archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 3
Jaargang 16
8 november 2018
Nummer 5 verschijnt op
13 december 2018
Beschouwingen > Buitenlandse zaken delen printen terug
Ach, we nemen gewoon de tijd Paul Bordewijk

1603BS TijdDe Europese Commissie heeft de lidstaten een mooie poets gebakken. De Commissie schaft het onderscheid tussen zomertijd en wintertijd af en laat het aan de lidstaten zelf over of ze willen dat het het hele jaar zomertijd of wintertijd is. Als lidstaat moet je daarbij uiteraard rekening houden met naburige landen en wat ze in Brussel hopen is dat de lidstaten daar niet uitkomen. Dat zal ze leren om te klagen over de bemoeizucht van de Europese Commissie!

De Europese Unie heeft dan voor altijd zijn waarde bewezen en daarmee is het ook gerechtvaardigd dat de Europese Commissie bepaalt wie er in een sociale huurwoning mag wonen, welke goederen en diensten onder het lage BTW-tarief vallen, welke spoordiensten geprivatiseerd moeten worden en welke zorgdiensten moeten worden aanbesteed. Staatssteun wordt gezien als het ergste wat er is. Als socialist blijf ik mij erover verbazen.

Het Europese besluit is ook heel halfslachtig. Wanneer je landen laat kiezen of ze de zomer- of de wintertijd willen gaan hanteren, geef je ze in feite de keuze in welke tijdzone ze liggen. Maar dat zou dan consequent moeten gebeuren. Nu laat de Europese Commissie ons de keuze tussen de Berlijnse tijd (de wintertijd) en de tijd van Kiev (de zomertijd). Maar als we toch gaan nadenken over de tijd zouden we samen met België, Frankrijk en Spanje ook kunnen kiezen voor de Engelse tijd. Voor Spanje zou dat ook betekenen dat er geen tijdsverschil meer met Portugal is. En wanneer we toch mogen kiezen, waarom mogen we dan niet ’s winters kiezen voor de tijd van Berlijn en ’s zomers voor die van Kiev?

Waardoor laten we ons leiden bij het kiezen van de tijd? Oorspronkelijk was het uitgangspunt dat het midden van de dag bereikt was wanneer de zon op zijn hoogste punt stond. Dan was het dus twaalf uur lokale tijd, in elke stad op een ander moment. Dat werd een beetje lastig en daarom werd in 1908 voor Nederland één tijd gekozen, de Amsterdamse. Op 16 mei 1940 maakten de Duitsers daar een eind aan door de tijd van Berlijn voor te schrijven. Dat is na de oorlog zo gebleven, hoewel het tijdsverschil tussen Amsterdam en Londen veel kleiner was.

Je kunt ook een ander uitgangspunt kiezen, namelijk dat de aanvang van de dag samenvalt met de opkomst van de zon. Dat is misschien nog wel natuurlijker dan dat het twaalf uur is wanneer de zon zijn hoogste punt bereikt heeft. Het voordeel daarvan is dat je zo optimaal gebruik maakt van het zonlicht. Er is dan minder behoefte aan elektrisch licht, wat leidt tot energiebesparing, al is het effect daarvan marginaal nu we vooral LED lampen gebruiken. Belangrijker is dat daglicht prettiger is om je in te bewegen dan duisternis. Het is ook veiliger. Zo’n systeem zou dus bijdragen aan ons welzijn.
Er zijn natuurlijk ook voor de hand liggende bezwaren. De dag begint dan niet alleen op een ander moment in plaatsen die oostelijk of westelijk van elkaar liggen, maar ook in plaatsen die noordelijk of zuidelijk van elkaar liggen. Hoe verder van de evenaar, hoe korter de dagen in de eerste helft van het jaar en hoe langer in de tweede helft. Dat is allemaal niet praktisch.

Daarom bedacht de grote staatsrechtgeleerde en amateurastronoom George van den Bergh de euroklok. Daarbij zouden tussen 21 juni en 22 december overal in Europa de dagen 50 seconden korten duren dan 24 uur, en het andere half jaar juist 50 seconden langer. Je hebt dan per tijdzone overal dezelfde tijd, terwijl je bij benadering toch optimaal profiteert van het zonlicht. Dit systeem heeft het nooit gehaald. Grote systeemwijzigingen zijn toch altijd moeilijk te realiseren en een evident bezwaar van de euroklok was dat je elke dag alle klokken en horloges gelijk zou moeten zetten. Maar misschien was dat ook te verhelpen met klokken en horloges met twee snelheden. Nu steeds meer klokken digitaal worden aangestuurd, zou het bezwaar ook minder kunnen gaan wegen, maar ik zie het er nog niet van komen.

In feite is de invoering van zomer- en wintertijd een slap aftreksel van de euroklok, waarbij we één keer per jaar een etmaal een uur korter maken en eenmaal een uur langer. Ten opzichte van een keuze tussen de tijd van Berlijn en die van Kiev bereiken we zo de beste van twee werelden: ’s zomers blijft het langer licht, maar ’s winters wordt het niet zo laat licht als wanneer we het hele jaar door de tijd van Kiev laten gelden. Ik zou wel de ingangsdatum van de wintertijd aanpassen: in maart is het langer licht dan in oktober, maar toch hanteren we nu in oktober nog de zomertijd. Als we het vriendelijk vragen in Brussel, mogen we dat dan veranderen?

Er is veel gejeremieer dat zo je slaapritme wordt aangetast, maar dat geldt dan toch alleen voor mensen die nooit eens laat opblijven. Boeren klagen dat de koeien zich niets van de zomertijd aantrekken, maar dat hoeven ze zelf ook niet. Ze kunnen tijdens de zomertijd de koeien een uur later melken dan in de winter. Ook de meeste ZZP’ers houden de vrijheid zich wel of niet iets van zomer- en wintertijd aan te trekken. En die hebben ook de vrijheid om wanneer de zomertijd wordt afgeschaft zich een langere avond met licht te gunnen door eerder op te staan.

Een interessante vraag is of Engeland en de rest van het Verenigd Koninkrijk zich aan de Brusselse decreten zullen moeten houden en ook de zomer- of de wintertijd moeten afschaffen. Brengt Barnier dat in in de Brexit onderhandelingen, of houdt men in Engeland de mogelijkheid ’s zomers de tijd van Berlijn te laten gelden? Als dat laatste zo is, lijkt het me een ondoordacht cadeautje van Juncker aan Farage en Boris Johnson.

Bij een goed werkende interne markt hoort een Europese tijdregeling, meer dan een Europese regeling voor de verhuur van corporatiewoningen. In dat kader zou op Europees niveau de zomertijd kunnen worden afgeschaft al ben ik daar geen voorstander van, wel van een kortere duur. Je kunt ook de tijdszones anders indelen, om beter aan te sluiten bij het oude idee dat de zon op zijn hoogst staat op het midden van de dag, maar dat belemmert het verkeer tussen West- en Midden Europa, juist op een moment dat Engeland Europa de rug toekeert.

Een halfslachtige regeling waarbij elk land zijn eigen tijdzone mag kiezen, is vragen om moeilijkheden. Maar dat is misschien wel juist de bedoeling van Juncker en Timmermans, om zo de lidstaten een lesje te leren.

------
Het plaatje is van Elène Klaren


© 2018 Paul Bordewijk meer Paul Bordewijk - meer "Buitenlandse zaken" -
Beschouwingen > Buitenlandse zaken
Ach, we nemen gewoon de tijd Paul Bordewijk
1603BS TijdDe Europese Commissie heeft de lidstaten een mooie poets gebakken. De Commissie schaft het onderscheid tussen zomertijd en wintertijd af en laat het aan de lidstaten zelf over of ze willen dat het het hele jaar zomertijd of wintertijd is. Als lidstaat moet je daarbij uiteraard rekening houden met naburige landen en wat ze in Brussel hopen is dat de lidstaten daar niet uitkomen. Dat zal ze leren om te klagen over de bemoeizucht van de Europese Commissie!

De Europese Unie heeft dan voor altijd zijn waarde bewezen en daarmee is het ook gerechtvaardigd dat de Europese Commissie bepaalt wie er in een sociale huurwoning mag wonen, welke goederen en diensten onder het lage BTW-tarief vallen, welke spoordiensten geprivatiseerd moeten worden en welke zorgdiensten moeten worden aanbesteed. Staatssteun wordt gezien als het ergste wat er is. Als socialist blijf ik mij erover verbazen.

Het Europese besluit is ook heel halfslachtig. Wanneer je landen laat kiezen of ze de zomer- of de wintertijd willen gaan hanteren, geef je ze in feite de keuze in welke tijdzone ze liggen. Maar dat zou dan consequent moeten gebeuren. Nu laat de Europese Commissie ons de keuze tussen de Berlijnse tijd (de wintertijd) en de tijd van Kiev (de zomertijd). Maar als we toch gaan nadenken over de tijd zouden we samen met België, Frankrijk en Spanje ook kunnen kiezen voor de Engelse tijd. Voor Spanje zou dat ook betekenen dat er geen tijdsverschil meer met Portugal is. En wanneer we toch mogen kiezen, waarom mogen we dan niet ’s winters kiezen voor de tijd van Berlijn en ’s zomers voor die van Kiev?

Waardoor laten we ons leiden bij het kiezen van de tijd? Oorspronkelijk was het uitgangspunt dat het midden van de dag bereikt was wanneer de zon op zijn hoogste punt stond. Dan was het dus twaalf uur lokale tijd, in elke stad op een ander moment. Dat werd een beetje lastig en daarom werd in 1908 voor Nederland één tijd gekozen, de Amsterdamse. Op 16 mei 1940 maakten de Duitsers daar een eind aan door de tijd van Berlijn voor te schrijven. Dat is na de oorlog zo gebleven, hoewel het tijdsverschil tussen Amsterdam en Londen veel kleiner was.

Je kunt ook een ander uitgangspunt kiezen, namelijk dat de aanvang van de dag samenvalt met de opkomst van de zon. Dat is misschien nog wel natuurlijker dan dat het twaalf uur is wanneer de zon zijn hoogste punt bereikt heeft. Het voordeel daarvan is dat je zo optimaal gebruik maakt van het zonlicht. Er is dan minder behoefte aan elektrisch licht, wat leidt tot energiebesparing, al is het effect daarvan marginaal nu we vooral LED lampen gebruiken. Belangrijker is dat daglicht prettiger is om je in te bewegen dan duisternis. Het is ook veiliger. Zo’n systeem zou dus bijdragen aan ons welzijn.
Er zijn natuurlijk ook voor de hand liggende bezwaren. De dag begint dan niet alleen op een ander moment in plaatsen die oostelijk of westelijk van elkaar liggen, maar ook in plaatsen die noordelijk of zuidelijk van elkaar liggen. Hoe verder van de evenaar, hoe korter de dagen in de eerste helft van het jaar en hoe langer in de tweede helft. Dat is allemaal niet praktisch.

Daarom bedacht de grote staatsrechtgeleerde en amateurastronoom George van den Bergh de euroklok. Daarbij zouden tussen 21 juni en 22 december overal in Europa de dagen 50 seconden korten duren dan 24 uur, en het andere half jaar juist 50 seconden langer. Je hebt dan per tijdzone overal dezelfde tijd, terwijl je bij benadering toch optimaal profiteert van het zonlicht. Dit systeem heeft het nooit gehaald. Grote systeemwijzigingen zijn toch altijd moeilijk te realiseren en een evident bezwaar van de euroklok was dat je elke dag alle klokken en horloges gelijk zou moeten zetten. Maar misschien was dat ook te verhelpen met klokken en horloges met twee snelheden. Nu steeds meer klokken digitaal worden aangestuurd, zou het bezwaar ook minder kunnen gaan wegen, maar ik zie het er nog niet van komen.

In feite is de invoering van zomer- en wintertijd een slap aftreksel van de euroklok, waarbij we één keer per jaar een etmaal een uur korter maken en eenmaal een uur langer. Ten opzichte van een keuze tussen de tijd van Berlijn en die van Kiev bereiken we zo de beste van twee werelden: ’s zomers blijft het langer licht, maar ’s winters wordt het niet zo laat licht als wanneer we het hele jaar door de tijd van Kiev laten gelden. Ik zou wel de ingangsdatum van de wintertijd aanpassen: in maart is het langer licht dan in oktober, maar toch hanteren we nu in oktober nog de zomertijd. Als we het vriendelijk vragen in Brussel, mogen we dat dan veranderen?

Er is veel gejeremieer dat zo je slaapritme wordt aangetast, maar dat geldt dan toch alleen voor mensen die nooit eens laat opblijven. Boeren klagen dat de koeien zich niets van de zomertijd aantrekken, maar dat hoeven ze zelf ook niet. Ze kunnen tijdens de zomertijd de koeien een uur later melken dan in de winter. Ook de meeste ZZP’ers houden de vrijheid zich wel of niet iets van zomer- en wintertijd aan te trekken. En die hebben ook de vrijheid om wanneer de zomertijd wordt afgeschaft zich een langere avond met licht te gunnen door eerder op te staan.

Een interessante vraag is of Engeland en de rest van het Verenigd Koninkrijk zich aan de Brusselse decreten zullen moeten houden en ook de zomer- of de wintertijd moeten afschaffen. Brengt Barnier dat in in de Brexit onderhandelingen, of houdt men in Engeland de mogelijkheid ’s zomers de tijd van Berlijn te laten gelden? Als dat laatste zo is, lijkt het me een ondoordacht cadeautje van Juncker aan Farage en Boris Johnson.

Bij een goed werkende interne markt hoort een Europese tijdregeling, meer dan een Europese regeling voor de verhuur van corporatiewoningen. In dat kader zou op Europees niveau de zomertijd kunnen worden afgeschaft al ben ik daar geen voorstander van, wel van een kortere duur. Je kunt ook de tijdszones anders indelen, om beter aan te sluiten bij het oude idee dat de zon op zijn hoogst staat op het midden van de dag, maar dat belemmert het verkeer tussen West- en Midden Europa, juist op een moment dat Engeland Europa de rug toekeert.

Een halfslachtige regeling waarbij elk land zijn eigen tijdzone mag kiezen, is vragen om moeilijkheden. Maar dat is misschien wel juist de bedoeling van Juncker en Timmermans, om zo de lidstaten een lesje te leren.

------
Het plaatje is van Elène Klaren
© 2018 Paul Bordewijk
powered by CJ2