archiefvorig nr.lopend nr.

Bezigheden > Ontmoetingen delen printen terug
Oorverscheurend Claude Aendenboom

1103BZ Oor
Tijdens Nieuwjaarsavond 1974 waren we bij oom Marc volop aan het feesten in zijn duplex-appartement te Gent. Zijn mooie woonstee bevond zich dichtbij de Sint-Baafskathedraal. Tante Berna, oom Luc en oom Robert waren ook van de partij, naar goede gewoonte. Tante Martine 'kon' niet aanwezig zijn en oom Yves evenmin, want die vertoefde op dat moment in het buitenland. Opa en zijn tweede vrouw leefden reeds jaren in onmin met mijn ouders en bleven dus thuis.

We dronken en aten als Bourgondische levensgenieters en lachten zoals altijd groen om de flauwe grappen van Robert. Mijn Waalse vader, die geen woord Vlaams verstond, lachte vrolijk groen mee. Nadat alle cadeaus waren uitgepakt ploften we voldaan neer in de lederen fauteuils om te kijken naar een Franse film met Louis de Funès in de hoofdrol. Funès was ieders favoriete acteur, onze avond kon dus niet meer stuk.

Tot er een discussie ontstond tussen Luc en Marc over Vincent van Gogh. Ze waren allebei stomdronken. Oom Luc vond dat van Gogh een geestelijk gestoorde kunstverkrachter was, oom Marc dacht er duidelijk anders over, van Gogh was immers zijn grote voorbeeld. Maar mijn moeder kwam sussend tussenbeide en kon beide broers kalmeren. En zo vielen we allen rustig in slaap... tijdens de film.

Maar vlak voor middernacht schoten we wakker door een oorverscheurende kreet. Het was een kreet die vanuit de keuken kwam. Marc stormde plots de woonkamer binnen, zijn hoofd zat onder het bloed en was in een doek gewikkeld. Hij smeet vervolgens zijn bebloed oor op de grond, tot bij Lucs voeten. We waren allen verbijsterd: Marc had zijn oor afgesneden, net zoals van Gogh dat ooit had gedaan! Mijn vader greep snel en koelbloedig naar de telefoon om een ambulance te bellen.

‘Halt, niet doen!’ riep Marc. Hij raapte het bloederig oor van de grond en grinnikte: ‘voel maar, dit is een plastic oor, vandaag gekocht in een carnavalswinkel, het bloed is enkel wat ketchup’. En op dat moment sloeg de klok van de Sint-Baafskathedraal twaalf uur.
Opgelucht en schaterlachend wensten we elkaar bonne année!
 
***************************************************************
 
Het plaatje is gemaakt door Henk Klaren


© 2013 Claude Aendenboom meer Claude Aendenboom - meer "Ontmoetingen" -
Bezigheden > Ontmoetingen
Oorverscheurend Claude Aendenboom
1103BZ Oor
Tijdens Nieuwjaarsavond 1974 waren we bij oom Marc volop aan het feesten in zijn duplex-appartement te Gent. Zijn mooie woonstee bevond zich dichtbij de Sint-Baafskathedraal. Tante Berna, oom Luc en oom Robert waren ook van de partij, naar goede gewoonte. Tante Martine 'kon' niet aanwezig zijn en oom Yves evenmin, want die vertoefde op dat moment in het buitenland. Opa en zijn tweede vrouw leefden reeds jaren in onmin met mijn ouders en bleven dus thuis.

We dronken en aten als Bourgondische levensgenieters en lachten zoals altijd groen om de flauwe grappen van Robert. Mijn Waalse vader, die geen woord Vlaams verstond, lachte vrolijk groen mee. Nadat alle cadeaus waren uitgepakt ploften we voldaan neer in de lederen fauteuils om te kijken naar een Franse film met Louis de Funès in de hoofdrol. Funès was ieders favoriete acteur, onze avond kon dus niet meer stuk.

Tot er een discussie ontstond tussen Luc en Marc over Vincent van Gogh. Ze waren allebei stomdronken. Oom Luc vond dat van Gogh een geestelijk gestoorde kunstverkrachter was, oom Marc dacht er duidelijk anders over, van Gogh was immers zijn grote voorbeeld. Maar mijn moeder kwam sussend tussenbeide en kon beide broers kalmeren. En zo vielen we allen rustig in slaap... tijdens de film.

Maar vlak voor middernacht schoten we wakker door een oorverscheurende kreet. Het was een kreet die vanuit de keuken kwam. Marc stormde plots de woonkamer binnen, zijn hoofd zat onder het bloed en was in een doek gewikkeld. Hij smeet vervolgens zijn bebloed oor op de grond, tot bij Lucs voeten. We waren allen verbijsterd: Marc had zijn oor afgesneden, net zoals van Gogh dat ooit had gedaan! Mijn vader greep snel en koelbloedig naar de telefoon om een ambulance te bellen.

‘Halt, niet doen!’ riep Marc. Hij raapte het bloederig oor van de grond en grinnikte: ‘voel maar, dit is een plastic oor, vandaag gekocht in een carnavalswinkel, het bloed is enkel wat ketchup’. En op dat moment sloeg de klok van de Sint-Baafskathedraal twaalf uur.
Opgelucht en schaterlachend wensten we elkaar bonne année!
 
***************************************************************
 
Het plaatje is gemaakt door Henk Klaren
© 2013 Claude Aendenboom
powered by Peppered