archiefvorig nr.lopend nr.

Beschouwingen > In de polder delen printen terug
Aanschaf JSF bedreigt onze veiligheid Willem Minderhout

1019BS JSF
Een ‘nee’ tegen de JSF is geen ‘pacifistische reflex’ maar een uiting van zorg voor een enorme gok die de toekomst van het Nederlandse defensieapparaat in gevaar kan brengen.

Toen de Tweede Kamer in 2002 besloot om mee te werken aan het JSF-project (System Development and Demonstration-fase (SDD) ) schetste Bart Tromp reeds dat de hooggespannen verwachtingen wel eens lelijk tegen zouden kunnen vallen. ‘De financiële onderbouwing deugt niet, het werkgelegenheidseffect is verwaarloosbaar en de beloofde technologie-overdracht gaat richting VS, in plaats van omgekeerd.’ 1)

In dit artikel wees hij ondermeer op eerdere fiasco’s om een alleskunner te ontwikkelen (‘een toestel voor luchtmacht, marine en mariniers’) en zet hij vraagtekens bij het nut van dit soort toestellen voor de hedendaagse oorlogvoering. De ontwikkeling van drones (toen nog ‘Unmanned Combat Aerial Vehicles’ (Ucafs) genoemd) zou dit soort vliegtuigen grotendeels overbodig kunnen maken. ‘Het JSF-project heeft Nederland nodig - niet andersom’ schreef Tromp. Meedoen met de ontwikkeling van het toestel zou de aanschaf vrijwel onvermijdelijk maken. In 2002 is Nederland met open ogen in de fuik gezwommen.

Voormalig woordvoerder van het ministerie van defensie Bert Kreemers, die in 2009 op de aanschaf van gevechtsvliegtuigen promoveerde 2), verklaarde in een interview in De Leunstoel 3) ‘Het allerbelangrijkste is echter dat we eens goed nagaan wat we kunnen betalen. We hebben nu zevenentachtig F-16’s. Volgens de plannen schaffen we vijfentachtig JSF’s aan. Maar we hebben maar budget voor veertig JSF’s. In feite zijn die vliegtuigen de bestaansreden voor de Koninklijke Luchtmacht. Straks hebben we dus een organisatie van zo’n zevenduizend man om veertig vliegtuigen in de lucht te houden.’ Dat zijn er nu blijkbaar slechts 35 geworden. 4) And counting? De kosten zijn nog ongewis maar het budget blijft gelijk. Kreemers zegt in datzelfde interview: ‘bepaal eerst wat je nodig hebt en onderzoek hoelang de F-16’s nog mee kunnen. Als er dan vliegtuigen vervangen moeten worden koop ze dan ‘van de plank’.

De PvdA leek ook van een dergelijke aanpak overtuigd te zijn. Juist om een slagvaardige krijgsmacht overeind te kunnen houden moesten er scherpe keuzes worden gemaakt. In 2007 zag de – aan de destijds recent overleden Bart Tromp opgedragen – defensienota ‘In dienst van Nederland in dienst van de wereld’ het licht. Daarin werd een consequente keus voor taakspecialisatie gemaakt: ’een krijgsmacht die over voldoende middelen beschikt om in het middenspectrum op te treden. Een krijgsmacht die – zoals in de Grondwet is vastgelegd – door inzet in internationaal verband de internationale rechtsorde bevordert en in ons eigen land, maar ook daarbuiten in noodsituaties de helpende hand kan bieden’. De nota waarschuwt voor het gevaar dat ‘grote investeringen de organisatie voor jaren committeren en dat die daardoor zijn aanpassingsvermogen verliest.’ 5) In de nota wordt niet expliciet afscheid genomen van het JSF-project, maar er wordt beargumenteerd dat Nederland kan volstaan met 54 F-16’s die geleidelijk kunnen worden vervangen door nieuwe vliegtuigen.

De – voortijdig uitgelekte – nota van de destijds in de oppositie verkerende PvdA had weinig impact, maar defensiewoordvoerder Angelien Eijsink, het voor de nota verantwoordelijk kamerlid, heeft wel altijd in die geest gehandeld. In het laatste verkiezingsprogramma van de PvdA staat dan ook dat ‘verlenging van de levensduur van de F16 mogelijk is en onze voorkeur heeft. Te zijner tijd zullen we keuzes maken ten aanzien van het gewenste type toestel op basis van het dan beschikbare aanbod en prijzen, passend in onze visie op de toekomst van de krijgsmacht, zonder dat daarbij sprake is van een voorkeur voor de JSF.’

Nu heeft het er alle schijn van dat de keus voor de JSF al gemaakt is. Is dan ook al ergens te lezen welke rol de Nederlandse defensie wil spelen en waarom de JSF daar in past? Zijn nu echt alle financiële en operationele risico’s van het JSF-project verleden tijd? ‘Je kunt niet een krijgsmacht opbouwen als je niet weet wat de opvolger van de F-16 gaat kosten’, constateert defensiespecialist Co Kolijn. 6)

Een nee tegen de JSF is geen pacifistische reflex. Doorgaan op deze weg bergt het risico in zich dat Nederland zich blijft committeren aan een geldverslindend project dat de totale krijgsmacht in onbalans brengt. Het lijkt mij uiterst onverstandig om die gok te wagen.

2) Bert Kreemers (2009), Hete Hangijzers. De aanschaf van Nederlandse gevechtsvliegtuigen, Balans Amsterdam
 
************************
Het plaatje is van Henk Klaren


© 2013 Willem Minderhout meer Willem Minderhout - meer "In de polder" -
Beschouwingen > In de polder
Aanschaf JSF bedreigt onze veiligheid Willem Minderhout
1019BS JSF
Een ‘nee’ tegen de JSF is geen ‘pacifistische reflex’ maar een uiting van zorg voor een enorme gok die de toekomst van het Nederlandse defensieapparaat in gevaar kan brengen.

Toen de Tweede Kamer in 2002 besloot om mee te werken aan het JSF-project (System Development and Demonstration-fase (SDD) ) schetste Bart Tromp reeds dat de hooggespannen verwachtingen wel eens lelijk tegen zouden kunnen vallen. ‘De financiële onderbouwing deugt niet, het werkgelegenheidseffect is verwaarloosbaar en de beloofde technologie-overdracht gaat richting VS, in plaats van omgekeerd.’ 1)

In dit artikel wees hij ondermeer op eerdere fiasco’s om een alleskunner te ontwikkelen (‘een toestel voor luchtmacht, marine en mariniers’) en zet hij vraagtekens bij het nut van dit soort toestellen voor de hedendaagse oorlogvoering. De ontwikkeling van drones (toen nog ‘Unmanned Combat Aerial Vehicles’ (Ucafs) genoemd) zou dit soort vliegtuigen grotendeels overbodig kunnen maken. ‘Het JSF-project heeft Nederland nodig - niet andersom’ schreef Tromp. Meedoen met de ontwikkeling van het toestel zou de aanschaf vrijwel onvermijdelijk maken. In 2002 is Nederland met open ogen in de fuik gezwommen.

Voormalig woordvoerder van het ministerie van defensie Bert Kreemers, die in 2009 op de aanschaf van gevechtsvliegtuigen promoveerde 2), verklaarde in een interview in De Leunstoel 3) ‘Het allerbelangrijkste is echter dat we eens goed nagaan wat we kunnen betalen. We hebben nu zevenentachtig F-16’s. Volgens de plannen schaffen we vijfentachtig JSF’s aan. Maar we hebben maar budget voor veertig JSF’s. In feite zijn die vliegtuigen de bestaansreden voor de Koninklijke Luchtmacht. Straks hebben we dus een organisatie van zo’n zevenduizend man om veertig vliegtuigen in de lucht te houden.’ Dat zijn er nu blijkbaar slechts 35 geworden. 4) And counting? De kosten zijn nog ongewis maar het budget blijft gelijk. Kreemers zegt in datzelfde interview: ‘bepaal eerst wat je nodig hebt en onderzoek hoelang de F-16’s nog mee kunnen. Als er dan vliegtuigen vervangen moeten worden koop ze dan ‘van de plank’.

De PvdA leek ook van een dergelijke aanpak overtuigd te zijn. Juist om een slagvaardige krijgsmacht overeind te kunnen houden moesten er scherpe keuzes worden gemaakt. In 2007 zag de – aan de destijds recent overleden Bart Tromp opgedragen – defensienota ‘In dienst van Nederland in dienst van de wereld’ het licht. Daarin werd een consequente keus voor taakspecialisatie gemaakt: ’een krijgsmacht die over voldoende middelen beschikt om in het middenspectrum op te treden. Een krijgsmacht die – zoals in de Grondwet is vastgelegd – door inzet in internationaal verband de internationale rechtsorde bevordert en in ons eigen land, maar ook daarbuiten in noodsituaties de helpende hand kan bieden’. De nota waarschuwt voor het gevaar dat ‘grote investeringen de organisatie voor jaren committeren en dat die daardoor zijn aanpassingsvermogen verliest.’ 5) In de nota wordt niet expliciet afscheid genomen van het JSF-project, maar er wordt beargumenteerd dat Nederland kan volstaan met 54 F-16’s die geleidelijk kunnen worden vervangen door nieuwe vliegtuigen.

De – voortijdig uitgelekte – nota van de destijds in de oppositie verkerende PvdA had weinig impact, maar defensiewoordvoerder Angelien Eijsink, het voor de nota verantwoordelijk kamerlid, heeft wel altijd in die geest gehandeld. In het laatste verkiezingsprogramma van de PvdA staat dan ook dat ‘verlenging van de levensduur van de F16 mogelijk is en onze voorkeur heeft. Te zijner tijd zullen we keuzes maken ten aanzien van het gewenste type toestel op basis van het dan beschikbare aanbod en prijzen, passend in onze visie op de toekomst van de krijgsmacht, zonder dat daarbij sprake is van een voorkeur voor de JSF.’

Nu heeft het er alle schijn van dat de keus voor de JSF al gemaakt is. Is dan ook al ergens te lezen welke rol de Nederlandse defensie wil spelen en waarom de JSF daar in past? Zijn nu echt alle financiële en operationele risico’s van het JSF-project verleden tijd? ‘Je kunt niet een krijgsmacht opbouwen als je niet weet wat de opvolger van de F-16 gaat kosten’, constateert defensiespecialist Co Kolijn. 6)

Een nee tegen de JSF is geen pacifistische reflex. Doorgaan op deze weg bergt het risico in zich dat Nederland zich blijft committeren aan een geldverslindend project dat de totale krijgsmacht in onbalans brengt. Het lijkt mij uiterst onverstandig om die gok te wagen.

2) Bert Kreemers (2009), Hete Hangijzers. De aanschaf van Nederlandse gevechtsvliegtuigen, Balans Amsterdam
 
************************
Het plaatje is van Henk Klaren
© 2013 Willem Minderhout
powered by Peppered