archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 11
Jaargang 18
25 maart 2021
Nummer 12 verschijnt op
15 april 2021
Bezigheden > Galerie delen printen terug
Wel zoden, maar nog geen dijk Dik Kruithof

1808BZ Yeb Hettinga Museum7500 jaar geleden nam de zeespiegelstijging af die ervoor had gezorgd dat de Noordzee ontstond en er een doorbraak bij Calais kwam. Er ontstonden strandwallen, waar nu de Waddeneilanden nog liggen. Daarachter ontstond een waddenlandschap waar veen werd gevormd en kwelderwallen waarachter bij hoog water klei werd afgezet. In de jaren 800 tot 1200 werd dat gebied geteisterd door grote stormen, die gaten in het veen sloegen waardoor de Waddenzee, de Lauwerszee en de Dollard en later ook de Zuiderzee ontstonden.

Tevens werden de in zee uitlopende afwateringsriviertjes Marne, Boorne en Lauwers in Friesland omvangrijke zeearmen. De Marne voerde het water van het Friese veengebied langs Bolsward naar het Vlie, de zeearm tussen Vlieland en Terschelling. De Boorne ontstond in het zandgebied van de Friese wouden en liep langs Leeuwarden naar de Waddenzee, waar de brede monding ook wel Bordine en Middelzee genoemd werd (en tussen Terschelling en Ameland als Borndiep de Noordzee bereikte). Na het ontstaan van de Zuiderzee slibden die armen snel dicht, waarna het in 1505 met de aanleg van de Oudebildtdijk op de zee werd gewonnen. De dijk werd in 261 dagen aangelegd door arbeiders uit Zeeland, Holland en Brabant. In het Bildt wordt nog altijd een eigen taal gesproken.

Toen Marne en Middelzee op hun grootst waren was er dus een bijna-eiland Westergo met de steden Harlingen, Franeker en Bolsward en kwelderwallen waarop rijtjes dorpen lagen. Kenmerk van het gebied is dat er altijd wel een stuk oude of nieuwere dijk in ‘t zicht is. Het belangrijkste monument is natuurlijk de Slachtedijk, die van Oosterbierum aan de Waddenzee naar Raerd in het midden van de provincie loopt en een lengte heeft van 42 km. Aanleiding voor een nieuwe Friese sporttraditie, de Slachtemarathon.

Helemaal1808BZ Westergo in het Noorden, op een terp uit de vroege middeleeuwen, ligt het dorpje Firdgum, met nu 70 inwoners. Er is een mooie kerktoren, zonder kerk en er is een prachtig landbouw- of streekmuseum in de oude school, het Yeb Hettinga-museum, of zoals ze het zelf zeggen: ‘ooit een school, later een verzameling van landbouwhistorie en nu een streekmuseum met archeologie van het Friese terpengebied en de locatie van de replica van een vroeg middeleeuws Zodenhuis. Het is een ode aan oprichter Yeb Hettinga (1938-1999), die tijdens zijn leven het schoolgebouw kocht en veel informatie verzamelde over de voormalige gemeente Barradeel en haar landbouwhistorie. Yeb Hettinga kon zijn werk niet voltooien, maar een stichting maakte zijn wens alsnog waar.’

Het Zodenhuis naast het museum is een reconstructie van huizen zoals die tussen de vierde en de achtste eeuw in Friesland op de hoger gelegen terpen stonden. Het Museum is in 2013, in een bijzondere samenwerking met de Rijksuniversiteit van Groningen, begonnen met de bouw van een boerderij uit graszoden. Archeologische opgravingen hebben namelijk laten zien dat zodenmateriaal gebruikt werd voor gebouwen. Naar Drentse modellen van houten boerderijen is gekozen voor een stalgebouw met dakdragende muren van zoden. Een eerste versie, gebouwd in de zomer van 2013, is in november van dat jaar ingestort. Oorzaak bleek inwatering bij een deur. Op 6 november 2015 werd de tweede versie opgeleverd en die staat nog fier overeind.

Het zodenhuis is natuurlijk de topattractie maar het hele landbouwmuseum is erg de moeite waard. Uiteraard ontbreken de grote werktuigen, maar wat er wel aanwezig is aan gereedschap (en alles wat in de landbouw werd gebruikt) is ongelooflijk.

------
De plaatjes zijn van de schrijver


© 2021 Dik Kruithof meer Dik Kruithof - meer "Galerie" -
Bezigheden > Galerie
Wel zoden, maar nog geen dijk Dik Kruithof
1808BZ Yeb Hettinga Museum7500 jaar geleden nam de zeespiegelstijging af die ervoor had gezorgd dat de Noordzee ontstond en er een doorbraak bij Calais kwam. Er ontstonden strandwallen, waar nu de Waddeneilanden nog liggen. Daarachter ontstond een waddenlandschap waar veen werd gevormd en kwelderwallen waarachter bij hoog water klei werd afgezet. In de jaren 800 tot 1200 werd dat gebied geteisterd door grote stormen, die gaten in het veen sloegen waardoor de Waddenzee, de Lauwerszee en de Dollard en later ook de Zuiderzee ontstonden.

Tevens werden de in zee uitlopende afwateringsriviertjes Marne, Boorne en Lauwers in Friesland omvangrijke zeearmen. De Marne voerde het water van het Friese veengebied langs Bolsward naar het Vlie, de zeearm tussen Vlieland en Terschelling. De Boorne ontstond in het zandgebied van de Friese wouden en liep langs Leeuwarden naar de Waddenzee, waar de brede monding ook wel Bordine en Middelzee genoemd werd (en tussen Terschelling en Ameland als Borndiep de Noordzee bereikte). Na het ontstaan van de Zuiderzee slibden die armen snel dicht, waarna het in 1505 met de aanleg van de Oudebildtdijk op de zee werd gewonnen. De dijk werd in 261 dagen aangelegd door arbeiders uit Zeeland, Holland en Brabant. In het Bildt wordt nog altijd een eigen taal gesproken.

Toen Marne en Middelzee op hun grootst waren was er dus een bijna-eiland Westergo met de steden Harlingen, Franeker en Bolsward en kwelderwallen waarop rijtjes dorpen lagen. Kenmerk van het gebied is dat er altijd wel een stuk oude of nieuwere dijk in ‘t zicht is. Het belangrijkste monument is natuurlijk de Slachtedijk, die van Oosterbierum aan de Waddenzee naar Raerd in het midden van de provincie loopt en een lengte heeft van 42 km. Aanleiding voor een nieuwe Friese sporttraditie, de Slachtemarathon.

Helemaal1808BZ Westergo in het Noorden, op een terp uit de vroege middeleeuwen, ligt het dorpje Firdgum, met nu 70 inwoners. Er is een mooie kerktoren, zonder kerk en er is een prachtig landbouw- of streekmuseum in de oude school, het Yeb Hettinga-museum, of zoals ze het zelf zeggen: ‘ooit een school, later een verzameling van landbouwhistorie en nu een streekmuseum met archeologie van het Friese terpengebied en de locatie van de replica van een vroeg middeleeuws Zodenhuis. Het is een ode aan oprichter Yeb Hettinga (1938-1999), die tijdens zijn leven het schoolgebouw kocht en veel informatie verzamelde over de voormalige gemeente Barradeel en haar landbouwhistorie. Yeb Hettinga kon zijn werk niet voltooien, maar een stichting maakte zijn wens alsnog waar.’

Het Zodenhuis naast het museum is een reconstructie van huizen zoals die tussen de vierde en de achtste eeuw in Friesland op de hoger gelegen terpen stonden. Het Museum is in 2013, in een bijzondere samenwerking met de Rijksuniversiteit van Groningen, begonnen met de bouw van een boerderij uit graszoden. Archeologische opgravingen hebben namelijk laten zien dat zodenmateriaal gebruikt werd voor gebouwen. Naar Drentse modellen van houten boerderijen is gekozen voor een stalgebouw met dakdragende muren van zoden. Een eerste versie, gebouwd in de zomer van 2013, is in november van dat jaar ingestort. Oorzaak bleek inwatering bij een deur. Op 6 november 2015 werd de tweede versie opgeleverd en die staat nog fier overeind.

Het zodenhuis is natuurlijk de topattractie maar het hele landbouwmuseum is erg de moeite waard. Uiteraard ontbreken de grote werktuigen, maar wat er wel aanwezig is aan gereedschap (en alles wat in de landbouw werd gebruikt) is ongelooflijk.

------
De plaatjes zijn van de schrijver
© 2021 Dik Kruithof
powered by CJ2