archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 4
Jaargang 16
29 november 2018
Nummer 5 verschijnt op
13 december 2018
Vermaak en Genot > Luister! delen printen terug
Automobile Blues, niet alleen muzikaal Henk Klaren

1604VG Automoblie BluesAls ik met de tram op huis aanga, zitten er vaak ietwat intellectueel aandoende types in. Grijze haren, makkelijke schoenen, dure casual kleding. Niet modieus, niet outdoor, verstándig. Dat soort passagiers verlaat de tram altijd bij mijn halte. Je kunt de klok er op gelijk zetten. Ze gaan dan altijd rechtsaf, naar het Gemeentemuseum of – even verder – het fotomuseum en het GEM. Ik ga linksaf, want die kant moet ik op om thuis te komen. Niet dat ik nooit naar het Gemeentemuseum ga, maar nooit als ik net uit de tram kom. Ik denk stiekem wel eens dat die museumbezoekers denken dat ik de verkeerde kant op ga. Ik zie er eigenlijk net zo uit. Nou ja, wellicht iets minder intellectueel en iets meer modieus.

Soms gebeurt het dat ik aan het eind van de middag met de tram naar huis ga. De musea zijn dan gesloten. Ook om die tijd stappen diverse mensen uit bij mijn halte, maar het waren heel andere types. Ik sluit niet uit dat ze tegenwoordig millennials genoemd worden. Vrij jonge mensen in kantoorkleding: pakken, hakken, dat werk. En veel van die lui stappen dan met kwieke pas naar een geparkeerde auto, stappen in, starten de auto en rijden terug! Het duurde de eerste keer even voordat bij mij het kwartje viel. De directe omgeving van de tramhalte deed dienst als park-and-ride voorziening. Sinds de invoering van betaald parkeren in mijn wijk doet het verschijnsel zich overigens niet meer voor. Benieuwd welke oplossing die types nu hebben bedacht voor hun woon-werkverkeer.

Ik vond en vind het ook opvallend dat al die jonge professionals in zo ongeveer dezelfde auto reden/rijden. Een algemeen verschijnsel trouwens in deze tijden. Naar mijn idee lijken alle auto’s op elkaar. Maar wat auto’s betreft moet je niet op mij letten. Ik heb er niks mee. Ik heb geen auto. Ooit hebben we er eentje gehad. Dat duurde een half jaar. Het was een blauwe kever. Ik had hem met sterren bezaaid. En toen ging hij kapot.

Heel vroeger vond ik sommige auto’s wel mooi. Je had toen veel meer auto’s met een eigen karakter. De Renault Alpine, de Ford Fairlane, de Jaguar E-type, de Thunderbird … Kun je nagaan hoe oud ik ben.

En ik vind veel liedjes die over auto’s gaan leuk. Dat wel. Er schieten me zo een paar te binnen. En daar beperk ik me nu maar even toe, want ik weet zeker dat je wordt overspoeld met van alles als je een paar minuutjes op het net gaat zoeken.

Mercedes Benz van Janis Joplin spant wat mij betreft de kroon. ‘A song of great social and political import’. En zo is het maar net. Dat gaat niet op voor Kendel Carson’s Big Trucks. Daar zingt een dun blond meisje dat ze van grote vrachtwagens houdt en van snelle auto’s. Maar het klinkt wel lekker. Het blijft Amerika natuurlijk. Dat geldt ook voor het heel oude Tough Little Buggy, ook wel My Little Corvair geheten. Waarom dat nou in mijn gedachten bleef haken weet ik ook niet. Het is van The Newbeats, geblondeerde vetkuiven in pakken met te korte broekspijpen die met kopstemmen zingen (nou ja zongen) dat ze een Chevrolet Corvair een klein autootje vonden. Toen dachten ze in Amerika dat een ietsje minder grote auto klein en compact was. Ze zongen dat lied ook op het Grand Gala du Disque (weet iemand nog wat dat was?) van 1964 of daaromtrent. Het was de B-kant van hun grote hit Bread and Butter. Of GM als sponsor van Tough Little Buggy optrad is mij niet bekend.

In diezelfde tijd en min of meer in dezelfde stijl, maar véél en véél beter, had je Fun, Fun, Fun door The Beach Boys. Die hàdden veel plezier met hun Thunderbird tot die ‘T-bird’ door hun vader werd geconfisceerd, zei het liedje. Townes van Zandt had het natuurlijk nog veel moeilijker met My Starter Won't Start. Kon hij niet naar zijn liefje. Er was sprake van een ‘bad disconnection, way down in the piston ring’. Ik ken het nummer van Van Zandt. Staat op die gezellige plaat Road Songs. Daar staat Automobile Blues ook op. Net als My Starter … is dat nummer eigenlijk van Lightning Hopkins. Gevalletje van culturele toe-eigening zouden sommigen zeggen. Ik niet hoor.

Nee dan The Kinks, die willen helemaal geen Cadillac. Ze hébben er één, maar die gaan ze terugbrengen. Ook al kapot.

----- 
Het plaatje is van Alex Verduijn den Boer

© 2018 Henk Klaren meer Henk Klaren - meer "Luister!" -
Vermaak en Genot > Luister!
Automobile Blues, niet alleen muzikaal Henk Klaren
1604VG Automoblie BluesAls ik met de tram op huis aanga, zitten er vaak ietwat intellectueel aandoende types in. Grijze haren, makkelijke schoenen, dure casual kleding. Niet modieus, niet outdoor, verstándig. Dat soort passagiers verlaat de tram altijd bij mijn halte. Je kunt de klok er op gelijk zetten. Ze gaan dan altijd rechtsaf, naar het Gemeentemuseum of – even verder – het fotomuseum en het GEM. Ik ga linksaf, want die kant moet ik op om thuis te komen. Niet dat ik nooit naar het Gemeentemuseum ga, maar nooit als ik net uit de tram kom. Ik denk stiekem wel eens dat die museumbezoekers denken dat ik de verkeerde kant op ga. Ik zie er eigenlijk net zo uit. Nou ja, wellicht iets minder intellectueel en iets meer modieus.

Soms gebeurt het dat ik aan het eind van de middag met de tram naar huis ga. De musea zijn dan gesloten. Ook om die tijd stappen diverse mensen uit bij mijn halte, maar het waren heel andere types. Ik sluit niet uit dat ze tegenwoordig millennials genoemd worden. Vrij jonge mensen in kantoorkleding: pakken, hakken, dat werk. En veel van die lui stappen dan met kwieke pas naar een geparkeerde auto, stappen in, starten de auto en rijden terug! Het duurde de eerste keer even voordat bij mij het kwartje viel. De directe omgeving van de tramhalte deed dienst als park-and-ride voorziening. Sinds de invoering van betaald parkeren in mijn wijk doet het verschijnsel zich overigens niet meer voor. Benieuwd welke oplossing die types nu hebben bedacht voor hun woon-werkverkeer.

Ik vond en vind het ook opvallend dat al die jonge professionals in zo ongeveer dezelfde auto reden/rijden. Een algemeen verschijnsel trouwens in deze tijden. Naar mijn idee lijken alle auto’s op elkaar. Maar wat auto’s betreft moet je niet op mij letten. Ik heb er niks mee. Ik heb geen auto. Ooit hebben we er eentje gehad. Dat duurde een half jaar. Het was een blauwe kever. Ik had hem met sterren bezaaid. En toen ging hij kapot.

Heel vroeger vond ik sommige auto’s wel mooi. Je had toen veel meer auto’s met een eigen karakter. De Renault Alpine, de Ford Fairlane, de Jaguar E-type, de Thunderbird … Kun je nagaan hoe oud ik ben.

En ik vind veel liedjes die over auto’s gaan leuk. Dat wel. Er schieten me zo een paar te binnen. En daar beperk ik me nu maar even toe, want ik weet zeker dat je wordt overspoeld met van alles als je een paar minuutjes op het net gaat zoeken.

Mercedes Benz van Janis Joplin spant wat mij betreft de kroon. ‘A song of great social and political import’. En zo is het maar net. Dat gaat niet op voor Kendel Carson’s Big Trucks. Daar zingt een dun blond meisje dat ze van grote vrachtwagens houdt en van snelle auto’s. Maar het klinkt wel lekker. Het blijft Amerika natuurlijk. Dat geldt ook voor het heel oude Tough Little Buggy, ook wel My Little Corvair geheten. Waarom dat nou in mijn gedachten bleef haken weet ik ook niet. Het is van The Newbeats, geblondeerde vetkuiven in pakken met te korte broekspijpen die met kopstemmen zingen (nou ja zongen) dat ze een Chevrolet Corvair een klein autootje vonden. Toen dachten ze in Amerika dat een ietsje minder grote auto klein en compact was. Ze zongen dat lied ook op het Grand Gala du Disque (weet iemand nog wat dat was?) van 1964 of daaromtrent. Het was de B-kant van hun grote hit Bread and Butter. Of GM als sponsor van Tough Little Buggy optrad is mij niet bekend.

In diezelfde tijd en min of meer in dezelfde stijl, maar véél en véél beter, had je Fun, Fun, Fun door The Beach Boys. Die hàdden veel plezier met hun Thunderbird tot die ‘T-bird’ door hun vader werd geconfisceerd, zei het liedje. Townes van Zandt had het natuurlijk nog veel moeilijker met My Starter Won't Start. Kon hij niet naar zijn liefje. Er was sprake van een ‘bad disconnection, way down in the piston ring’. Ik ken het nummer van Van Zandt. Staat op die gezellige plaat Road Songs. Daar staat Automobile Blues ook op. Net als My Starter … is dat nummer eigenlijk van Lightning Hopkins. Gevalletje van culturele toe-eigening zouden sommigen zeggen. Ik niet hoor.

Nee dan The Kinks, die willen helemaal geen Cadillac. Ze hébben er één, maar die gaan ze terugbrengen. Ook al kapot.

----- 
Het plaatje is van Alex Verduijn den Boer
© 2018 Henk Klaren
powered by CJ2