archiefvorig nr.lopend nr.

Nummer 1
Jaargang 15
12 oktober 2017
Nummer 2 verschijnt op
26 oktober 2017
Beschouwingen > Het leven zelf delen printen terug
Vrijdag ga ik dood Joop Quint

1501BS EuthanasieVrijdag ga ik dood. Een beetje een vreemd idee, maar het is toch echt zo. Alles is nu wel ongeveer geregeld. Vanmiddag is dokter Van Putten geweest om de laatste afspraken te maken. Er komt ook nog een andere dokter, die komt om te kijken of het wel echt nodig is en of alles volgens de regels verloopt. Het lijkt overdreven, maar die zorgvuldigheid geeft me wel een goed gevoel.

Ik ben er niet bang voor. De beslissing hebben we al meer dan een jaar geleden genomen. Toen zag het er naar uit dat het op korte termijn zover zou zijn. Maar door de chemo, waar ik eerst niet aan wilde, bleken de vermoeidheid en de pijn toch mee te vallen en redelijk dragelijk te zijn. Maar nu is het helemaal niet leuk meer en het wordt alleen maar erger. Ik heb heel veel pijn. Ik kom bijna mijn bed niet meer uit.

Het is een goed jaar geweest. Een soort extra jaar. Ik had de tijd om alles rustig met de kinderen en de kleinkinderen te bespreken en leuke dingen te doen. We zijn nog twee keer naar ons huisje op Terschelling geweest. Een keer met alleen maar de kinderen. Dat was heel bijzonder, gewoon met z’n viertjes en alle tijd voor elkaar. En Rob is niet van nature een bijzonder zorgzame man, maar hij heeft me heel goed verzorgd. Bovendien had ik de tijd om hem behoorlijk wegwijs te maken in ons huis en de keuken. Dat moet hij straks alleen doen. Hij had zich eigenlijk nooit bemoeid met dingen als stofzuigen en koken.

En ik had alle tijd om oude foto’s en brieven door te nemen. Soms hele mooie herinneringen. Verder waren er de goede vrienden, sommigen vlak in de buurt, om mee te praten, lachen, eten, of kleine uitstapjes te maken. Het zijn zo nu en dan vreemde situaties, want terwijl ik echt kan zitten genieten, bedenk ik dat het binnenkort helemaal voorbij is. Dan ben ik er niet meer.

Alles went. Ik had me een tijd geleden niet voor kunnen stellen dat ik zou wennen aan een pruik op mijn hoofd. Maar we hebben een goede uitgekozen. Hij lijkt erg op mijn echte haar. Mensen die het niet weten, zien het niet. Wat niet went, maar dat hoeft ook niet, dat Taco mijn kist aan het timmeren is. Hij vroeg het, ik knutsel graag en ik vond het meteen een prachtig idee.

En nu is het zover. Ik zeg wel dat alles geregeld is, maar er is toch nog veel te doen. Dan heb ik veel aan Rob. Hij is rustig en het is een goede regelaar. We hebben de kinderen al verteld dat het nu echt gaat gebeuren. Ik moet afscheid van ze nemen. Heel raar. Ik wil graag dat Taco en Saskia en natuurlijk Rob er op het laatst bij zijn. Maar van de kleinkinderen en van mijn schoonzoon en schoondochter moet ik eerder afscheid nemen. Vreemd. En van sommige vrienden eigenlijk ook. Dat moet ik nog met Rob bespreken. Ik kan ze toch niet zo maar een rouwkaart sturen.

Met die rouwkaarten en eigenlijk met de hele crematie komt het wel goed. Rob en ik hebben het helemaal besproken. De tekst van de kaart staat vast, eigenlijk hoeven alleen maar de datum en het tijdstip te worden ingevuld. Zo tussendoor hebben we de enveloppen al geschreven. Dat was wel apart, met z’n tweetjes aan tafel, je eigen rouwkaart schrijven. De muziek en wie er spreekt hebben we ook al bepaald. Ik zie zelfs helemaal voor me hoe het gaat. Een klein jaar geleden hebben we op dezelfde plek afscheid genomen van een goede vriend en een goede vriendin.

Maar nu ben ik het dus zelf. Vreemd. Ik ben er wel en ik ben er niet. Ik lig in mijn kist, of eigenlijk Taco’s kist, en mensen lopen bij me langs. Ik ga weg en de mensen gaan met elkaar praten met een kopje thee, of bier, of witte wijn en bitterballen. Dat hebben we goed besproken. Bitterballen.

------
De tekening is van Linda Hulshof
Meer informatie op: www.lindahulshof.nl

© 2017 Joop Quint meer Joop Quint - meer "Het leven zelf" -
Beschouwingen > Het leven zelf
Vrijdag ga ik dood Joop Quint
1501BS EuthanasieVrijdag ga ik dood. Een beetje een vreemd idee, maar het is toch echt zo. Alles is nu wel ongeveer geregeld. Vanmiddag is dokter Van Putten geweest om de laatste afspraken te maken. Er komt ook nog een andere dokter, die komt om te kijken of het wel echt nodig is en of alles volgens de regels verloopt. Het lijkt overdreven, maar die zorgvuldigheid geeft me wel een goed gevoel.

Ik ben er niet bang voor. De beslissing hebben we al meer dan een jaar geleden genomen. Toen zag het er naar uit dat het op korte termijn zover zou zijn. Maar door de chemo, waar ik eerst niet aan wilde, bleken de vermoeidheid en de pijn toch mee te vallen en redelijk dragelijk te zijn. Maar nu is het helemaal niet leuk meer en het wordt alleen maar erger. Ik heb heel veel pijn. Ik kom bijna mijn bed niet meer uit.

Het is een goed jaar geweest. Een soort extra jaar. Ik had de tijd om alles rustig met de kinderen en de kleinkinderen te bespreken en leuke dingen te doen. We zijn nog twee keer naar ons huisje op Terschelling geweest. Een keer met alleen maar de kinderen. Dat was heel bijzonder, gewoon met z’n viertjes en alle tijd voor elkaar. En Rob is niet van nature een bijzonder zorgzame man, maar hij heeft me heel goed verzorgd. Bovendien had ik de tijd om hem behoorlijk wegwijs te maken in ons huis en de keuken. Dat moet hij straks alleen doen. Hij had zich eigenlijk nooit bemoeid met dingen als stofzuigen en koken.

En ik had alle tijd om oude foto’s en brieven door te nemen. Soms hele mooie herinneringen. Verder waren er de goede vrienden, sommigen vlak in de buurt, om mee te praten, lachen, eten, of kleine uitstapjes te maken. Het zijn zo nu en dan vreemde situaties, want terwijl ik echt kan zitten genieten, bedenk ik dat het binnenkort helemaal voorbij is. Dan ben ik er niet meer.

Alles went. Ik had me een tijd geleden niet voor kunnen stellen dat ik zou wennen aan een pruik op mijn hoofd. Maar we hebben een goede uitgekozen. Hij lijkt erg op mijn echte haar. Mensen die het niet weten, zien het niet. Wat niet went, maar dat hoeft ook niet, dat Taco mijn kist aan het timmeren is. Hij vroeg het, ik knutsel graag en ik vond het meteen een prachtig idee.

En nu is het zover. Ik zeg wel dat alles geregeld is, maar er is toch nog veel te doen. Dan heb ik veel aan Rob. Hij is rustig en het is een goede regelaar. We hebben de kinderen al verteld dat het nu echt gaat gebeuren. Ik moet afscheid van ze nemen. Heel raar. Ik wil graag dat Taco en Saskia en natuurlijk Rob er op het laatst bij zijn. Maar van de kleinkinderen en van mijn schoonzoon en schoondochter moet ik eerder afscheid nemen. Vreemd. En van sommige vrienden eigenlijk ook. Dat moet ik nog met Rob bespreken. Ik kan ze toch niet zo maar een rouwkaart sturen.

Met die rouwkaarten en eigenlijk met de hele crematie komt het wel goed. Rob en ik hebben het helemaal besproken. De tekst van de kaart staat vast, eigenlijk hoeven alleen maar de datum en het tijdstip te worden ingevuld. Zo tussendoor hebben we de enveloppen al geschreven. Dat was wel apart, met z’n tweetjes aan tafel, je eigen rouwkaart schrijven. De muziek en wie er spreekt hebben we ook al bepaald. Ik zie zelfs helemaal voor me hoe het gaat. Een klein jaar geleden hebben we op dezelfde plek afscheid genomen van een goede vriend en een goede vriendin.

Maar nu ben ik het dus zelf. Vreemd. Ik ben er wel en ik ben er niet. Ik lig in mijn kist, of eigenlijk Taco’s kist, en mensen lopen bij me langs. Ik ga weg en de mensen gaan met elkaar praten met een kopje thee, of bier, of witte wijn en bitterballen. Dat hebben we goed besproken. Bitterballen.

------
De tekening is van Linda Hulshof
Meer informatie op: www.lindahulshof.nl
© 2017 Joop Quint
powered by CJ2