archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 17
Jaargang 17
2 juli 2020
Nummer 18 verschijnt op
3 september 2020
Vermaak en Genot > Luister! delen printen terug
Eenzaamheid Henk Klaren

1714VG EenzaamheidZangers en zangeressen zijn vaak eenzaam. Daar zingen ze dan over. Of misschien zijn niet de vertolkers van zo’n lied erg eenzaam, maar de tekstschrijvers, als dat anderen zijn. Of wellicht zijn er boze mannen, die denken dat eenzaamheid goed in de markt ligt.  Nou ja, ietsje te cynisch. En al was het zo, dan is er nog niet zoveel op tegen als luisteraars troost putten uit het idee dat ze niet de enigen zijn die zich zo rot voelen. In 1959 kwam (I’m just a) Lonely Boy uit, een singeltje van Paul Anka, een Canadese tienerster. Zo noemde je dat vroeger, tienerster. Oh ja, voordat ik het vergeet: een singeltje was een plaatje van – ik denk – vinyl. Het had twee afspeelbare kanten. Op elke kant stond één nummer. Je draaide het af op een zogeheten platenspeler op 45 toeren (per minuut?). Nog eerder bestonden ze ook op 78 toeren. Die waren groter (net zo groot als elpees, die je dan weer op 33 toeren afspeelde). Lonely Boy was de zogenoemde A-kant van het singeltje. Op de B-kant stond Your Love. Ik zou niet weten hoe dat klonk. Toch eens naar luisteren.

Toen het nummer pas uit was, werd het op de radio gedraaid. Dat was in het programma Tijd voor Teenagers. Eén van de zeer weinige programma’s met muziek ‘voor de jeugd’. ’s Zaterdags om 13.15 uur. Presentatie: Herman Stok, een keurige heer, haartjes in de scheiding, jasje, dasje. Kort nadat hij Lonely Boy had gedraaid brak hij in in het volgende nummer en meldde dat de zender werd ‘platgebeld door wanhopige tieners’ die het nummer nog een keer wilden horen. Herman voldeed uiteraard aan die verzoeken. Eenzame tieners dus, die troost vinden in de eenzaamheid van Anka. Die moet geweten hebben wat het is, hij schreef de song zelf.

Lonely Boy was Paul Anka’s eerste nummer één hit. Er volgden er nog meer. En het was bij lange na niet het enige succesvolle lied over eenzaamheid. Roy Orbison’s Only the Lonely (know how I feel) is misschien nog wel zieliger. En So Lonely van The Police klinkt bepaald indringender. Ikzelf heb – van de eenzaamheidsliedjes – nog het meeste met Conway Twitty’s Lonely Blue Boy. Ja, da’s niet zo moeilijk. Het stond op het repertoire van het bandje waarin ik toen akkoordjes speelde. Ik vind het nog steeds een mooi nummer. Het is de enige reden waarom ik ooit eens een verzamelelpee van Twitty heb gekocht. Het lied is niet van hemzelf: het is geschreven door Weisman en Wise, zo’n liedjesschrijversduo als je in die tijd veel had. Het was bedoeld voor King Creole, een film met Elvis Presley, maar is nooit in de film terecht gekomen. Het heette toen trouwens niet Lonely Blue Boy, maar Danny. Twitty (die eigenlijk Harold Lloyd Jenkins heette, niets is wat het lijkt) nam het op als Lonely Blue Boy. En terecht want dat stukje tekst past beter in het metrum. De oorspronkelijk opname van de song is als Danny veel later door Elvis ook nog uitgebracht. Beetje overbodig, minder, maar zo schijnen die dingen te gaan.

En ook de vrouwen hebben het soms moeilijk, Brenda Lee zong bijvoorbeeld heel mooi dat ze helemaal alleen was: All alone am I. Al die eenzaamheid ging natuurlijk over de liefde. Niemand had toen nog ooit gehoord van de ‘anderhalvemetersamenleving’, maar het gevoel is vast wel een beetje analoog.

---------
Het plaatje is van Han Busstra


© 2020 Henk Klaren meer Henk Klaren - meer "Luister!" -
Vermaak en Genot > Luister!
Eenzaamheid Henk Klaren
1714VG EenzaamheidZangers en zangeressen zijn vaak eenzaam. Daar zingen ze dan over. Of misschien zijn niet de vertolkers van zo’n lied erg eenzaam, maar de tekstschrijvers, als dat anderen zijn. Of wellicht zijn er boze mannen, die denken dat eenzaamheid goed in de markt ligt.  Nou ja, ietsje te cynisch. En al was het zo, dan is er nog niet zoveel op tegen als luisteraars troost putten uit het idee dat ze niet de enigen zijn die zich zo rot voelen. In 1959 kwam (I’m just a) Lonely Boy uit, een singeltje van Paul Anka, een Canadese tienerster. Zo noemde je dat vroeger, tienerster. Oh ja, voordat ik het vergeet: een singeltje was een plaatje van – ik denk – vinyl. Het had twee afspeelbare kanten. Op elke kant stond één nummer. Je draaide het af op een zogeheten platenspeler op 45 toeren (per minuut?). Nog eerder bestonden ze ook op 78 toeren. Die waren groter (net zo groot als elpees, die je dan weer op 33 toeren afspeelde). Lonely Boy was de zogenoemde A-kant van het singeltje. Op de B-kant stond Your Love. Ik zou niet weten hoe dat klonk. Toch eens naar luisteren.

Toen het nummer pas uit was, werd het op de radio gedraaid. Dat was in het programma Tijd voor Teenagers. Eén van de zeer weinige programma’s met muziek ‘voor de jeugd’. ’s Zaterdags om 13.15 uur. Presentatie: Herman Stok, een keurige heer, haartjes in de scheiding, jasje, dasje. Kort nadat hij Lonely Boy had gedraaid brak hij in in het volgende nummer en meldde dat de zender werd ‘platgebeld door wanhopige tieners’ die het nummer nog een keer wilden horen. Herman voldeed uiteraard aan die verzoeken. Eenzame tieners dus, die troost vinden in de eenzaamheid van Anka. Die moet geweten hebben wat het is, hij schreef de song zelf.

Lonely Boy was Paul Anka’s eerste nummer één hit. Er volgden er nog meer. En het was bij lange na niet het enige succesvolle lied over eenzaamheid. Roy Orbison’s Only the Lonely (know how I feel) is misschien nog wel zieliger. En So Lonely van The Police klinkt bepaald indringender. Ikzelf heb – van de eenzaamheidsliedjes – nog het meeste met Conway Twitty’s Lonely Blue Boy. Ja, da’s niet zo moeilijk. Het stond op het repertoire van het bandje waarin ik toen akkoordjes speelde. Ik vind het nog steeds een mooi nummer. Het is de enige reden waarom ik ooit eens een verzamelelpee van Twitty heb gekocht. Het lied is niet van hemzelf: het is geschreven door Weisman en Wise, zo’n liedjesschrijversduo als je in die tijd veel had. Het was bedoeld voor King Creole, een film met Elvis Presley, maar is nooit in de film terecht gekomen. Het heette toen trouwens niet Lonely Blue Boy, maar Danny. Twitty (die eigenlijk Harold Lloyd Jenkins heette, niets is wat het lijkt) nam het op als Lonely Blue Boy. En terecht want dat stukje tekst past beter in het metrum. De oorspronkelijk opname van de song is als Danny veel later door Elvis ook nog uitgebracht. Beetje overbodig, minder, maar zo schijnen die dingen te gaan.

En ook de vrouwen hebben het soms moeilijk, Brenda Lee zong bijvoorbeeld heel mooi dat ze helemaal alleen was: All alone am I. Al die eenzaamheid ging natuurlijk over de liefde. Niemand had toen nog ooit gehoord van de ‘anderhalvemetersamenleving’, maar het gevoel is vast wel een beetje analoog.

---------
Het plaatje is van Han Busstra
© 2020 Henk Klaren
powered by CJ2