archiefvorig nr.lopend nr.

Beschouwingen > In de polder delen printen terug
Aan de oever van de Styx Carlo van Praag

0619BS Styx
Ik heb een keer op de Christenunie gestemd. Eén keer maar en het waren slechts Gemeenteraadsverkiezingen. De CU was net iets minder enthousiast voor de prestigeprojecten en het kabaal dat de andere partijen zo graag aanwenden om ‘de stad op de kaart te zetten’. De bewaking van de zondagsrust, of wat daarvan over is, sprak mij ook wel aan.
Ik volgde die ene keer een pragmatische koers. Los van de soberheid en de zondagsrust staan de idealen van de Christenunie ver van mij af. Niet dat ik het partijprogramma in zijn geheel verwerp. Wie zou er tegen een behoorlijke sociale zekerheid, goed onderwijs en bestrijding van de werkloosheid zijn? Nee, het zijn de onderscheidende idealen van deze partij die het mij onmogelijk maken haar mijn stem bij de landelijke verkiezingen te geven. Zij zijn neergelegd in de paragraaf ‘bescherming van het leven’. Ik citeer:

‘Het leven, van het prilste begin tot het broze einde, is door God gegeven’. Het leven moet dan ook in elke fase, vanaf de bevruchting tot aan het sterfbed beschermd worden. Abortus en euthanasie gaan in tegen het gebod van God. Zij passen niet in een rechtsstaat’.

De conclusie is wat merkwaardig. Dat het leven God toebehoort en om die reden door de mens niet moedwillig mag worden vernietigd, is een kwestie van geloof, maar Gods Naam zo direct te verbinden aan een puur menselijke, bovendien grotendeels aan de Verlichting ontsproten, schepping als de rechtsstaat, lijkt mij alleen te verdedigen als je alle menselijke creaties vergoddelijkt, met inbegrip van abortus en euthanasie. Maar gelovigen zijn op dit punt vaak selectief.

Hoewel zij met haar principes in het Nederlandse politieke landschap detoneert, is de CU in haar praktische uitwerking daarvan soepel genoeg om aan een coalitieregering deel te nemen. Nergens lees ik dat abortus en euthanasie verboden moeten worden en hoewel het traditionele gezin bij de CU wat hoger staat genoteerd dan overige huishoudensvormen, wordt homoseksualiteit in het partijprogramma nergens als zonde of ziekte afgeschilderd. Ook de doodstraf die, in schril contrast tot al die eerbied voor het leven, bij de Amerikaanse fundamentalisten en evangelicals zo populair is, wordt door de CU niet gepropageerd. Wat hebben wij het eigenlijk getroffen met onze christenfundi’s.

Ook eerbied voor het menselijk leven is natuurlijk geen exclusief ideaal van de orthodoxe christenheid. Moord en doodslag zijn in alle maatschappijen verboden en zelfs de naarste regimes van deze wereld bewijzen op zijn minst lippendienst aan deze norm. Nee, onderscheidend is die eerbied pas als we het hebben over leven in foetale- en in terminale vorm. En dan zijn niet slechts de orthodoxe christenen gekant tegen moedwillige beëindiging van dat leven, maar ook jodendom en islam. Die talloze zelfmoordaanslagen in het Midden-Oosten zijn dan ook niet in overeenstemming met de daar heersende godsdienst en de daders komen volgens mij niet in het Paradijs.

Waar komt die beduchtheid voor abortus en euthanasie vandaan? Het godsdienstige antwoord is simpel en hierboven reeds gegeven. Maar als je, zoals ik, gelooft dat de goddelijke wet niet uit de hemel op de mensheid is neergedaald, maar eerder een omgekeerd traject heeft gevolgd, blijf je met de vraag zitten. Bij het abortusverbod kan ik mij nog iets voorstellen. In het getal ligt kracht en de mensheid is in voorhistorische tijden bij herhaling bijna of misschien zelfs geheel uitgestorven. Bescherming van het ongeboren leven is wellicht, evenals de zorg voor het reeds geboren kroost, in onze genen opgeslagen. Dan blijft het merkwaardig dat op deze genetisch al vastgelegde koestering van het nageslacht een culturele kop wordt gezet. Overbodig, zou je zeggen! De mensen willen zich immers maar al te graag voortplanten. Op zijn minst zo merkwaardig is overigens het verbod van zelfmoord. De mensen houden van nature, niet zelden tegen beter weten in, met handen en voeten aan het leven vast. Zelfmoord is slechts voor enkelen een verlokking. Waarom iets krampachtig verbieden, waartoe bijna niemand van nature geneigd is en dat de samenleving nauwelijks kan ontwrichten.

De weerzin en de haat die zelf gewilde euthanasie bijna overal op de wereld ten deel valt, begrijp ik al helemaal niet. Het gaat om de verkorting van wat toch al de eindfase van het leven is met enkele dagen of weken, desnoods maanden. De betrokkene lijdt per definitie zo hevig dat hij kiest voor een wat minder lang gerekt stervensproces. Wie wordt er door euthanasie eigenlijk gedupeerd? De patiënt? Zijn naasten? De maatschappij? Geen van drieën, denk ik. Het onthouden van euthanasie aan iemand die zijn martelgang wil beëindigen, kent daarentegen een duidelijk slachtoffer.

Ik kan mij desondanks wel bedenkingen van seculiere aard voorstellen. Zo is er het probleem van de glijdende grens. Waar zou een toenemende tolerantie ten opzichte van euthanasie halt houden? Hoe laag mag je de drempel leggen, als je niet wilt dat ook mensen met een behoorlijk levensperspectief en mensen met een wellicht slechts tijdelijke depressie van de mogelijkheid tot euthanasie gebruik maken. Kunnen ten slotte jonge mensen zonder grote fysieke problemen er aanspraak op maken? Dat is een serieus vraagstuk, evenals trouwens het mogelijke misbruik van te gemakkelijk verkrijgbare middelen die kunnen worden aangewend voor moord op iemand die helemaal niet levensmoe is. En dan is er het probleem van de vele artsen met gewetensbezwaren! Maar dat zijn niet de bedenkingen die de godsdienstig geďnspireerde tegenstanders van euthanasie bezighouden. Het zijn bijkomende argumenten waarvan zij zich uiteraard graag mede bedienen. Waar het in deze kringen werkelijk om gaat is dat je leven niet jezelf maar God toebehoort. Sommigen zien bovendien het lijden als een onderdeel van Gods plan.

Wij wonen in het meest euthanasievriendelijke land ter wereld. Nochtans moet je op sterven na dood zijn en toch nog de energie hebben om een hele procedure te doorlopen, voordat een dokter bereid is je uit je lijden te verlossen. En die dokter wacht er zo lang mee dat hij met goed fatsoen tot ‘palliatieve sedatie’ kan overgaan, een normale medische ingreep die geen juridische rompslomp met zich brengt. Heel wat anders dan euthanasie dus! En de kolommen van ‘Relevant’, het blad van de NVVE, staan stijf van de ontroerende casuďstiek, zodat niemand hoeft te denken dat euthanasie een barbaarse aangelegenheid is. Het gaat daar altijd over prachtmensen die op uitzonderlijk waardige en vredige manier afscheid nemen en inslapen. Nooit om een stervensbed zoals van mijn oudtante die bleef gillen: ‘dokter, dokter, maak er een eind aan!’ Maar het was zondag. De dokter zat misschien in de kerk.
 
****************************


© 2009 Carlo van Praag meer Carlo van Praag - meer "In de polder"
Beschouwingen > In de polder
Aan de oever van de Styx Carlo van Praag
0619BS Styx
Ik heb een keer op de Christenunie gestemd. Eén keer maar en het waren slechts Gemeenteraadsverkiezingen. De CU was net iets minder enthousiast voor de prestigeprojecten en het kabaal dat de andere partijen zo graag aanwenden om ‘de stad op de kaart te zetten’. De bewaking van de zondagsrust, of wat daarvan over is, sprak mij ook wel aan.
Ik volgde die ene keer een pragmatische koers. Los van de soberheid en de zondagsrust staan de idealen van de Christenunie ver van mij af. Niet dat ik het partijprogramma in zijn geheel verwerp. Wie zou er tegen een behoorlijke sociale zekerheid, goed onderwijs en bestrijding van de werkloosheid zijn? Nee, het zijn de onderscheidende idealen van deze partij die het mij onmogelijk maken haar mijn stem bij de landelijke verkiezingen te geven. Zij zijn neergelegd in de paragraaf ‘bescherming van het leven’. Ik citeer:

‘Het leven, van het prilste begin tot het broze einde, is door God gegeven’. Het leven moet dan ook in elke fase, vanaf de bevruchting tot aan het sterfbed beschermd worden. Abortus en euthanasie gaan in tegen het gebod van God. Zij passen niet in een rechtsstaat’.

De conclusie is wat merkwaardig. Dat het leven God toebehoort en om die reden door de mens niet moedwillig mag worden vernietigd, is een kwestie van geloof, maar Gods Naam zo direct te verbinden aan een puur menselijke, bovendien grotendeels aan de Verlichting ontsproten, schepping als de rechtsstaat, lijkt mij alleen te verdedigen als je alle menselijke creaties vergoddelijkt, met inbegrip van abortus en euthanasie. Maar gelovigen zijn op dit punt vaak selectief.

Hoewel zij met haar principes in het Nederlandse politieke landschap detoneert, is de CU in haar praktische uitwerking daarvan soepel genoeg om aan een coalitieregering deel te nemen. Nergens lees ik dat abortus en euthanasie verboden moeten worden en hoewel het traditionele gezin bij de CU wat hoger staat genoteerd dan overige huishoudensvormen, wordt homoseksualiteit in het partijprogramma nergens als zonde of ziekte afgeschilderd. Ook de doodstraf die, in schril contrast tot al die eerbied voor het leven, bij de Amerikaanse fundamentalisten en evangelicals zo populair is, wordt door de CU niet gepropageerd. Wat hebben wij het eigenlijk getroffen met onze christenfundi’s.

Ook eerbied voor het menselijk leven is natuurlijk geen exclusief ideaal van de orthodoxe christenheid. Moord en doodslag zijn in alle maatschappijen verboden en zelfs de naarste regimes van deze wereld bewijzen op zijn minst lippendienst aan deze norm. Nee, onderscheidend is die eerbied pas als we het hebben over leven in foetale- en in terminale vorm. En dan zijn niet slechts de orthodoxe christenen gekant tegen moedwillige beëindiging van dat leven, maar ook jodendom en islam. Die talloze zelfmoordaanslagen in het Midden-Oosten zijn dan ook niet in overeenstemming met de daar heersende godsdienst en de daders komen volgens mij niet in het Paradijs.

Waar komt die beduchtheid voor abortus en euthanasie vandaan? Het godsdienstige antwoord is simpel en hierboven reeds gegeven. Maar als je, zoals ik, gelooft dat de goddelijke wet niet uit de hemel op de mensheid is neergedaald, maar eerder een omgekeerd traject heeft gevolgd, blijf je met de vraag zitten. Bij het abortusverbod kan ik mij nog iets voorstellen. In het getal ligt kracht en de mensheid is in voorhistorische tijden bij herhaling bijna of misschien zelfs geheel uitgestorven. Bescherming van het ongeboren leven is wellicht, evenals de zorg voor het reeds geboren kroost, in onze genen opgeslagen. Dan blijft het merkwaardig dat op deze genetisch al vastgelegde koestering van het nageslacht een culturele kop wordt gezet. Overbodig, zou je zeggen! De mensen willen zich immers maar al te graag voortplanten. Op zijn minst zo merkwaardig is overigens het verbod van zelfmoord. De mensen houden van nature, niet zelden tegen beter weten in, met handen en voeten aan het leven vast. Zelfmoord is slechts voor enkelen een verlokking. Waarom iets krampachtig verbieden, waartoe bijna niemand van nature geneigd is en dat de samenleving nauwelijks kan ontwrichten.

De weerzin en de haat die zelf gewilde euthanasie bijna overal op de wereld ten deel valt, begrijp ik al helemaal niet. Het gaat om de verkorting van wat toch al de eindfase van het leven is met enkele dagen of weken, desnoods maanden. De betrokkene lijdt per definitie zo hevig dat hij kiest voor een wat minder lang gerekt stervensproces. Wie wordt er door euthanasie eigenlijk gedupeerd? De patiënt? Zijn naasten? De maatschappij? Geen van drieën, denk ik. Het onthouden van euthanasie aan iemand die zijn martelgang wil beëindigen, kent daarentegen een duidelijk slachtoffer.

Ik kan mij desondanks wel bedenkingen van seculiere aard voorstellen. Zo is er het probleem van de glijdende grens. Waar zou een toenemende tolerantie ten opzichte van euthanasie halt houden? Hoe laag mag je de drempel leggen, als je niet wilt dat ook mensen met een behoorlijk levensperspectief en mensen met een wellicht slechts tijdelijke depressie van de mogelijkheid tot euthanasie gebruik maken. Kunnen ten slotte jonge mensen zonder grote fysieke problemen er aanspraak op maken? Dat is een serieus vraagstuk, evenals trouwens het mogelijke misbruik van te gemakkelijk verkrijgbare middelen die kunnen worden aangewend voor moord op iemand die helemaal niet levensmoe is. En dan is er het probleem van de vele artsen met gewetensbezwaren! Maar dat zijn niet de bedenkingen die de godsdienstig geďnspireerde tegenstanders van euthanasie bezighouden. Het zijn bijkomende argumenten waarvan zij zich uiteraard graag mede bedienen. Waar het in deze kringen werkelijk om gaat is dat je leven niet jezelf maar God toebehoort. Sommigen zien bovendien het lijden als een onderdeel van Gods plan.

Wij wonen in het meest euthanasievriendelijke land ter wereld. Nochtans moet je op sterven na dood zijn en toch nog de energie hebben om een hele procedure te doorlopen, voordat een dokter bereid is je uit je lijden te verlossen. En die dokter wacht er zo lang mee dat hij met goed fatsoen tot ‘palliatieve sedatie’ kan overgaan, een normale medische ingreep die geen juridische rompslomp met zich brengt. Heel wat anders dan euthanasie dus! En de kolommen van ‘Relevant’, het blad van de NVVE, staan stijf van de ontroerende casuďstiek, zodat niemand hoeft te denken dat euthanasie een barbaarse aangelegenheid is. Het gaat daar altijd over prachtmensen die op uitzonderlijk waardige en vredige manier afscheid nemen en inslapen. Nooit om een stervensbed zoals van mijn oudtante die bleef gillen: ‘dokter, dokter, maak er een eind aan!’ Maar het was zondag. De dokter zat misschien in de kerk.
 
****************************
© 2009 Carlo van Praag
powered by Peppered