archiefvorig nr.lopend nr.

Beschouwingen > Brief uit ... delen printen terug
Bolivia en de Zee (2) Hans Meijer

1106BS Bolivia Mar1In 2010 leek het er even op dat een van de vele deelconflicten tussen Chili en Bolivia opgelost zou gaan worden. Op regeringsniveau was er sprake van een akkoord over het gebruik van ‘las aguas del Silala’ (de wateren van de Silala). Chili had zich bereid verklaard om tot nader order vijftienduizend dollar per dag te betalen voor de helft van het Silala water. Tot grote ergernis van de Boliviaanse regering wezen representanten van het departement Potosí dit voorstel af omdat het volgens hen geen rekening hield met ‘la deuda histórica’ (de historische schuld). De onderhandelingen over dit onderwerp zijn daarna afgebroken. Betalingen vinden niet plaats.

Waar men ook kijkt in Bolivia is de zee. In boekhandels kocht ik boeken met aansprekende titels als ‘Tan lejos del mar’ (Zo ver van de zee) van Roberto Brockmann (2012)  en ‘Sí, el Mar!’ (Ja, de zee!) van Jorge Siles Salinas (2012). Op een muur in Cochabamba, zie foto, zag ik de tekst: ‘Levantemos nuestra voz por nuestro Litoral que pronto tendrá Bolivia, su mar, su mar, su mar.’ (Laten we onze stem verheffen voor onze Litoral die Bolivia spoedig zal bezitten, haar zee, haar zee, haar zee!). Elders trof ik een zeegedicht van Oscar Cerruto aan: ‘Mi patria tiene montañas, no mar. Olas de trigo y trigales, no mar. Espuma azul los pinares, no mar. Cielos de esmalte fundido, no mar. Y el coro ronco del viento sin mar!’ (Mijn vaderland heeft bergen, geen zee. Golven van tarwe en tarwevelden, geen zee. Blauwe schuim van dennenbossen, geen zee. Luchten van gesmolten email, geen zee. En het koor hees van de wind zonder zee!).

Had de geschiedenis anders kunnen verlopen? Roberto Querejazu Calvo beschrijft in zijn boek ‘Guano, Salitre, Sangre’ (1992) (Guano, salpeter en bloed) de zoektocht die Francisco Burdett O’Connor in 1825 naar een haven in el Litoral ondernam. In de beoogde havenstad Cobija ontmoette hij een man die hem vertelde dat alle inwoners aan de pokken gestorven waren op hem en zijn broer na. Vrijwel nergens was drinkwater. In 1826 schreef de Boliviaanse president Antonio José de Sucre een brief aan zijn vriend ‘El Libertador’ Simón Bolívar met het verzoek om de Peruaanse havenstad Arica en haar zusterstad Tacna aan Bolivia toe te wijzen. Arica was sinds de dagen van de zilvermijnen van Potosí de haven van Bolivia. Sucre’s verzoek werd door de inwoners van Tacna en Arica ondersteund. Zij gaven de voorkeur aan Bolivia boven Peru want beide steden waren economisch gezien volledig afhankelijk van Bolivia. Bolívar weigerde het verzoek van Sucre in te willigen. Een tragische vergissing. Door Tacna en Arica aan Bolivia toe te wijzen had hij de geschiedenis een grote dienst  kunnen bewijzen.

De import en export van Bolivia verloopt nog altijd voor een groot deel via Chileense havens, met name Arica en Antofagasta. Maar het plan van de regering van Gonzalo Sánchez de Lozada om ook Boliviaans gas via Chili, en niet via Peru, naar de Verenigde Staten te exporteren had in 2003 op de Boliviaanse bevolking de uitwerking van een rode lap op een stier. Geen ene molecuul gas ging er naar Chili! Eerst onze zee terug! Dat Bolivia niet alleen Chili maar vooral ook zichzelf met deze door emotie gedreven politiek benadeelt neemt men hier op de koop toe.

Sinds haar onafhankelijkheid in 1825 verloor Bolivia door oorlogen en diplomatiek handelen meer dan de helft van haar grondgebied aan haar vijf buren. Waarom is juist Chili van deze vijf landen de gebeten hond? In zijn boek ‘Presidencia Sitiada’ (Belegerd presidentschap) geeft oud-president Carlos Mesa (2008) hiervoor een intrigerende verklaring: ‘Voorbij alle historische, juridische en morele overwegingen zien we dat Chili dichtbij de ontwikkelde landen staat. Chili is rijk en Bolivia is arm. Alleen al daarom mag van Chili flexibiliteit verwacht worden. Chili heeft meer dan 4200 kilometer kust en het is toch niet absurd dat Bolivia voorstelt dat het tien kilometer kust terug wil.’ Het is voor Bolivianen een raadsel dat Chili deze minimalistische wens niet wil honoreren want daarna kan er over gas, water en andere zaken gesproken worden.

Een ander hoofdstuk uit het absurde theater van de zee is onze marine, zie foto. Naast een land- en een luchtmacht beschikt Bolivia ook over een zeemacht. Geen zee maar wel admiraals, viceadmiraals en mariniers. In afwachting van onze soevereine terugkeer naar de zee bewaakt de Boliviaanse marine nu onze rivieren en meren. Het is wachten op Godot.

Zes jaar nadat Bolivia het ‘Tratado de Paz y Amistad’ met Chili ondertekend had keerde het op haar schreden terug. Bolivia1106BS Bolivia Mar2 wilde bij nader inzien een eigen soevereine toegang tot de zee. Het Chileense standpunt is sindsdien onveranderlijk geweest dat het verdrag van 1904 de grens met Bolivia duidelijk markeert en er geen openstaande punten meer zijn. Voor een Boliviaan is dit onbegrijpelijk. Onderhandelingen zijn hier nooit af en kunnen te allen tijde heropend worden en ook een verdrag kan in Boliviaanse ogen altijd gereviseerd worden.

In 2012 kreeg de Boliviaanse regering genoeg van het vruchteloze overleg met Chili. Bolivia eiste, bij monde van haar president Evo Morales, een concreet voorstel van Chili voor een soevereine toegang tot de zee. Chili weigerde hierop in te gaan. Tot verrassing van vriend en vijand wendde Bolivia zich toen tot het Internationale Gerechtshof in Den Haag met het verzoek Chili te dwingen tot het doen van een concreet voorstel op basis van ‘derechos espectativos’ (rechten ontleend aan ‘gewekte verwachtingen’). Nu deze rechtszaak loopt is er in Bolivia sprake van een stilte voor de storm. Men wacht af, maar nu al staat vast dat welke uitspraak het Gerechtshof in deze zaak ook doet de in het ongelijk gestelde partij deze onherroepelijke uitspraak zal verwerpen. In 1977 deed Argentinië dat ten aanzien van Chili (Canal Beagle) en in 2012 deed Colombia dat ten aanzien van Nicaragua (afbakening land- en zeekust).

‘¡He arado en el mar y he sembrado en el viento!’ (Ik heb geploegd in de zee en gezaaid in de wind!) is een beroemde uitspraak van Simón Bolívar die hij in 1830 deed toen hij zijn droom van een Verenigde Staten van Zuid-Amerika uiteen zag spatten. Een tragische ontwikkeling. Als zijn droom verwezenlijkt was zou de Stille Oceaan nu ook Bolivia soeverein toebehoren.

Deel 1:

http://www.deleunstoel.nl/home.php?artikel_id=3682


**********************************
De plaatjes zijn geleverd door de schrijver.


© 2014 Hans Meijer meer Hans Meijer - meer "Brief uit ..."
Beschouwingen > Brief uit ...
Bolivia en de Zee (2) Hans Meijer
1106BS Bolivia Mar1In 2010 leek het er even op dat een van de vele deelconflicten tussen Chili en Bolivia opgelost zou gaan worden. Op regeringsniveau was er sprake van een akkoord over het gebruik van ‘las aguas del Silala’ (de wateren van de Silala). Chili had zich bereid verklaard om tot nader order vijftienduizend dollar per dag te betalen voor de helft van het Silala water. Tot grote ergernis van de Boliviaanse regering wezen representanten van het departement Potosí dit voorstel af omdat het volgens hen geen rekening hield met ‘la deuda histórica’ (de historische schuld). De onderhandelingen over dit onderwerp zijn daarna afgebroken. Betalingen vinden niet plaats.

Waar men ook kijkt in Bolivia is de zee. In boekhandels kocht ik boeken met aansprekende titels als ‘Tan lejos del mar’ (Zo ver van de zee) van Roberto Brockmann (2012)  en ‘Sí, el Mar!’ (Ja, de zee!) van Jorge Siles Salinas (2012). Op een muur in Cochabamba, zie foto, zag ik de tekst: ‘Levantemos nuestra voz por nuestro Litoral que pronto tendrá Bolivia, su mar, su mar, su mar.’ (Laten we onze stem verheffen voor onze Litoral die Bolivia spoedig zal bezitten, haar zee, haar zee, haar zee!). Elders trof ik een zeegedicht van Oscar Cerruto aan: ‘Mi patria tiene montañas, no mar. Olas de trigo y trigales, no mar. Espuma azul los pinares, no mar. Cielos de esmalte fundido, no mar. Y el coro ronco del viento sin mar!’ (Mijn vaderland heeft bergen, geen zee. Golven van tarwe en tarwevelden, geen zee. Blauwe schuim van dennenbossen, geen zee. Luchten van gesmolten email, geen zee. En het koor hees van de wind zonder zee!).

Had de geschiedenis anders kunnen verlopen? Roberto Querejazu Calvo beschrijft in zijn boek ‘Guano, Salitre, Sangre’ (1992) (Guano, salpeter en bloed) de zoektocht die Francisco Burdett O’Connor in 1825 naar een haven in el Litoral ondernam. In de beoogde havenstad Cobija ontmoette hij een man die hem vertelde dat alle inwoners aan de pokken gestorven waren op hem en zijn broer na. Vrijwel nergens was drinkwater. In 1826 schreef de Boliviaanse president Antonio José de Sucre een brief aan zijn vriend ‘El Libertador’ Simón Bolívar met het verzoek om de Peruaanse havenstad Arica en haar zusterstad Tacna aan Bolivia toe te wijzen. Arica was sinds de dagen van de zilvermijnen van Potosí de haven van Bolivia. Sucre’s verzoek werd door de inwoners van Tacna en Arica ondersteund. Zij gaven de voorkeur aan Bolivia boven Peru want beide steden waren economisch gezien volledig afhankelijk van Bolivia. Bolívar weigerde het verzoek van Sucre in te willigen. Een tragische vergissing. Door Tacna en Arica aan Bolivia toe te wijzen had hij de geschiedenis een grote dienst  kunnen bewijzen.

De import en export van Bolivia verloopt nog altijd voor een groot deel via Chileense havens, met name Arica en Antofagasta. Maar het plan van de regering van Gonzalo Sánchez de Lozada om ook Boliviaans gas via Chili, en niet via Peru, naar de Verenigde Staten te exporteren had in 2003 op de Boliviaanse bevolking de uitwerking van een rode lap op een stier. Geen ene molecuul gas ging er naar Chili! Eerst onze zee terug! Dat Bolivia niet alleen Chili maar vooral ook zichzelf met deze door emotie gedreven politiek benadeelt neemt men hier op de koop toe.

Sinds haar onafhankelijkheid in 1825 verloor Bolivia door oorlogen en diplomatiek handelen meer dan de helft van haar grondgebied aan haar vijf buren. Waarom is juist Chili van deze vijf landen de gebeten hond? In zijn boek ‘Presidencia Sitiada’ (Belegerd presidentschap) geeft oud-president Carlos Mesa (2008) hiervoor een intrigerende verklaring: ‘Voorbij alle historische, juridische en morele overwegingen zien we dat Chili dichtbij de ontwikkelde landen staat. Chili is rijk en Bolivia is arm. Alleen al daarom mag van Chili flexibiliteit verwacht worden. Chili heeft meer dan 4200 kilometer kust en het is toch niet absurd dat Bolivia voorstelt dat het tien kilometer kust terug wil.’ Het is voor Bolivianen een raadsel dat Chili deze minimalistische wens niet wil honoreren want daarna kan er over gas, water en andere zaken gesproken worden.

Een ander hoofdstuk uit het absurde theater van de zee is onze marine, zie foto. Naast een land- en een luchtmacht beschikt Bolivia ook over een zeemacht. Geen zee maar wel admiraals, viceadmiraals en mariniers. In afwachting van onze soevereine terugkeer naar de zee bewaakt de Boliviaanse marine nu onze rivieren en meren. Het is wachten op Godot.

Zes jaar nadat Bolivia het ‘Tratado de Paz y Amistad’ met Chili ondertekend had keerde het op haar schreden terug. Bolivia1106BS Bolivia Mar2 wilde bij nader inzien een eigen soevereine toegang tot de zee. Het Chileense standpunt is sindsdien onveranderlijk geweest dat het verdrag van 1904 de grens met Bolivia duidelijk markeert en er geen openstaande punten meer zijn. Voor een Boliviaan is dit onbegrijpelijk. Onderhandelingen zijn hier nooit af en kunnen te allen tijde heropend worden en ook een verdrag kan in Boliviaanse ogen altijd gereviseerd worden.

In 2012 kreeg de Boliviaanse regering genoeg van het vruchteloze overleg met Chili. Bolivia eiste, bij monde van haar president Evo Morales, een concreet voorstel van Chili voor een soevereine toegang tot de zee. Chili weigerde hierop in te gaan. Tot verrassing van vriend en vijand wendde Bolivia zich toen tot het Internationale Gerechtshof in Den Haag met het verzoek Chili te dwingen tot het doen van een concreet voorstel op basis van ‘derechos espectativos’ (rechten ontleend aan ‘gewekte verwachtingen’). Nu deze rechtszaak loopt is er in Bolivia sprake van een stilte voor de storm. Men wacht af, maar nu al staat vast dat welke uitspraak het Gerechtshof in deze zaak ook doet de in het ongelijk gestelde partij deze onherroepelijke uitspraak zal verwerpen. In 1977 deed Argentinië dat ten aanzien van Chili (Canal Beagle) en in 2012 deed Colombia dat ten aanzien van Nicaragua (afbakening land- en zeekust).

‘¡He arado en el mar y he sembrado en el viento!’ (Ik heb geploegd in de zee en gezaaid in de wind!) is een beroemde uitspraak van Simón Bolívar die hij in 1830 deed toen hij zijn droom van een Verenigde Staten van Zuid-Amerika uiteen zag spatten. Een tragische ontwikkeling. Als zijn droom verwezenlijkt was zou de Stille Oceaan nu ook Bolivia soeverein toebehoren.

Deel 1:

http://www.deleunstoel.nl/home.php?artikel_id=3682


**********************************
De plaatjes zijn geleverd door de schrijver.
© 2014 Hans Meijer
powered by CJ2