archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 20
Jaargang 16
26 september 2019
Nummer 2 verschijnt op
24 oktober 2019
Bezigheden > Ontmoetingen delen printen terug
Een platgereden colablikje Reinier van Delden

1620BZ ColablikjeEen mens kent soms eenzame momenten.
En ze dienen zich soms onverwachts aan.
Zo liep ik van de week in de stad.
Net van mijn werk.
En in gedachten verzonken.
Niks ernstigs hoor.
Maar er gewoon even niet bij.
En ik was de enige niet.
Iedereen leek ergens vandaan te komen.
Of ging ergens naartoe.
Ik moest een uurtje overbruggen en doodde slechts de tijd.
Links en rechts werd ik door fietsers gepasseerd.
Bussen reden af en aan.
De stad was in beweging en niemand stond daar bij stil.
Ik ook niet.

Ik liep maar wat.
Met in mijn hand een boterhammenzakje waar nog een boterham met kaas in zat.
En juist toen ik een hap wou nemen reed een vrouw mij tegemoet.
Haar man er achteraan sjezend.
Het ging allemaal in sneltreinvaart.
Maar ik hoorde toch echt wat vallen.
Een telefoon dacht ik.
Ze laat haar telefoon vallen!
Veel tijd om na te denken had ik niet.
Ik trok een klein sprintje en riep nog iets.
Mevrouw!
U laat geloof ik …
Het fietsende echtpaar was al in geen velden of wegen meer te bekennen.
Een telefoon zag ik ook niet liggen.

Een platgereden colablikje is wat ik zag.
Zou ik dat dan soms gehoord hebben?
Ik raapte het nog op ook.
Vrij lullig stond ik nu met dat blikje in mijn hand.
En in mijn andere hand die boterham met kaas.
Eigenlijk niet goed wetend wat nu te doen.
Omstanders namen er geen aanstoot aan.
Sterker nog, niemand had het door.
Iedereen was met zijn of haar ding bezig.
En ik stond daar maar.
Min of meer hulpbehoevend.
Radeloos misschien wel.
Voor een moment heel erg eenzaam.
In een stad die in beweging was.
En mij aan mijn lot overliet.

--------
Het plaatje is van Freek de Vries Lentsch

© 2019 Reinier van Delden meer Reinier van Delden - meer "Ontmoetingen" -
Bezigheden > Ontmoetingen
Een platgereden colablikje Reinier van Delden
1620BZ ColablikjeEen mens kent soms eenzame momenten.
En ze dienen zich soms onverwachts aan.
Zo liep ik van de week in de stad.
Net van mijn werk.
En in gedachten verzonken.
Niks ernstigs hoor.
Maar er gewoon even niet bij.
En ik was de enige niet.
Iedereen leek ergens vandaan te komen.
Of ging ergens naartoe.
Ik moest een uurtje overbruggen en doodde slechts de tijd.
Links en rechts werd ik door fietsers gepasseerd.
Bussen reden af en aan.
De stad was in beweging en niemand stond daar bij stil.
Ik ook niet.

Ik liep maar wat.
Met in mijn hand een boterhammenzakje waar nog een boterham met kaas in zat.
En juist toen ik een hap wou nemen reed een vrouw mij tegemoet.
Haar man er achteraan sjezend.
Het ging allemaal in sneltreinvaart.
Maar ik hoorde toch echt wat vallen.
Een telefoon dacht ik.
Ze laat haar telefoon vallen!
Veel tijd om na te denken had ik niet.
Ik trok een klein sprintje en riep nog iets.
Mevrouw!
U laat geloof ik …
Het fietsende echtpaar was al in geen velden of wegen meer te bekennen.
Een telefoon zag ik ook niet liggen.

Een platgereden colablikje is wat ik zag.
Zou ik dat dan soms gehoord hebben?
Ik raapte het nog op ook.
Vrij lullig stond ik nu met dat blikje in mijn hand.
En in mijn andere hand die boterham met kaas.
Eigenlijk niet goed wetend wat nu te doen.
Omstanders namen er geen aanstoot aan.
Sterker nog, niemand had het door.
Iedereen was met zijn of haar ding bezig.
En ik stond daar maar.
Min of meer hulpbehoevend.
Radeloos misschien wel.
Voor een moment heel erg eenzaam.
In een stad die in beweging was.
En mij aan mijn lot overliet.

--------
Het plaatje is van Freek de Vries Lentsch
© 2019 Reinier van Delden
powered by CJ2