archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 15
Jaargang 16
30 mei 2019
Nummer 16 verschijnt op
20 juni 2019
Bezigheden > Op de fiets delen printen terug
Mar del Plata (6) Bram Schilperoord

1615BZ PelgrimfietserWe waren 'back in the saddle again' en reden door een laaghangende bewolking, waaruit een gestage motregen viel, afgewisseld door plensbuien. Je zou je in Nederland wanen ware het niet dat we wederom met volle kracht op de pedalen moesten staan en soms 1 op 1 reden (voor de kenners: het kleinste blad vóór, het grootste blad achter). Lopend ga je sneller). 'Elk nadeel heb zijn voordeel' volgens onze wijsgeer J. Cruijff en dat was ook voor ons van toepassing. In die zin dat we ondanks onze doorweekte kleren het niet koud kregen door de overmatige inspanning die we moesten leveren om boven te komen.

Ik moet stoppen met medelijden op te wekken, tenslotte hebben we ons deze onderneming zelf op de hals gehaald. Maar toen we na een kilometer of tien eindelijk konden schuilen onder de luifel van een pompstation en na nog eens vijf kilometer verderop in een hotel onze drijfnatte kleding konden verwisselen voor een iets minder natte outfit, bleken we dezelfde gedachte te hebben: ‘moeten we hier mee doorgaan? Wat is de zin hiervan?’ Jacques zat te rillen van de kou en ik voelde me ook niet erg senang.

'Wat kost hier een kamer?' vroegen we. 'Vijftig' was het antwoord. Vrij duur, maar bovendien: wat hadden we hier te zoeken? Zo gezellig zag het er niet uit. Bleef dus de vraag: ‘Hoe komen we hier weg?’. Een taxi was geen optie met onze zwaar beladen fietsen, afgezien van de vraag of er hier op deze bergtop ooit een taxi was gesignaleerd. De enkele auto die bij het hotel stopte voor een snelle koffie zou (of kon) ons zeker niet meenemen. 'De moed zonk ons in de schoenen', om één van Jacques gezegdes te gebruiken. En met diezelfde 'moed der wanhoop' begaven we ons maar weer op weg.

Waren we zulke softies? Nee toch? We hadden er al bijna duizend op zitten! Vijftien kilometer verder troffen we in het stadje A Gudiña een verlaten spoorwegstation aan, waar volgens een afgebladderde dienstregeling 's avonds om half acht een trein zou vertrekken, richting Ourense. Een eindje verder in een cafetaria sprak een serveerster zowaar een paar woorden Engels en was zo vriendelijk een functionaris van de Renfe (Spaanse NS) te bellen met de vraag of die trein ook fietsen meenam. Nee, was het antwoord.

Maar veel beter: een snelbus richting Madrid deed om drie uur 's middags het stadje aan, reed naar Ourense, en nam wél fietsen mee! Tickets te verkrijgen in Hostal Madeleine, gelegen aan de N525. We reden er naar toe, kochten tickets bij een oud dametje, wezen op onze fietsen waarop ze hoofdschuddend zei dat die zó niet mee konden. Daarop daalde ze af in een kelder en kwam terug met een tiental kartonnen dozen en gebaarde dat we die om de fietsen moesten wikkelen. Ook kregen we een rol plakband en een schaar. Op haar aanwijzingen schroefden we de pedalen los, haalden de voorwielen er uit, zetten de sturen scheef en verpakten de fietsen volgens dezelfde procedure die je moet verrichten als je je fiets per vliegtuig wilt meenemen.

Helaas waren de doosjes zo klein dat die met geen mogelijkheid de fietsen bedekten en het plakband waarmee we de boel bij elkaar probeerden te houden had nauwelijks plakkracht. De kans dat de bus onze fietsen in een dergelijke, gehavende conditie mee zou nemen achtten we gering, maar toen die een uurtje later voor het hostel stopte konden we alles zonder bezwaren in de kofferruimte deponeren. Er stonden nog een paar doosloze fietsen in met wielen en pedalen en al. Heel die demontage en verpakking was niet nodig geweest! De super-de-luxe bus nam niet de moeite de N 525 te nemen, maar koos onmiddellijk de 6-baanssnelweg naar Ourense en een uur later waren we daar. Zonder gewetensbezwaren, we waren tenslotte Categorie 3 Pelegrinos.

Trivia: Behalve dat in de toiletten van de cafés en cafetaria's in Spanje zelden zeep te vinden is (en vrijwel nooit iets om je handen te drogen), raak je ook elke keer weer gedesoriënteerd omdat na ongeveer één minuut het licht uitgaat en je in het duister, op de tast je weg naar buiten moet zien te vinden.

-------
Het plaatje is van Henk Klaren


© 2019 Bram Schilperoord meer Bram Schilperoord - meer "Op de fiets"
Bezigheden > Op de fiets
Mar del Plata (6) Bram Schilperoord
1615BZ PelgrimfietserWe waren 'back in the saddle again' en reden door een laaghangende bewolking, waaruit een gestage motregen viel, afgewisseld door plensbuien. Je zou je in Nederland wanen ware het niet dat we wederom met volle kracht op de pedalen moesten staan en soms 1 op 1 reden (voor de kenners: het kleinste blad vóór, het grootste blad achter). Lopend ga je sneller). 'Elk nadeel heb zijn voordeel' volgens onze wijsgeer J. Cruijff en dat was ook voor ons van toepassing. In die zin dat we ondanks onze doorweekte kleren het niet koud kregen door de overmatige inspanning die we moesten leveren om boven te komen.

Ik moet stoppen met medelijden op te wekken, tenslotte hebben we ons deze onderneming zelf op de hals gehaald. Maar toen we na een kilometer of tien eindelijk konden schuilen onder de luifel van een pompstation en na nog eens vijf kilometer verderop in een hotel onze drijfnatte kleding konden verwisselen voor een iets minder natte outfit, bleken we dezelfde gedachte te hebben: ‘moeten we hier mee doorgaan? Wat is de zin hiervan?’ Jacques zat te rillen van de kou en ik voelde me ook niet erg senang.

'Wat kost hier een kamer?' vroegen we. 'Vijftig' was het antwoord. Vrij duur, maar bovendien: wat hadden we hier te zoeken? Zo gezellig zag het er niet uit. Bleef dus de vraag: ‘Hoe komen we hier weg?’. Een taxi was geen optie met onze zwaar beladen fietsen, afgezien van de vraag of er hier op deze bergtop ooit een taxi was gesignaleerd. De enkele auto die bij het hotel stopte voor een snelle koffie zou (of kon) ons zeker niet meenemen. 'De moed zonk ons in de schoenen', om één van Jacques gezegdes te gebruiken. En met diezelfde 'moed der wanhoop' begaven we ons maar weer op weg.

Waren we zulke softies? Nee toch? We hadden er al bijna duizend op zitten! Vijftien kilometer verder troffen we in het stadje A Gudiña een verlaten spoorwegstation aan, waar volgens een afgebladderde dienstregeling 's avonds om half acht een trein zou vertrekken, richting Ourense. Een eindje verder in een cafetaria sprak een serveerster zowaar een paar woorden Engels en was zo vriendelijk een functionaris van de Renfe (Spaanse NS) te bellen met de vraag of die trein ook fietsen meenam. Nee, was het antwoord.

Maar veel beter: een snelbus richting Madrid deed om drie uur 's middags het stadje aan, reed naar Ourense, en nam wél fietsen mee! Tickets te verkrijgen in Hostal Madeleine, gelegen aan de N525. We reden er naar toe, kochten tickets bij een oud dametje, wezen op onze fietsen waarop ze hoofdschuddend zei dat die zó niet mee konden. Daarop daalde ze af in een kelder en kwam terug met een tiental kartonnen dozen en gebaarde dat we die om de fietsen moesten wikkelen. Ook kregen we een rol plakband en een schaar. Op haar aanwijzingen schroefden we de pedalen los, haalden de voorwielen er uit, zetten de sturen scheef en verpakten de fietsen volgens dezelfde procedure die je moet verrichten als je je fiets per vliegtuig wilt meenemen.

Helaas waren de doosjes zo klein dat die met geen mogelijkheid de fietsen bedekten en het plakband waarmee we de boel bij elkaar probeerden te houden had nauwelijks plakkracht. De kans dat de bus onze fietsen in een dergelijke, gehavende conditie mee zou nemen achtten we gering, maar toen die een uurtje later voor het hostel stopte konden we alles zonder bezwaren in de kofferruimte deponeren. Er stonden nog een paar doosloze fietsen in met wielen en pedalen en al. Heel die demontage en verpakking was niet nodig geweest! De super-de-luxe bus nam niet de moeite de N 525 te nemen, maar koos onmiddellijk de 6-baanssnelweg naar Ourense en een uur later waren we daar. Zonder gewetensbezwaren, we waren tenslotte Categorie 3 Pelegrinos.

Trivia: Behalve dat in de toiletten van de cafés en cafetaria's in Spanje zelden zeep te vinden is (en vrijwel nooit iets om je handen te drogen), raak je ook elke keer weer gedesoriënteerd omdat na ongeveer één minuut het licht uitgaat en je in het duister, op de tast je weg naar buiten moet zien te vinden.

-------
Het plaatje is van Henk Klaren
© 2019 Bram Schilperoord
powered by CJ2