archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 9
Jaargang 18
25 februari 2021
Nummer 10 verschijnt op
11 maart 2021
Beschouwingen > Brief uit ... delen printen terug
De 'Rebarbadora' van de Daltons Nienke Nieuwenhuizen

1806BS Dalton1Het grootste deel van mijn leven in Portugal heb ik in de omgeving van Lagos doorgebracht. Maar nu woon ik, zoals jullie in De Leunstoel van december hebben kunnen lezen, aan de rivier Guadiana in Guerreiros do Rio. Twee en een half jaar terug kocht ik hier een klein stukje land met een caravan erop. Mijn huurhuis in Bãrão was mijn thuis en het bedoeninkje in Guerreiros mijn vrije-tijds-plekje.

Achtentwintig jaar geleden was Barão de São João een stil dorpje met ezels, muilezels, paarden en karren. De wasplaats was nog in gebruik. Je geknede brood kon je naar een bakkersvrouw brengen, die het voor je afbakte in een stenen oven. Drie jaar voor mijn komst naar Barão was het dorp voorzien van elektriciteit. Van de toen jongeren in het dorp hoorde ik dat ze de eerste auto binnen hun gemeenschap hadden verwelkomd. Auto’s waren er, in de tijd van mijn komst, nog steeds niet veel. Kleine autootjes op drie wielen waren ‘hot’ in die tijd. Ze hadden een bakje achter, waarin je je zeis, hark, zaag, big, geit, schaap, etc. kon vervoeren en op zondag je vrouw naar de kerk brengen.

Het jaarlijkse feest in juni hield de dorpelingen drie dagen, dag en nacht in de greep. Je moest wel meedoen, want als je thuisbleef leek het in de late avond en vroege ochtend of de accordeonspeler naast je in bed zat. Als je dan eindelijk bij het licht worden uitgedanst, je bed in dook vond onder je raam de Reveille alweer plaats en zat je van schrik meteen rechtop. Je bracht de morgen door in café Centraal om, met koffie, de vermoeidheid weg te spoelen. Processies waren er ook. De mannen liepen met het beeld van Sint Jan (Saõ João) in ganzenpas van de kerk naar het ‘Centre Cultural’. Daarbij hielden ze hun pet of hoed voor de borst; de enige keer in het jaar dat ze en public hun hoofddeksels afzetten. De tonsuurtjes, die door de hoofdbedekking op hun kale verder getaande schedels waren ontstaan, lichtten daarbij opvallend op!

Op die ‘Bailes’ ontmoetten vele inwoners van het dorp de gade voor hun leven.1806BS Dalton2 Ik werd ook wel eens verliefd, maar meer nog op het dorp en alles wat erbij hoorde. Speciaal het kneuterige, eenvoudige leven trok me enorm. Maar alles verandert, zo ook Barão. Ik houd nog steeds van het dorp, heb kinderen van baby’s zien opgroeien tot volwassen mensen, met ook alweer kinderen. Maar toen er in Guerreiros do Rio, waar mijn caravan stond, een huis vrij kwam dacht ik: misschien wordt het tijd te verkassen. Ik hield altijd al van die rivier. In de tijd dat ik nog wandeltochten begeleidde liep ik al menigmaal de route van Foz de Odeleite naar Odeleite en ook andere routes langs de rivier. Ook de idee dat Spanje zo dichtbij lag, trok me. En wederom de stilte en het letterlijk te moeten roeien met de riemen die er zijn. Het maakt me ervan bewust om niet alles als vanzelfsprekend te aanvaarden.

Vorige maand bracht ik enige tijd door bij mijn kinderen in Nederland en in die tijd trok in Guerreiros een windhoos langs. Precies over mijn landje. Bij terugkomst vond ik mijn golfplaten schuurtje in de bomen bij de buren. Wie die buren zijn weet trouwens niemand, want het land is al jaren verlaten. Gelukkig maar. Drie platen van het afdak dat ik over mijn caravan had laten bouwen lagen over die bomen heen, op een ander stuk land. De houten palen en de rest van de platen van het afdak zien er naakt, eenzaam en ontregeld uit. Mijn caravan is verschoven. Hoe krijg ik dat allemaal weer geregeld, was mijn eerste gedachte. Al mijn vrienden hier zijn, net als ik, al aardig op leeftijd en ik zie ze niet meer zo snel in bomen klimmen en/of zich laverend op ongelijke stukken rivierklei tussen bomen en struiken voortbewegen.

Maar gelukkig hebben we hier ‘De Daltons’. Die geuzennaam hebben ze te danken aan een vriendin van me. Ze had de familie, die alleen uit nog jonge mannen bestaat niet beter kunnen typeren. Vandaag hebben ze de boel met de hulp van een ‘rebarbadora’ (slijptol) en menselijke kracht letterlijk weer ‘recht’ getrokken!

-------
De plaatjes zijn van de schrijfster


© 2021 Nienke Nieuwenhuizen meer Nienke Nieuwenhuizen - meer "Brief uit ..."
Beschouwingen > Brief uit ...
De 'Rebarbadora' van de Daltons Nienke Nieuwenhuizen
1806BS Dalton1Het grootste deel van mijn leven in Portugal heb ik in de omgeving van Lagos doorgebracht. Maar nu woon ik, zoals jullie in De Leunstoel van december hebben kunnen lezen, aan de rivier Guadiana in Guerreiros do Rio. Twee en een half jaar terug kocht ik hier een klein stukje land met een caravan erop. Mijn huurhuis in Bãrão was mijn thuis en het bedoeninkje in Guerreiros mijn vrije-tijds-plekje.

Achtentwintig jaar geleden was Barão de São João een stil dorpje met ezels, muilezels, paarden en karren. De wasplaats was nog in gebruik. Je geknede brood kon je naar een bakkersvrouw brengen, die het voor je afbakte in een stenen oven. Drie jaar voor mijn komst naar Barão was het dorp voorzien van elektriciteit. Van de toen jongeren in het dorp hoorde ik dat ze de eerste auto binnen hun gemeenschap hadden verwelkomd. Auto’s waren er, in de tijd van mijn komst, nog steeds niet veel. Kleine autootjes op drie wielen waren ‘hot’ in die tijd. Ze hadden een bakje achter, waarin je je zeis, hark, zaag, big, geit, schaap, etc. kon vervoeren en op zondag je vrouw naar de kerk brengen.

Het jaarlijkse feest in juni hield de dorpelingen drie dagen, dag en nacht in de greep. Je moest wel meedoen, want als je thuisbleef leek het in de late avond en vroege ochtend of de accordeonspeler naast je in bed zat. Als je dan eindelijk bij het licht worden uitgedanst, je bed in dook vond onder je raam de Reveille alweer plaats en zat je van schrik meteen rechtop. Je bracht de morgen door in café Centraal om, met koffie, de vermoeidheid weg te spoelen. Processies waren er ook. De mannen liepen met het beeld van Sint Jan (Saõ João) in ganzenpas van de kerk naar het ‘Centre Cultural’. Daarbij hielden ze hun pet of hoed voor de borst; de enige keer in het jaar dat ze en public hun hoofddeksels afzetten. De tonsuurtjes, die door de hoofdbedekking op hun kale verder getaande schedels waren ontstaan, lichtten daarbij opvallend op!

Op die ‘Bailes’ ontmoetten vele inwoners van het dorp de gade voor hun leven.1806BS Dalton2 Ik werd ook wel eens verliefd, maar meer nog op het dorp en alles wat erbij hoorde. Speciaal het kneuterige, eenvoudige leven trok me enorm. Maar alles verandert, zo ook Barão. Ik houd nog steeds van het dorp, heb kinderen van baby’s zien opgroeien tot volwassen mensen, met ook alweer kinderen. Maar toen er in Guerreiros do Rio, waar mijn caravan stond, een huis vrij kwam dacht ik: misschien wordt het tijd te verkassen. Ik hield altijd al van die rivier. In de tijd dat ik nog wandeltochten begeleidde liep ik al menigmaal de route van Foz de Odeleite naar Odeleite en ook andere routes langs de rivier. Ook de idee dat Spanje zo dichtbij lag, trok me. En wederom de stilte en het letterlijk te moeten roeien met de riemen die er zijn. Het maakt me ervan bewust om niet alles als vanzelfsprekend te aanvaarden.

Vorige maand bracht ik enige tijd door bij mijn kinderen in Nederland en in die tijd trok in Guerreiros een windhoos langs. Precies over mijn landje. Bij terugkomst vond ik mijn golfplaten schuurtje in de bomen bij de buren. Wie die buren zijn weet trouwens niemand, want het land is al jaren verlaten. Gelukkig maar. Drie platen van het afdak dat ik over mijn caravan had laten bouwen lagen over die bomen heen, op een ander stuk land. De houten palen en de rest van de platen van het afdak zien er naakt, eenzaam en ontregeld uit. Mijn caravan is verschoven. Hoe krijg ik dat allemaal weer geregeld, was mijn eerste gedachte. Al mijn vrienden hier zijn, net als ik, al aardig op leeftijd en ik zie ze niet meer zo snel in bomen klimmen en/of zich laverend op ongelijke stukken rivierklei tussen bomen en struiken voortbewegen.

Maar gelukkig hebben we hier ‘De Daltons’. Die geuzennaam hebben ze te danken aan een vriendin van me. Ze had de familie, die alleen uit nog jonge mannen bestaat niet beter kunnen typeren. Vandaag hebben ze de boel met de hulp van een ‘rebarbadora’ (slijptol) en menselijke kracht letterlijk weer ‘recht’ getrokken!

-------
De plaatjes zijn van de schrijfster
© 2021 Nienke Nieuwenhuizen
powered by CJ2