archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 14
Jaargang 15
17 mei 2018
Nummer 15 verschijnt op
31 mei 2018
Beschouwingen > Het leven zelf delen printen terug
Zorgarrangementen * Frits Hoorweg

1506BS ZorgNadat mijn moeder bedlegerig was geworden nam Tante Dien de zorg voor ons grotendeels over. Op werkdagen, dat waren er toen vijf en een half, arriveerde ze kort nadat ik naar school was vertrokken en bleef dan tot het einde van de middag. Zij woonde, samen met haar vriendin, aan de Koningin Wilhelminalaan in Voorburg en zal de reis waarschijnlijk gemaakt hebben met bus en tram. Onze flat bevond zich aan de andere kant van de stad, in Moerwijk. Beide vrouwen waren telefoniste geweest bij de PTT en ‘genoten’ daarom al vanaf hun 60e van hun pensioen. Al geloof ik dat het woord genieten toen nog niet zo nadrukkelijk in zwang was als nu.

Wij waren met z’n vieren. Mijn vader moest gewoon werken natuurlijk, al zullen zijn collega’s er vast voor gezorgd hebben dat hij wat meer tijd dan anders voor ons overhield. Naast mijn vader en m’n zieke moeder had ik een acht jaar oudere broer. Ik heb ‘m trouwens nog, we hebben samen geprobeerd de feiten in dit verhaaltje op een rijtje te krijgen. Dat viel nog niet mee, zo sta ik beslist niet in voor de exacte juistheid van alle opgevoerde tijdsaanduidingen. Hoe lang heeft Tante Dien ons op deze manier uit de brand geholpen? Ik denk een klein half jaar, het zal waarschijnlijk begonnen zijn in 1957, na de vakantieperiode, en dan heeft het dus geduurd tot het einde van dat jaar. M’n moeder is op 4 januari 1958 overleden.

Tante Dien was een zuster van mijn oma van moederskant en alles wijst erop dat ze een speciale band had met m’n moeder. Ze zal bij ons ongetwijfeld druk zijn geweest met allerlei praktische dingen, zoals: m’n moeder verzorgen, boodschappen doen, eten maken en schoonmaken. Het is grotendeels aan mij voorbijgegaan, al zal ze me vast weleens om een boodschap hebben gestuurd. Voor zover ze zich met mijn opvoeding bemoeide hanteerde ze dezelfde stijl als mijn moeder: ze volstond met me intens treurig aan te kijken als ik iets deed, of overwoog, wat ze liever niet had. Ik weet niet of dat altijd werkt, maar bij mij wel.

Nadat m’n moeder overleden was heb ik Tante Dien een kleine tien jaar niet meer gezien! Nu ik het zo opschrijf dringt de enormiteit ervan pas goed tot me door, vandaar het uitroepteken.
Het had te maken met de verschillende zorgarrangementen die vervolgens voor mij werden bedacht. Om te beginnen werd ik een paar weken ondergebracht bij een collega van mijn vader, niet zo ver bij ons vandaan, zodat ik nog gewoon naar school kon. Vervolgens verkaste ik naar Bodegraven, waar Tante Jannie (de zus van mijn vader) en Oom Co mij voorlopig in huis namen. Pas na ruim een jaar kwam ik weer terug in ons oude huis in Den Haag, nadat mijn vader hertrouwd was.

Zelf was ik geneigd dat tweede huwelijk van mijn vader als het zoveelste zorgarrangement te beschouwen, maar de familie van mijn moeder dacht daar anders over. Alle banden werden verbroken en daardoor was ik die lieve Tante Dien ook helemaal kwijt. Ze verdween bijna uit mijn bewustzijn, moet ik eerlijk bekennen. Tot het meisje waar ik verliefd op was geworden allerlei vragen over het verleden begon te stellen en de herinnering aan haar weer werd geactiveerd. We zijn haar toen samen op gaan zoeken in een bejaardenhuis in Voorburg. Ik geloof dat ze dat wel erg leuk vond. Ze was nog steeds samen met haar vriendin: Corrie Feldmeijer, die liep ook te glunderen.

Goverdina Adriana de Raad werd 9-2-1893 geboren in Sliedrecht. Ze is overleden in 1973.

-----
De tekening is van Linda Hulshof
Meer informatie op: www.lindahulshof.nl

© 2018 Frits Hoorweg meer Frits Hoorweg - meer "Het leven zelf" -
Beschouwingen > Het leven zelf
Zorgarrangementen * Frits Hoorweg
1506BS ZorgNadat mijn moeder bedlegerig was geworden nam Tante Dien de zorg voor ons grotendeels over. Op werkdagen, dat waren er toen vijf en een half, arriveerde ze kort nadat ik naar school was vertrokken en bleef dan tot het einde van de middag. Zij woonde, samen met haar vriendin, aan de Koningin Wilhelminalaan in Voorburg en zal de reis waarschijnlijk gemaakt hebben met bus en tram. Onze flat bevond zich aan de andere kant van de stad, in Moerwijk. Beide vrouwen waren telefoniste geweest bij de PTT en ‘genoten’ daarom al vanaf hun 60e van hun pensioen. Al geloof ik dat het woord genieten toen nog niet zo nadrukkelijk in zwang was als nu.

Wij waren met z’n vieren. Mijn vader moest gewoon werken natuurlijk, al zullen zijn collega’s er vast voor gezorgd hebben dat hij wat meer tijd dan anders voor ons overhield. Naast mijn vader en m’n zieke moeder had ik een acht jaar oudere broer. Ik heb ‘m trouwens nog, we hebben samen geprobeerd de feiten in dit verhaaltje op een rijtje te krijgen. Dat viel nog niet mee, zo sta ik beslist niet in voor de exacte juistheid van alle opgevoerde tijdsaanduidingen. Hoe lang heeft Tante Dien ons op deze manier uit de brand geholpen? Ik denk een klein half jaar, het zal waarschijnlijk begonnen zijn in 1957, na de vakantieperiode, en dan heeft het dus geduurd tot het einde van dat jaar. M’n moeder is op 4 januari 1958 overleden.

Tante Dien was een zuster van mijn oma van moederskant en alles wijst erop dat ze een speciale band had met m’n moeder. Ze zal bij ons ongetwijfeld druk zijn geweest met allerlei praktische dingen, zoals: m’n moeder verzorgen, boodschappen doen, eten maken en schoonmaken. Het is grotendeels aan mij voorbijgegaan, al zal ze me vast weleens om een boodschap hebben gestuurd. Voor zover ze zich met mijn opvoeding bemoeide hanteerde ze dezelfde stijl als mijn moeder: ze volstond met me intens treurig aan te kijken als ik iets deed, of overwoog, wat ze liever niet had. Ik weet niet of dat altijd werkt, maar bij mij wel.

Nadat m’n moeder overleden was heb ik Tante Dien een kleine tien jaar niet meer gezien! Nu ik het zo opschrijf dringt de enormiteit ervan pas goed tot me door, vandaar het uitroepteken.
Het had te maken met de verschillende zorgarrangementen die vervolgens voor mij werden bedacht. Om te beginnen werd ik een paar weken ondergebracht bij een collega van mijn vader, niet zo ver bij ons vandaan, zodat ik nog gewoon naar school kon. Vervolgens verkaste ik naar Bodegraven, waar Tante Jannie (de zus van mijn vader) en Oom Co mij voorlopig in huis namen. Pas na ruim een jaar kwam ik weer terug in ons oude huis in Den Haag, nadat mijn vader hertrouwd was.

Zelf was ik geneigd dat tweede huwelijk van mijn vader als het zoveelste zorgarrangement te beschouwen, maar de familie van mijn moeder dacht daar anders over. Alle banden werden verbroken en daardoor was ik die lieve Tante Dien ook helemaal kwijt. Ze verdween bijna uit mijn bewustzijn, moet ik eerlijk bekennen. Tot het meisje waar ik verliefd op was geworden allerlei vragen over het verleden begon te stellen en de herinnering aan haar weer werd geactiveerd. We zijn haar toen samen op gaan zoeken in een bejaardenhuis in Voorburg. Ik geloof dat ze dat wel erg leuk vond. Ze was nog steeds samen met haar vriendin: Corrie Feldmeijer, die liep ook te glunderen.

Goverdina Adriana de Raad werd 9-2-1893 geboren in Sliedrecht. Ze is overleden in 1973.

-----
De tekening is van Linda Hulshof
Meer informatie op: www.lindahulshof.nl
© 2018 Frits Hoorweg
powered by CJ2