archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 5
Jaargang 16
12 december 2018
Vermaak en Genot > De wereldliteratuur roept delen printen terug
Swaab en Emmer Arie de Jong

1601VG EmmerWeinig dingen doen me zo’n genoegen dan dat andere mensen, die dat ook veel beter kunnen dan ik dat ooit zou kunnen, jaren van hun leven besteden om kwesties goed uit te zoeken, een prachtige roman te bedenken of geweldige beeldende kunst te maken, en mij in de gelegenheid stellen daarvan te genieten en er wijzer van te worden. Twee daarvan wil ik er uitlichten, Dick Swaab en Piet Emmer.

Dick Swaab is een gepensioneerde neurowetenschapper, was hoogleraar neurobiologie en hersenarts. Hij is bekend geworden met een boek dat een bestseller werd: ‘Wij zijn ons brein’. Piet Emmer is een historicus, gepensioneerd hoogleraar van de Universiteit Leiden, die zich vooral richtte op slavernij en immigratie. Zijn bekendste werk is: ‘De Nederlandse slavenhandel 1500-1850’.

Qua inhoud hebben beide geleerde mannen niets met elkaar te maken. Wel komen zij in wat anders overeen: ze hebben op hun eigen gebied, op grond van lange studie en afweging, indringende boeken geschreven over brede en gecompliceerde zaken. Beiden deden dat op grond van feiten, met het tonen van wetenschappelijke twijfel, en in mijn ogen met een overtuigend resultaat. Maar beiden hebben ook te maken gekregen met oppositie, deels op basis van die zelfde wetenschappelijke twijfel, deels omdat de uitkomsten van hun studie niet in het straatje pasten van sommige van hun opposanten.

Dick Swaab beschrijft in zijn boek ‘Wij zijn ons brein’ hoe de wisselwerking er aan toe gaat bij de geboorte van een baby, de wisselwerking tussen de baby en het moederlichaam. De vrucht van de evolutie, kun je zeggen, waarbij subtiele signalen over en weer ervoor zorgen dat de geboorte een succes wordt. Daar komt geen denkwerk bij te pas, de moeder is immers ‘geprogrammeerd’. Gelukkig maar, want anders zou het onvermijdelijk mis gaan. Dat staat volgens Dick Swaab model voor hoe bij veel kwesties mensen reageren en opereren. Daaruit komt de in mijn ogen centrale gedachte voort in dit boek van Dick Swaab: er is geen aparte ‘piloot’ in je hersens, geen aparte ‘ik’ die ingrijpt of corrigeert. Het totaal van wat in je brein plaatsvindt, dat ben jij, dat is jouw identiteit. Zo’n bevinding is uiteraard in strijd met de in onze cultuur gewortelde idee van een ‘ziel’, ook sterk verbonden met het christelijk geloof.
Het zal niet verbazen dat er een hoop weerstand is tegen deze bevinding van Dick Swaab. Terwijl ik na zo’n boek denk: dus zó zit het, blij dat ik het nu beter snap!
Wat maakt dat er zo’n weerstand is tegen een overtuigend en goed onderbouwd betoog? Ook van andere wetenschappers? Die zelfs aankomen met argumenten die de bevindingen van Dick Swaab bevestigen!

Piet Emmer schetst in zijn boek ‘De Nederlandse slavenhandel 1500-1850’, een gedetailleerd beeld van de slavenhandel door Nederlanders, maar ook van de manier waarop dat in de Nederlandse samenleving werd goedgepraat. De dominees haalden immers een verhaaltje uit de Bijbel tevoorschijn, over de vervloeking van Cham door Noach. In de achterlijke denkwijze was Cham de stamvader van de donkere bevolking in Afrika, die ertoe veroordeeld zijn dienstbaar te zijn aan de witte mens. Zelfs wie de Bijbel letterlijk neemt, gaat wel heel vrij om met wat er daarover in de Bijbel staat. Van meer belang is echter dat Piet Emmer duidelijk maakt dat slavernij en slavenhandel een gesel is van alle tijden en dat deze zaken ook wat breder bekeken moeten worden.

Buitengewoon leerzaam allemaal. Uit niets blijkt dat Piet Emmer ook maar enige sympathie heeft voor slavernij of slavenhandel. Maar het komt hem evenzeer te staan op weerstand, ook van andere wetenschappers. Voor mij onbegrijpelijk, al zijn er wel verklaringen mogelijk. Wat mij irriteert is bijvoorbeeld, dat door de idiote oriëntatie van wetenschappers op de wetenschapsbeoefening in de Verenigde Staten men automatisch te zware accenten meekrijgt van de ervaringen in de Verenigde Staten zelf. Op het vlak van slavernij is dat de nadruk op de miljoenen Afrikanen die in enkele eeuwen tijd naar Amerika zijn verscheept en daar werden uitgebuit en ontmenselijkt. Verschrikkelijk, en tegelijk niet het totale verhaal van de slavernij.

Wat Dick Swaab en Piet Emmer gemeen hebben, is dat ze beiden een brede blik hebben en de feiten laten spreken. Ze hanteren beiden een wetenschappelijke methode en het is prima mogelijk hun bevindingen te bekritiseren. Ongetwijfeld zullen we er over een paar decennia nog genuanceerder over kunnen denken, omdat er nieuwe informatie bij is gekomen, waardoor we een en ander beter snappen. Ze laten zich echter niet leiden door vooringenomenheid en dat kan botsen met wie wel vanuit een bepaalde levensovertuiging de wereld probeert te verklaren, of die er een meer gesloten idee op nahoudt over hoe de werkelijkheid in elkaar zit (ten aanzien van slavernij of het menselijk bewustzijn).
Het maakt me wat moedeloos, die weerstand, soms grenzend aan ‘gedachtenpolitie’.

-----
Het plaatje is van Petra Busstra


© 2018 Arie de Jong meer Arie de Jong - meer "De wereldliteratuur roept" -
Vermaak en Genot > De wereldliteratuur roept
Swaab en Emmer Arie de Jong
1601VG EmmerWeinig dingen doen me zo’n genoegen dan dat andere mensen, die dat ook veel beter kunnen dan ik dat ooit zou kunnen, jaren van hun leven besteden om kwesties goed uit te zoeken, een prachtige roman te bedenken of geweldige beeldende kunst te maken, en mij in de gelegenheid stellen daarvan te genieten en er wijzer van te worden. Twee daarvan wil ik er uitlichten, Dick Swaab en Piet Emmer.

Dick Swaab is een gepensioneerde neurowetenschapper, was hoogleraar neurobiologie en hersenarts. Hij is bekend geworden met een boek dat een bestseller werd: ‘Wij zijn ons brein’. Piet Emmer is een historicus, gepensioneerd hoogleraar van de Universiteit Leiden, die zich vooral richtte op slavernij en immigratie. Zijn bekendste werk is: ‘De Nederlandse slavenhandel 1500-1850’.

Qua inhoud hebben beide geleerde mannen niets met elkaar te maken. Wel komen zij in wat anders overeen: ze hebben op hun eigen gebied, op grond van lange studie en afweging, indringende boeken geschreven over brede en gecompliceerde zaken. Beiden deden dat op grond van feiten, met het tonen van wetenschappelijke twijfel, en in mijn ogen met een overtuigend resultaat. Maar beiden hebben ook te maken gekregen met oppositie, deels op basis van die zelfde wetenschappelijke twijfel, deels omdat de uitkomsten van hun studie niet in het straatje pasten van sommige van hun opposanten.

Dick Swaab beschrijft in zijn boek ‘Wij zijn ons brein’ hoe de wisselwerking er aan toe gaat bij de geboorte van een baby, de wisselwerking tussen de baby en het moederlichaam. De vrucht van de evolutie, kun je zeggen, waarbij subtiele signalen over en weer ervoor zorgen dat de geboorte een succes wordt. Daar komt geen denkwerk bij te pas, de moeder is immers ‘geprogrammeerd’. Gelukkig maar, want anders zou het onvermijdelijk mis gaan. Dat staat volgens Dick Swaab model voor hoe bij veel kwesties mensen reageren en opereren. Daaruit komt de in mijn ogen centrale gedachte voort in dit boek van Dick Swaab: er is geen aparte ‘piloot’ in je hersens, geen aparte ‘ik’ die ingrijpt of corrigeert. Het totaal van wat in je brein plaatsvindt, dat ben jij, dat is jouw identiteit. Zo’n bevinding is uiteraard in strijd met de in onze cultuur gewortelde idee van een ‘ziel’, ook sterk verbonden met het christelijk geloof.
Het zal niet verbazen dat er een hoop weerstand is tegen deze bevinding van Dick Swaab. Terwijl ik na zo’n boek denk: dus zó zit het, blij dat ik het nu beter snap!
Wat maakt dat er zo’n weerstand is tegen een overtuigend en goed onderbouwd betoog? Ook van andere wetenschappers? Die zelfs aankomen met argumenten die de bevindingen van Dick Swaab bevestigen!

Piet Emmer schetst in zijn boek ‘De Nederlandse slavenhandel 1500-1850’, een gedetailleerd beeld van de slavenhandel door Nederlanders, maar ook van de manier waarop dat in de Nederlandse samenleving werd goedgepraat. De dominees haalden immers een verhaaltje uit de Bijbel tevoorschijn, over de vervloeking van Cham door Noach. In de achterlijke denkwijze was Cham de stamvader van de donkere bevolking in Afrika, die ertoe veroordeeld zijn dienstbaar te zijn aan de witte mens. Zelfs wie de Bijbel letterlijk neemt, gaat wel heel vrij om met wat er daarover in de Bijbel staat. Van meer belang is echter dat Piet Emmer duidelijk maakt dat slavernij en slavenhandel een gesel is van alle tijden en dat deze zaken ook wat breder bekeken moeten worden.

Buitengewoon leerzaam allemaal. Uit niets blijkt dat Piet Emmer ook maar enige sympathie heeft voor slavernij of slavenhandel. Maar het komt hem evenzeer te staan op weerstand, ook van andere wetenschappers. Voor mij onbegrijpelijk, al zijn er wel verklaringen mogelijk. Wat mij irriteert is bijvoorbeeld, dat door de idiote oriëntatie van wetenschappers op de wetenschapsbeoefening in de Verenigde Staten men automatisch te zware accenten meekrijgt van de ervaringen in de Verenigde Staten zelf. Op het vlak van slavernij is dat de nadruk op de miljoenen Afrikanen die in enkele eeuwen tijd naar Amerika zijn verscheept en daar werden uitgebuit en ontmenselijkt. Verschrikkelijk, en tegelijk niet het totale verhaal van de slavernij.

Wat Dick Swaab en Piet Emmer gemeen hebben, is dat ze beiden een brede blik hebben en de feiten laten spreken. Ze hanteren beiden een wetenschappelijke methode en het is prima mogelijk hun bevindingen te bekritiseren. Ongetwijfeld zullen we er over een paar decennia nog genuanceerder over kunnen denken, omdat er nieuwe informatie bij is gekomen, waardoor we een en ander beter snappen. Ze laten zich echter niet leiden door vooringenomenheid en dat kan botsen met wie wel vanuit een bepaalde levensovertuiging de wereld probeert te verklaren, of die er een meer gesloten idee op nahoudt over hoe de werkelijkheid in elkaar zit (ten aanzien van slavernij of het menselijk bewustzijn).
Het maakt me wat moedeloos, die weerstand, soms grenzend aan ‘gedachtenpolitie’.

-----
Het plaatje is van Petra Busstra
© 2018 Arie de Jong
powered by CJ2