niet te staan. Door toedoen van geweldige fysiotherapeuten kon ik weer snel lopen, met een rollator. Ik heb zoveel mogelijk met m’n vrouw, kinderen en kleinkinderen kunnen FaceTimen. Wat een uitvinding!

Eerst lig je in de rode isolatiezone, waar iedereen in Marspakken rondloopt. Als je in de groene zone terecht komt is het fijn om te zien wie je al die tijd hebben geholpen (al noemde ik ze niet altijd bij de goede naam).Op de IC krijg je zuurstof toegediend, eerst via een masker en later door een slangentje via je neus. Verder had je een sonde voor het voedsel. Gewoon water mocht je niet drinken, daar kreeg je enorme hoestbuien van. Ze gaven je met een theelepeltje aangedikt water (net stijfsel) in de mond. Wat was de eerste appelmoes, ook met een theelepeltje opgediend, lekker! Wel spannend of je het zonder problemen kon doorslikken. Al die fases: vocht naar binnen krijgen, vast voedsel tot je nemen, kunnen lopen, zelf wassen, zonder hulp naar het toilet. Iedere keer was het weer een gewaarwording.

Op 22 mei zou m’n vrouw me voor de 2e keer bezoeken. De zuster kwam binnen met een tas met wasgoed. Die moest ze afgeven van de politie. Hè, waar is mijn vrouw dan? Die is aangereden en ligt in het ziekenhuis. Moeilijk uit te leggen wat er door mij heen ging. Later hoorde ik dat ze stond te wachten bij een rood stoplicht en een auto met piepende banden hoorde aankomen. Daarna was ze bewusteloos. Aan twee kanten gebroken ribben, hersenschudding, wonden aan haar benen, over haar hele lichaam bloeduitstortingen. De dader: een gozer van 19 jaar.

Gelukkig hebben we hulp met wassen en aan- en uitkleden en eenmaal in de week een schoonmaakster voor drie uur. Tot vandaag heeft ze nog heel veel pijn. Ik probeer zoveel mogelijk te helpen, wat aardig lukt.
Wij denken vaak dat alles zo vanzelfsprekend is, maar dat is helaas niet zo. Ik vrees dat de mensen die protesteren tegen de lockdown gewoon niet begrijpen wat Corona kan uitrichten. Ik ben het, gelukkig nog levende, bewijs dat je het zomaar kunt krijgen.

Ik ben alle zorgmedewerkers veel dank verschuldigd! Het zijn er zoveel: specialisten, psycholoog, logopedist, maatschappelijk werker, ergotherapeut, diëtist, bewegingsagoge, fysiotherapeut. O ja, ook nog soldaten (verplegers) van Defensie.

Ze hebben mij de kans gegeven om op mijn 77e aan een tweede leven te beginnen.

---------
Het plaatje is van Han Busstra


© 2020 Rob van Olphen meer Rob van Olphen - meer "Het leven zelf"
Beschouwingen > Het leven zelf
M'n tweede leven Rob van Olphen
1717BS tweede levenIn maart gestopt met de markt. Gelijk in quarantaine, lieve buurvrouw deed de boodschappen. Onze kinderen wonen in het buitenland, dus geen bezoek. Alleen af en toe tussen 18 en 20 uur samen fietsen door de duinen. Helaas 21 april voelde ik me niet lekker, 23 april heeft m’n vrouw toch maar de dokter gebeld. De saturatie was veels te laag.

Gelijk met de ambulance naar EHBO van Haga, eerst naar de hartbewaking. Ik bleek het Brugada-syndroom te hebben (hartritmestoornis) daarna naar de longafdeling. Toen naar de IC, had maar 50% kans vertelde de dokter mij. ‘Vecht er voor!’ Dat was het laatste wat ik hoorde. Het tolde in m’n hoofd. Ik had niet de gelegenheid gehad om iets tegen mijn dierbaren te zeggen. Inmiddels had de dokter contact gezocht met m’n vrouw en de kinderen in het buitenland. Hij had Remdesivir ontvangen uit de USA. Dat wilde hij op mij toepassen, maar daar moest mijn familie voor tekenen. Ik was een proefkonijn. Vier dagen in coma geweest.

Niet fijn wat ik gezien en meegemaakt heb op de IC. Onvoorstelbaar hoe de dokters en verpleegkundigen zich daar inzetten om patiënten te redden. Echte kanjers, die mij er door hebben gesleept. Ik ben ze eeuwig dankbaar! Elf mei ging ik naar het revalidatiecentrum. Geen kracht in m’n benen, acht kilo spiermassaverlies, durfde niet te staan. Door toedoen van geweldige fysiotherapeuten kon ik weer snel lopen, met een rollator. Ik heb zoveel mogelijk met m’n vrouw, kinderen en kleinkinderen kunnen FaceTimen. Wat een uitvinding!

Eerst lig je in de rode isolatiezone, waar iedereen in Marspakken rondloopt. Als je in de groene zone terecht komt is het fijn om te zien wie je al die tijd hebben geholpen (al noemde ik ze niet altijd bij de goede naam).Op de IC krijg je zuurstof toegediend, eerst via een masker en later door een slangentje via je neus. Verder had je een sonde voor het voedsel. Gewoon water mocht je niet drinken, daar kreeg je enorme hoestbuien van. Ze gaven je met een theelepeltje aangedikt water (net stijfsel) in de mond. Wat was de eerste appelmoes, ook met een theelepeltje opgediend, lekker! Wel spannend of je het zonder problemen kon doorslikken. Al die fases: vocht naar binnen krijgen, vast voedsel tot je nemen, kunnen lopen, zelf wassen, zonder hulp naar het toilet. Iedere keer was het weer een gewaarwording.

Op 22 mei zou m’n vrouw me voor de 2e keer bezoeken. De zuster kwam binnen met een tas met wasgoed. Die moest ze afgeven van de politie. Hè, waar is mijn vrouw dan? Die is aangereden en ligt in het ziekenhuis. Moeilijk uit te leggen wat er door mij heen ging. Later hoorde ik dat ze stond te wachten bij een rood stoplicht en een auto met piepende banden hoorde aankomen. Daarna was ze bewusteloos. Aan twee kanten gebroken ribben, hersenschudding, wonden aan haar benen, over haar hele lichaam bloeduitstortingen. De dader: een gozer van 19 jaar.

Gelukkig hebben we hulp met wassen en aan- en uitkleden en eenmaal in de week een schoonmaakster voor drie uur. Tot vandaag heeft ze nog heel veel pijn. Ik probeer zoveel mogelijk te helpen, wat aardig lukt.
Wij denken vaak dat alles zo vanzelfsprekend is, maar dat is helaas niet zo. Ik vrees dat de mensen die protesteren tegen de lockdown gewoon niet begrijpen wat Corona kan uitrichten. Ik ben het, gelukkig nog levende, bewijs dat je het zomaar kunt krijgen.

Ik ben alle zorgmedewerkers veel dank verschuldigd! Het zijn er zoveel: specialisten, psycholoog, logopedist, maatschappelijk werker, ergotherapeut, diëtist, bewegingsagoge, fysiotherapeut. O ja, ook nog soldaten (verplegers) van Defensie.

Ze hebben mij de kans gegeven om op mijn 77e aan een tweede leven te beginnen.

---------
Het plaatje is van Han Busstra
© 2020 Rob van Olphen
powered by CJ2