archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 19
Jaargang 15
13 september 2018
Nummer 20 verschijnt op
27 september 2018
Beschouwingen > In de polder delen printen terug
Een blunder van formaat * Arie de Jong

1509BS PvdAstruikel2Met een beetje fantasie kun je voor je zelf genoeg blunders en andere beschamende zaken bedenken om er een nacht niet van te slapen. Maar sommige zijn te erg om op te schrijven, dus hou ik die gewoon geheim. Voordat ik toe ben aan de blunders, eerst aandacht voor de meevallers.

Een jaar of vijf geleden had ik benauwdheid op de borst. Op naar de dokter. Die maakte een hartfilmpje, luisterde naar de geluiden in mijn borst en stuurde me voor de zekerheid door naar het ziekenhuis voor een onderzoek. Weer een hartfilmpje en van alles en nog wat. Nog steeds loop ik alsnog te hijgen bij de herinnering aan de lopende band waar tot aan de rand van je mogelijkheden werd getest hoe het met je hart is. Het zat allemaal goed, maar overal werd me gezegd: je bloeddruk is te hoog. Sindsdien slik ik dagelijks pillen om de bloeddruk binnen de perken te houden. Een veganistisch, alcoholvrij en zeer zoutarm dieet zou vermoedelijk hetzelfde resultaat hebben, maar dat gaat me te ver.

Waar het nu echter om gaat: de bijwerkingen.
Ik lees de bijsluiter van pillen en drankjes altijd goed en hou vooral de kans in de gaten dat er allerlei vervelende bijwerkingen kunnen optreden: misselijkheid, hoofdpijn, lusteloosheid, onbekwaamheid om een auto te besturen, of nog erger: een streep door seksuele uitspattingen. Er wordt nooit gerept over mogelijke positieve effecten. Die zijn er ook! Vanaf het moment dat ik die pillen ging slikken, heb ik nooit meer hoofdpijn. Niet dat ik daar elke dag een probleem mee had, maar gemiddeld een keer of twee per maand kwam ik uit bed met koppijn en pijnstillers hielpen niet altijd voldoende.

Tegenvallers en blunders blijven je beter bij dan meevallers en geniale momenten (voor zover aanwezig). Met een kanttekening. Bij de reünie van mijn lagere schoolklas bleek mij dat een moment waarvoor ik mij al die jaren zeer had geschaamd voor niemand een herinnering betekende: ze wisten gewoon niet meer dat het mij was overkomen! Je kunt dat een meevaller noemen, maar je kunt ook zeggen dat schaamte een persoonlijke emotie is die niet noodzakelijk een spiegel vindt in de beleving van anderen. Kun je je wel schamen voor iets dat door anderen niet wordt herkend?

Over veel miskleunen wil ik het niet hebben. Soms kun je ook pas achteraf zeggen dat het een miskleun was. Dat je iemand aanneemt en al na een maand heb je door dat die nieuwe medewerker niet alleen niet voldoet, maar dat het ook nooit wat zal worden. Zulke miskleunen hebben het niveau van achteraf een koe in de kont kijken.
Kleine miskleunen zijn er eigenlijk elke dag. Je koopt de mandarijnen die in de aanbieding zijn, maar thuis blijken ze niet al te sappig te zijn en vol pitten te zitten. Of je gokt erop dat het wel droog blijft als je een stukje gaat fietsen, maar je krijgt de volle laag en komt ‘doorwaternat’ thuis.

Het is daarom tijd voor een blunder van formaat.
Rond 1990 zat ik in de PvdA in een kleine commissie die de statuten van de partij ging moderniseren. De meeste mensen vinden dat vervelend werk, om statuten te lezen laat staan ze kritisch door te lichten, ik niet. Ik ben er dol op, want je zit te sleutelen aan de organisatie en de gang van zaken in een organisatie. Eigenlijk zaten er maar twee mensen in die commissie, plus medewerkers van het partijbureau die te maken hadden met de gang van zaken in de organisatie (de bestuurssecretaris) of met conflicten die opgelost moesten worden (de consulent).

De buitenstaanders waren Wiepke de Jong en ik. Wiepke was geen familie, wel een fenomeen. Iedereen die tussen 1965 en 1995 ook maar enigszins actief is geweest in de PvdA weet van Wiepke de Jong. Zijn partijfunctie was secretaris van het gewest Den Haag. De man liep rond in een groezelige combinatie van een blauw jasje op een donkergrijze broek, met een enigszins bevlekte stropdas en een snelle gang naar het spreekgestoelte om daar heel hard ‘van de orde’ te roepen. Niemand doorgrondde de statuten en reglementen beter dan Wiepke.

Hoe dan ook, in die kleine commissie heb ik bewerkstelligd en de regels geschreven om de kandidaatstelling in de PvdA te centraliseren. Tot die tijd werden de kandidatenlijsten voor de Tweede Kamer en de Eerste Kamer in de PvdA vastgesteld door de gewesten (per provincie, maar in de Randstad hadden de drie grootste steden zelfs eigen autonomie en waren ook een gewest). Vooral in de Randstad vond men dat uit de perifere provincies minder goede Kamerleden werden geleverd en dat daardoor talent uit de Randstad niet kon doordringen. Ik stond natuurlijk niet alleen in mijn idee dat die kandidaatstelling daarom beter gecentraliseerd kon worden. Tijdens het congres dat de nieuwe statuten vaststelde en waar ik die centralisatie verdedigde, heb ik er zelfs nog ruzie over gehad met Wim Kok. Dat was in het toiletblok, bij het wassen van de handen. Hij had liever gezien dat we een goede mix hadden gemaakt van landelijke kandidaten en regionale kandidaten. Nu zeg ik: hij had gelijk.

Wat heb ik er later een spijt gehad dat die kandidaatstelling werd gecentraliseerd. De macht lag voortaan bij de top van de partij en ik kan de lezer verzekeren: dat is de verkeerde plaats. Je krijgt die macht daar ook niet meer weg. De kandidaten die voortaan op de lijst stonden waren niet beter dan in het verleden, maar ze waren wel uitgekozen door de top, dus had men minder last van ze. Ook werden ze voortaan gemakkelijker op de vuilnisbelt van de geschiedenis achtergelaten. Kortom: dom, dom, dom.

-----
Het plaatje is van Henk Klaren


© 2018 Arie de Jong meer Arie de Jong - meer "In de polder" -
Beschouwingen > In de polder
Een blunder van formaat * Arie de Jong
1509BS PvdAstruikel2Met een beetje fantasie kun je voor je zelf genoeg blunders en andere beschamende zaken bedenken om er een nacht niet van te slapen. Maar sommige zijn te erg om op te schrijven, dus hou ik die gewoon geheim. Voordat ik toe ben aan de blunders, eerst aandacht voor de meevallers.

Een jaar of vijf geleden had ik benauwdheid op de borst. Op naar de dokter. Die maakte een hartfilmpje, luisterde naar de geluiden in mijn borst en stuurde me voor de zekerheid door naar het ziekenhuis voor een onderzoek. Weer een hartfilmpje en van alles en nog wat. Nog steeds loop ik alsnog te hijgen bij de herinnering aan de lopende band waar tot aan de rand van je mogelijkheden werd getest hoe het met je hart is. Het zat allemaal goed, maar overal werd me gezegd: je bloeddruk is te hoog. Sindsdien slik ik dagelijks pillen om de bloeddruk binnen de perken te houden. Een veganistisch, alcoholvrij en zeer zoutarm dieet zou vermoedelijk hetzelfde resultaat hebben, maar dat gaat me te ver.

Waar het nu echter om gaat: de bijwerkingen.
Ik lees de bijsluiter van pillen en drankjes altijd goed en hou vooral de kans in de gaten dat er allerlei vervelende bijwerkingen kunnen optreden: misselijkheid, hoofdpijn, lusteloosheid, onbekwaamheid om een auto te besturen, of nog erger: een streep door seksuele uitspattingen. Er wordt nooit gerept over mogelijke positieve effecten. Die zijn er ook! Vanaf het moment dat ik die pillen ging slikken, heb ik nooit meer hoofdpijn. Niet dat ik daar elke dag een probleem mee had, maar gemiddeld een keer of twee per maand kwam ik uit bed met koppijn en pijnstillers hielpen niet altijd voldoende.

Tegenvallers en blunders blijven je beter bij dan meevallers en geniale momenten (voor zover aanwezig). Met een kanttekening. Bij de reünie van mijn lagere schoolklas bleek mij dat een moment waarvoor ik mij al die jaren zeer had geschaamd voor niemand een herinnering betekende: ze wisten gewoon niet meer dat het mij was overkomen! Je kunt dat een meevaller noemen, maar je kunt ook zeggen dat schaamte een persoonlijke emotie is die niet noodzakelijk een spiegel vindt in de beleving van anderen. Kun je je wel schamen voor iets dat door anderen niet wordt herkend?

Over veel miskleunen wil ik het niet hebben. Soms kun je ook pas achteraf zeggen dat het een miskleun was. Dat je iemand aanneemt en al na een maand heb je door dat die nieuwe medewerker niet alleen niet voldoet, maar dat het ook nooit wat zal worden. Zulke miskleunen hebben het niveau van achteraf een koe in de kont kijken.
Kleine miskleunen zijn er eigenlijk elke dag. Je koopt de mandarijnen die in de aanbieding zijn, maar thuis blijken ze niet al te sappig te zijn en vol pitten te zitten. Of je gokt erop dat het wel droog blijft als je een stukje gaat fietsen, maar je krijgt de volle laag en komt ‘doorwaternat’ thuis.

Het is daarom tijd voor een blunder van formaat.
Rond 1990 zat ik in de PvdA in een kleine commissie die de statuten van de partij ging moderniseren. De meeste mensen vinden dat vervelend werk, om statuten te lezen laat staan ze kritisch door te lichten, ik niet. Ik ben er dol op, want je zit te sleutelen aan de organisatie en de gang van zaken in een organisatie. Eigenlijk zaten er maar twee mensen in die commissie, plus medewerkers van het partijbureau die te maken hadden met de gang van zaken in de organisatie (de bestuurssecretaris) of met conflicten die opgelost moesten worden (de consulent).

De buitenstaanders waren Wiepke de Jong en ik. Wiepke was geen familie, wel een fenomeen. Iedereen die tussen 1965 en 1995 ook maar enigszins actief is geweest in de PvdA weet van Wiepke de Jong. Zijn partijfunctie was secretaris van het gewest Den Haag. De man liep rond in een groezelige combinatie van een blauw jasje op een donkergrijze broek, met een enigszins bevlekte stropdas en een snelle gang naar het spreekgestoelte om daar heel hard ‘van de orde’ te roepen. Niemand doorgrondde de statuten en reglementen beter dan Wiepke.

Hoe dan ook, in die kleine commissie heb ik bewerkstelligd en de regels geschreven om de kandidaatstelling in de PvdA te centraliseren. Tot die tijd werden de kandidatenlijsten voor de Tweede Kamer en de Eerste Kamer in de PvdA vastgesteld door de gewesten (per provincie, maar in de Randstad hadden de drie grootste steden zelfs eigen autonomie en waren ook een gewest). Vooral in de Randstad vond men dat uit de perifere provincies minder goede Kamerleden werden geleverd en dat daardoor talent uit de Randstad niet kon doordringen. Ik stond natuurlijk niet alleen in mijn idee dat die kandidaatstelling daarom beter gecentraliseerd kon worden. Tijdens het congres dat de nieuwe statuten vaststelde en waar ik die centralisatie verdedigde, heb ik er zelfs nog ruzie over gehad met Wim Kok. Dat was in het toiletblok, bij het wassen van de handen. Hij had liever gezien dat we een goede mix hadden gemaakt van landelijke kandidaten en regionale kandidaten. Nu zeg ik: hij had gelijk.

Wat heb ik er later een spijt gehad dat die kandidaatstelling werd gecentraliseerd. De macht lag voortaan bij de top van de partij en ik kan de lezer verzekeren: dat is de verkeerde plaats. Je krijgt die macht daar ook niet meer weg. De kandidaten die voortaan op de lijst stonden waren niet beter dan in het verleden, maar ze waren wel uitgekozen door de top, dus had men minder last van ze. Ook werden ze voortaan gemakkelijker op de vuilnisbelt van de geschiedenis achtergelaten. Kortom: dom, dom, dom.

-----
Het plaatje is van Henk Klaren
© 2018 Arie de Jong
powered by CJ2