archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 3
Jaargang 16
8 november 2018
Nummer 4 verschijnt op
29 november 2018
Vermaak en Genot > De wereldliteratuur roept delen printen terug
Alida Beekhuis over Louis Lehmann Gerbrand Muller

1516VG LehmannEen boek over leven en werk van Louis Lehmann, hoe zou ik dat laten beginnen? Die vraag komt soms bij me op als ik Lehmann opnieuw lees of als ik in gedachten zijn onvergetelijke stem op de radio hoor vertellen over de tango, de Mexicaanse mariachi, of de Schotse doedelzakmuziek, om maar iets te noemen. Misschien zou ik beginnen met een paar citaten. Bijvoorbeeld uit zijn kleine roman Tussen Medemblik en Hippolytushoef:

‘Terug naar de loeiende massa van de oudste kerk hier ter stede. De wind buiten is sterker dan de wind des geestes binnen.
Loeit, kerken loeit, er is niets anders te doen.’

Regels die ik deels al eerder in De Leunstoel citeerde.*)

Of de laatste strofe van ‘Ars poetica met voorbeelden’ (in de dichtbundel Het echolood):

‘Woorden van and’ren ontroeren,
het eigen woord nooit, maar de wens
zichzelf genoeg te zijn is de drang
naar poëzie, die, hoe tijdelijk ook,
bevrijdt van het moeilijke denken,
omdat zij de definitie neemt
en de feiten laat lopen.’

Vier apodictische uitspraken in één strofe: voldoende stof voor een boek!

Maar gelukkig wordt er al aan een biografie gewerkt door Jaap van der Bent. Erik Bindervoet is bovendien bezig aan een lang gedicht over Lehmann.

En dan is er nu al het aardige boekje van Louis’ weduwe Alida Beekhuis, Wat een man! Herinneringen aan Louis Lehmann, vorig jaar uitgegeven door De Gouden Reaal**).

In zes korte hoofdstukken vertelt Alida over het huis aan de Amstel waar Lehmann van 1961 tot 1977 woonde, de plechtige ceremonie waarmee de krakers en hun vrienden (waaronder Louis en Alida) afscheid namen van de twee annex gelegen kraakpanden aan de Sarphatistraat, haar reizen met Lehmann en Lehmanns laatste levensdagen in het verpleeghuis.

Was Nederland Rusland, dan zou aan de gevel van het herenhuis op de hoek van de Amstel en de Zwanenburgwal een bordje zijn aangebracht met de mededeling dat hier van 1961 tot 1977 de dichter, componist, schilder en scheepsarcheoloog L.Th. Lehmann woonde en werkte. Zo’n bordje zou misschien zelfs zijn bevestigd aan de gevel van de Stopera, voor welk lelijke complex het door Lehmann bewoonde stijlvolle huis met nog enkele andere plaats heeft moeten maken.

Lehmann beschikte in het huis op de derde verdieping over een zaal van een kamer met een fraaie houten vloer en een betegelde schoorsteenmantel, overigens zonder elektriciteit en gas. Hij stookte in een houtkacheltje hout dat hij op straat bijeensprokkelde. Een tijdens een sprokkeltocht gevonden kruiwagen werd in een stoel omgetoverd, waarin Roland Holst nog heeft plaatsgenomen.

Stijlvol, oud en vervallen waren ook de twee kraakpanden aan de Sarphatistraat waarvan de krakers op een nacht in 1984 met een ‘stille omgang’ afscheid namen. ‘Trapje op, zolder op, gang door, trapje af, binnenplaats over, kamer door, alle geheel leeg en spookachtig door de lange schaduwen; als een begrafenisstoet, wat het eigenlijk ook was.’ Huizen spelen in levens vaak een grote rol, zo ook in dat van Alida Beekhuis. In de oorlog woonde ze met haar ouders en broers in een groot, oud huis in Leeuwarden. Aan het tijdelijk leeggekomen bovenhuis, waar haar broers, zij en een aantal vrienden op een zondag mochten spelen, bewaart ze onvergetelijke herinneringen. ‘Wat is het toch dat zulke sterke jeugdherinneringen een ijkpunt maakt voor latere sensaties? In een droom is mij “het grote geluk” eens verschenen als zo’n zolder, met allemaal naar vers hout ruikende planken.’

Onvergetelijk moeten voor Alida ook de reizen zijn geweest die ze met Louis maakte. Op Kreta danste hij eens de Zeibekiko: ‘Een solodans voor mannen, in 9/8ste maat, erg naar binnen gekeerd met een aantal basispassen, waarop vrijelijk kan worden geïmproviseerd.’ Groot applaus was na afloop Louis’ deel.

In New Orleans werd Louis door een bestelbusje aan- en half overreden met nogal dramatische gevolgen. Wees in de VS extra voorzichtig in het verkeer, want je moet daar geld hebben om bij ervaren, kundige artsen terecht te komen! Niet dat de aankomende dokters in het Charity Hospital in New Orleans niet hun uiterste best deden om Louis te helpen, alleen zagen ze een niet onbelangrijk detail – totaal vernielde bloedvaten in de knieholte van het overreden been – over het hoofd.

Op Sicilië kuste een hoffelijk heer in stijlvol driedelig grijs, de vader van de sponsor van het scheepsarcheologische onderzoeksproject waaraan Louis deelnam, Alida de hand, waarbij haar oog viel op de revolver die onder zijn jasje aan zijn broekriem hing. Werd het onderzoekproject soms door de maffia betaald? Sommige vragen kan je beter niet stellen. En ze dansten, dansten, avond aan avond met leden van op het eiland bivakkerende families uit Marsala, onder andere de inheemse tarantella. Dansen zat hun beiden in het bloed.

Lehmann was over de tachtig toen zich bij hem de eerste tekenen van dementie voordeden. Het heeft daarna nog jaren geduurd voordat Alida concludeerde dat ze hem thuis niet langer kon verzorgen. Hij was toen al over de negentig. Lehmanns geest bleef helder, maar er vielen bij hem geleidelijk verschillende hersenfuncties uit, waardoor hij onder andere steeds moeilijker kon praten. Alida is vol lof over het verpleeghuis, waar Louis onder andere in een ‘snoozing’ kamer verbleef met zachte muziek. Op de afdeling voor Alzheimerpatiënten waar hij de laatste maanden verbleef, had hij ‘never a dull moment’. Een vrouw legde een van haar poppen in zijn bed, een andere strooide hagelslag over hem heen en een derde begon hem met haar mond vol lippenstift te zoenen. Louis keek verbaasd om zich heen en liet het zich welgevallen. ‘Ik vind het hier bizar’, zei hij toen een man een bloempot naar zijn hoofd had gegooid. Het appelleerde aan zijn surrealistische instelling, verklaart Alida. Surrealistisch was Louis Lehmanns levensinstelling, voor wie dat niet wil zien zal hij altijd deels een raadsel blijven.

*) Zie mijn stukjes over Lehmann in De Leunstoel van 30 april 2009 en 26 februari 2015

**) Voor 10 euro te bestellen bij aabeekhuis@hetnet.nl

-----
Het plaatje is van Henk Klaren


© 2018 Gerbrand Muller meer Gerbrand Muller - meer "De wereldliteratuur roept" -
Vermaak en Genot > De wereldliteratuur roept
Alida Beekhuis over Louis Lehmann Gerbrand Muller
1516VG LehmannEen boek over leven en werk van Louis Lehmann, hoe zou ik dat laten beginnen? Die vraag komt soms bij me op als ik Lehmann opnieuw lees of als ik in gedachten zijn onvergetelijke stem op de radio hoor vertellen over de tango, de Mexicaanse mariachi, of de Schotse doedelzakmuziek, om maar iets te noemen. Misschien zou ik beginnen met een paar citaten. Bijvoorbeeld uit zijn kleine roman Tussen Medemblik en Hippolytushoef:

‘Terug naar de loeiende massa van de oudste kerk hier ter stede. De wind buiten is sterker dan de wind des geestes binnen.
Loeit, kerken loeit, er is niets anders te doen.’

Regels die ik deels al eerder in De Leunstoel citeerde.*)

Of de laatste strofe van ‘Ars poetica met voorbeelden’ (in de dichtbundel Het echolood):

‘Woorden van and’ren ontroeren,
het eigen woord nooit, maar de wens
zichzelf genoeg te zijn is de drang
naar poëzie, die, hoe tijdelijk ook,
bevrijdt van het moeilijke denken,
omdat zij de definitie neemt
en de feiten laat lopen.’

Vier apodictische uitspraken in één strofe: voldoende stof voor een boek!

Maar gelukkig wordt er al aan een biografie gewerkt door Jaap van der Bent. Erik Bindervoet is bovendien bezig aan een lang gedicht over Lehmann.

En dan is er nu al het aardige boekje van Louis’ weduwe Alida Beekhuis, Wat een man! Herinneringen aan Louis Lehmann, vorig jaar uitgegeven door De Gouden Reaal**).

In zes korte hoofdstukken vertelt Alida over het huis aan de Amstel waar Lehmann van 1961 tot 1977 woonde, de plechtige ceremonie waarmee de krakers en hun vrienden (waaronder Louis en Alida) afscheid namen van de twee annex gelegen kraakpanden aan de Sarphatistraat, haar reizen met Lehmann en Lehmanns laatste levensdagen in het verpleeghuis.

Was Nederland Rusland, dan zou aan de gevel van het herenhuis op de hoek van de Amstel en de Zwanenburgwal een bordje zijn aangebracht met de mededeling dat hier van 1961 tot 1977 de dichter, componist, schilder en scheepsarcheoloog L.Th. Lehmann woonde en werkte. Zo’n bordje zou misschien zelfs zijn bevestigd aan de gevel van de Stopera, voor welk lelijke complex het door Lehmann bewoonde stijlvolle huis met nog enkele andere plaats heeft moeten maken.

Lehmann beschikte in het huis op de derde verdieping over een zaal van een kamer met een fraaie houten vloer en een betegelde schoorsteenmantel, overigens zonder elektriciteit en gas. Hij stookte in een houtkacheltje hout dat hij op straat bijeensprokkelde. Een tijdens een sprokkeltocht gevonden kruiwagen werd in een stoel omgetoverd, waarin Roland Holst nog heeft plaatsgenomen.

Stijlvol, oud en vervallen waren ook de twee kraakpanden aan de Sarphatistraat waarvan de krakers op een nacht in 1984 met een ‘stille omgang’ afscheid namen. ‘Trapje op, zolder op, gang door, trapje af, binnenplaats over, kamer door, alle geheel leeg en spookachtig door de lange schaduwen; als een begrafenisstoet, wat het eigenlijk ook was.’ Huizen spelen in levens vaak een grote rol, zo ook in dat van Alida Beekhuis. In de oorlog woonde ze met haar ouders en broers in een groot, oud huis in Leeuwarden. Aan het tijdelijk leeggekomen bovenhuis, waar haar broers, zij en een aantal vrienden op een zondag mochten spelen, bewaart ze onvergetelijke herinneringen. ‘Wat is het toch dat zulke sterke jeugdherinneringen een ijkpunt maakt voor latere sensaties? In een droom is mij “het grote geluk” eens verschenen als zo’n zolder, met allemaal naar vers hout ruikende planken.’

Onvergetelijk moeten voor Alida ook de reizen zijn geweest die ze met Louis maakte. Op Kreta danste hij eens de Zeibekiko: ‘Een solodans voor mannen, in 9/8ste maat, erg naar binnen gekeerd met een aantal basispassen, waarop vrijelijk kan worden geïmproviseerd.’ Groot applaus was na afloop Louis’ deel.

In New Orleans werd Louis door een bestelbusje aan- en half overreden met nogal dramatische gevolgen. Wees in de VS extra voorzichtig in het verkeer, want je moet daar geld hebben om bij ervaren, kundige artsen terecht te komen! Niet dat de aankomende dokters in het Charity Hospital in New Orleans niet hun uiterste best deden om Louis te helpen, alleen zagen ze een niet onbelangrijk detail – totaal vernielde bloedvaten in de knieholte van het overreden been – over het hoofd.

Op Sicilië kuste een hoffelijk heer in stijlvol driedelig grijs, de vader van de sponsor van het scheepsarcheologische onderzoeksproject waaraan Louis deelnam, Alida de hand, waarbij haar oog viel op de revolver die onder zijn jasje aan zijn broekriem hing. Werd het onderzoekproject soms door de maffia betaald? Sommige vragen kan je beter niet stellen. En ze dansten, dansten, avond aan avond met leden van op het eiland bivakkerende families uit Marsala, onder andere de inheemse tarantella. Dansen zat hun beiden in het bloed.

Lehmann was over de tachtig toen zich bij hem de eerste tekenen van dementie voordeden. Het heeft daarna nog jaren geduurd voordat Alida concludeerde dat ze hem thuis niet langer kon verzorgen. Hij was toen al over de negentig. Lehmanns geest bleef helder, maar er vielen bij hem geleidelijk verschillende hersenfuncties uit, waardoor hij onder andere steeds moeilijker kon praten. Alida is vol lof over het verpleeghuis, waar Louis onder andere in een ‘snoozing’ kamer verbleef met zachte muziek. Op de afdeling voor Alzheimerpatiënten waar hij de laatste maanden verbleef, had hij ‘never a dull moment’. Een vrouw legde een van haar poppen in zijn bed, een andere strooide hagelslag over hem heen en een derde begon hem met haar mond vol lippenstift te zoenen. Louis keek verbaasd om zich heen en liet het zich welgevallen. ‘Ik vind het hier bizar’, zei hij toen een man een bloempot naar zijn hoofd had gegooid. Het appelleerde aan zijn surrealistische instelling, verklaart Alida. Surrealistisch was Louis Lehmanns levensinstelling, voor wie dat niet wil zien zal hij altijd deels een raadsel blijven.

*) Zie mijn stukjes over Lehmann in De Leunstoel van 30 april 2009 en 26 februari 2015

**) Voor 10 euro te bestellen bij aabeekhuis@hetnet.nl

-----
Het plaatje is van Henk Klaren
© 2018 Gerbrand Muller
powered by CJ2