archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 3
Jaargang 18
19 november 2020
Nummer 4 verschijnt op
3 december 2020
Bezigheden > Ontmoetingen delen printen terug
Twee onbekenden Reinier van Delden

1803BZ Cuba libreToch was het wel leuk.
Of althans, het had iets.
Het had iets kunnen worden.
Maar dat werd het niet.
De treinreis verliep voorspoedig.
Ondanks dat jij nog niet wakker was.
Goedbeschouwd was je niet te genieten.
Pas op Schiphol klaarde je een beetje op.
Maar goed, ik hield de moed er in.
Was monter, ondanks de zorgen die ik meesjouwde.

Het hotel was zoals verwacht.
Aan de rand van een stad.
Tegenover een braakliggend terrein.
En verderop een snelweg.
Afijn, ik was er content mee.
Jij aanvaarde het.
In het zwembad namen we een duik.
Het echode er, weet ik nog.
Elke plons galmde na.
We namen de metro.
Zaten naast elkaar als twee onbekenden.
Aten ergens.

En toen begon het gelazer.
De onenigheid.
De eerste irritaties.
Nog niet eens om dat je geen kerk in wou.
Dat kon ik enigszins nog wel waarderen.
Die schijnheiligheid waar jij niet tegen kon.
Daar kon ik inkomen.
Buiten op de stoep rookte jij je sigaretten.
Van die lange dunne.
Ik keek binnen naar Mariabeelden.
En dacht er, net als jij, ook het mijne van.

Maar toen gingen we dus eten.
Jij nam kleine hapjes.
Ik schrokte alles naar binnen.
Ik dronk.
Jij zoop.
En dat was precies het heikele punt.
Jouw achilleshiel.
Mijn zwakte.
Ik kon het niet laten om er over te beginnen.
Het ontaarde in een woordenwisseling.
Ik dacht dat ik gelijk had.
Jij legde je er bij neer.
Beloofde plechtig niet meer te drinken.

Toch had het wat.
Jij in je galajurk in die cocktailbar.
Nippend aan een glaasje.
En ik in mijn driedelig pak.
Met mijn Cuba Libre.
Het had iets kunnen worden.
Maar dat werd het niet.

------
Het plaatje is van Henk Klaren


© 2020 Reinier van Delden meer Reinier van Delden - meer "Ontmoetingen" -
Bezigheden > Ontmoetingen
Twee onbekenden Reinier van Delden
1803BZ Cuba libreToch was het wel leuk.
Of althans, het had iets.
Het had iets kunnen worden.
Maar dat werd het niet.
De treinreis verliep voorspoedig.
Ondanks dat jij nog niet wakker was.
Goedbeschouwd was je niet te genieten.
Pas op Schiphol klaarde je een beetje op.
Maar goed, ik hield de moed er in.
Was monter, ondanks de zorgen die ik meesjouwde.

Het hotel was zoals verwacht.
Aan de rand van een stad.
Tegenover een braakliggend terrein.
En verderop een snelweg.
Afijn, ik was er content mee.
Jij aanvaarde het.
In het zwembad namen we een duik.
Het echode er, weet ik nog.
Elke plons galmde na.
We namen de metro.
Zaten naast elkaar als twee onbekenden.
Aten ergens.

En toen begon het gelazer.
De onenigheid.
De eerste irritaties.
Nog niet eens om dat je geen kerk in wou.
Dat kon ik enigszins nog wel waarderen.
Die schijnheiligheid waar jij niet tegen kon.
Daar kon ik inkomen.
Buiten op de stoep rookte jij je sigaretten.
Van die lange dunne.
Ik keek binnen naar Mariabeelden.
En dacht er, net als jij, ook het mijne van.

Maar toen gingen we dus eten.
Jij nam kleine hapjes.
Ik schrokte alles naar binnen.
Ik dronk.
Jij zoop.
En dat was precies het heikele punt.
Jouw achilleshiel.
Mijn zwakte.
Ik kon het niet laten om er over te beginnen.
Het ontaarde in een woordenwisseling.
Ik dacht dat ik gelijk had.
Jij legde je er bij neer.
Beloofde plechtig niet meer te drinken.

Toch had het wat.
Jij in je galajurk in die cocktailbar.
Nippend aan een glaasje.
En ik in mijn driedelig pak.
Met mijn Cuba Libre.
Het had iets kunnen worden.
Maar dat werd het niet.

------
Het plaatje is van Henk Klaren
© 2020 Reinier van Delden
powered by CJ2