archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > De wereldliteratuur roept delen printen terug
De Alchemist van Zoetermeer Willem Minderhout

0720VG Campo & Syberg
Als je ergens lang woont zie je niet alleen de dingen die je daadwerkelijk ziet als je door de straat loopt, je ‘ziet’ ook gebeurtenissen die zich daar hebben afgespeeld. Herinneringen geven een vierde dimensie, tijd, aan je waarnemingen. Die tijdsdimensie hoeft niet per se zaken te betreffen die je zelf hebt meegemaakt. Je kunt het ook ergens gehoord, of gelezen hebben. Zo zie ik de laatste tijd steeds baron van Syberg, heer van Ermelingshoven en Bonckersbeck etc. lopen, een gezette Duitser met een tijdens een duel verminkte arm, als ik voor mijn stamkroeg in de Oude Molstraat een sjekkie sta te roken.

Daar heeft hij namelijk gewoond. In 1731. In een huis op de hoek met de Papestraat. Ik weet niet of het het linker, of het rechter huis is. Misschien is het huis waar hij in woonde wel gesloopt, want ik kan de ouderdom van de bestaande huizen niet schatten.

De baron heb ik leren kennen in Zoetermeer tijdens een bijeenkomst van de Jacob Campo Weyermanstichting. Dit is één van de merkwaardigste genootschappen dat ik ken. De leden hebben bovengemiddelde belangstelling voor de achttiende eeuw en in leven en werk van Weyerman in het bijzonder. Bezoekers van de Gevangenpoort gaat bij het horen van die naam wellicht vaag ergens een belletje rinkelen. Deze veelschrijver beoefende bijna alle genres waaronder ‘smaadschriften en chantagepraktijken’. In 1739 werd hij ‘op eigen kosten’ levenslang in de Gevangenpoort opgesloten. Om die kosten te kunnen opbrengen kreeg hij toestemming om te blijven schrijven. Tot zijn dood, in 1747, bleef hij schrijven. In de Gevangenpoort vertaalde hij onder andere Don Quichot.

In Zoetermeer, of liever gezegd in het aanpalende Zegwaart, kruisten de paden van Weyerman en Syberg elkaar. Syberg had naam gemaakt in Holland als wonderdokter en hij had zich een buiten aangeschaft, Meerrust, dat bij zijn status paste. Hoewel, ‘aangeschaft’ is niet het woord. Hij had zich in het buiten naar binnen gezwendeld. Weldra zou hij overigens over echt kapitaal beschikken. Hij verstond namelijk de kunst om goud te maken en hij had daartoe in zijn buiten een volwaardig alchemistisch laboratorium ingericht. Hier wilde Weyerman het fijne van weten. Syberg heette hem van harte welkom en ze brachten een gezellige tijd door waarin ze de hermetische kunst bediscussieerden en vele flessen wijn soldaat maakten.

‘Baron’ Syberg had in korte tijd een enorm prestige in onze streken opgebouwd als wonderdokter en alchemist. Wat men in de Republiek niet wist was dat deze geboren Maagdenburger in de Duitse landen een spoor van oplichting en flessentrekkerij had achtergelaten. In Holland zette hij deze praktijken vrolijk voort en wist velen – vooral de meer kapitaalkrachtigen – van zijn wonderbaarlijke gaven te overtuigen.
In Zegwaart hield hij op spectaculaire wijze hof. De dorpelingen van Zoetermeer en Zegwaart, eerzame veeboeren en turfstekers, hadden nog nooit zoiets meegemaakt. De ‘baron’, die zich nu ook ‘Heer van Zoetermeer’0720VG Syberg noemde, bestond het zelfs om regelmatig midden in de nacht met een soort fanfare door de Dorpsstraat te paraderen.

De informatie-uitwisseling ging in die tijd weliswaar langzaam, maar in 1732 verscheen er toch een vertaling uit het Duits van een boek waarin Sybergs oplichterspraktijken uit de doeken werden gedaan. Hij ontvluchtte de Nederlanden en ging terug naar Duitsland waar hij zijn praktijken, zelfs voor de koningen van Pruisen en Saksen, voortzette. In Memmingen leek hij eindelijk veroordeeld te worden, maar hij werd merkwaardigerwijs vrijgesproken. De baron verdween richting Italië en Noord Afrika en uit de geschiedenis. Niemand weet waar en wanneer hij uiteindelijk zijn einde vond.
 
Weyerman schiep er een satanisch genoegen in om de oplichterspraktijken van de baron op schrift te stellen. Hij schreef een groot aantal stukken over de baron, waaronder het blijspel Den Maagdenburger Alchimist, of den gewaanden Baron van Syberg ontmaskert.

Rietje van Vliet heeft alle teksten die Weyerman aan Syberg heeft gewijd en alle stukken die de Hollantsche Historische Courant over Syberg zijn verschenen verzameld. Voorzien van een historische schets en een bijdrage over alchemie van Frank van Lamoen is dit uitgegeven in het boekje Syberg. De Zoetermeerse Alchemist. Ik vind het een van de leukste boekjes dat ik in jaren gelezen heb.

Het is zelfs gelukt om de locatie van het buiten ‘Meerrust’ te vinden. Dit werd altijd in het dorp Zoetermeer gezocht, maar het bleek zich in Zegwaart te bevinden. Het huis zelf bestaat niet meer, maar de plek is nu bekend. Nadat het boekje ten doop was gehouden in het Zoetermeers Museum wandelden we met alle aanwezige Weyermannianen door de dorpsstraat van Zoetermeer. Daar had de Patriotse dominee Van den Bosch gewoond, die door Oranjeklanten was vermoord. Er is nu een Kruitvat gevestigd. Hier had Jacob Campo Weyerman gelogeerd toen hij de baron bezocht en hier, tenslotte, stond vroeger het buiten Meerrust. In gedachten zag ik de dikke baron met zijn fanfare door de dorpsstraat trekken. Een excentrieke heer waar de dorpelingen hoog tegenop moeten hebben gekeken, totdat hij smadelijk het hazenpad koos.

Weyerman legt de baron bij zijn vertrek deze woorden in de mond:

‘Vaar wel, O gulden esels stal!
Waar in ik plagt te brallen.
G’ontzegt noch dom, noch groen, noch mal,
Mids dat hij weet te kallen.
Doch een Duyts Baron,
Die goud stoken kon,
Is uw altoos wel bevallen.’

****
Rietje van Vliet, m.m.v. Frank van Lamoen (2010), Syberg. De Zoetermeerse Alchemist, Marollenreeks No. 5, Astraea, Zoeterwoude
Jacob Campo Weyermanstichting: http://www.weyerman.nl/
Uitegeverij Astraea: http://www.uitgeverijastraea.nl/


© 2010 Willem Minderhout meer Willem Minderhout - meer "De wereldliteratuur roept" -
Vermaak en Genot > De wereldliteratuur roept
De Alchemist van Zoetermeer Willem Minderhout
0720VG Campo & Syberg
Als je ergens lang woont zie je niet alleen de dingen die je daadwerkelijk ziet als je door de straat loopt, je ‘ziet’ ook gebeurtenissen die zich daar hebben afgespeeld. Herinneringen geven een vierde dimensie, tijd, aan je waarnemingen. Die tijdsdimensie hoeft niet per se zaken te betreffen die je zelf hebt meegemaakt. Je kunt het ook ergens gehoord, of gelezen hebben. Zo zie ik de laatste tijd steeds baron van Syberg, heer van Ermelingshoven en Bonckersbeck etc. lopen, een gezette Duitser met een tijdens een duel verminkte arm, als ik voor mijn stamkroeg in de Oude Molstraat een sjekkie sta te roken.

Daar heeft hij namelijk gewoond. In 1731. In een huis op de hoek met de Papestraat. Ik weet niet of het het linker, of het rechter huis is. Misschien is het huis waar hij in woonde wel gesloopt, want ik kan de ouderdom van de bestaande huizen niet schatten.

De baron heb ik leren kennen in Zoetermeer tijdens een bijeenkomst van de Jacob Campo Weyermanstichting. Dit is één van de merkwaardigste genootschappen dat ik ken. De leden hebben bovengemiddelde belangstelling voor de achttiende eeuw en in leven en werk van Weyerman in het bijzonder. Bezoekers van de Gevangenpoort gaat bij het horen van die naam wellicht vaag ergens een belletje rinkelen. Deze veelschrijver beoefende bijna alle genres waaronder ‘smaadschriften en chantagepraktijken’. In 1739 werd hij ‘op eigen kosten’ levenslang in de Gevangenpoort opgesloten. Om die kosten te kunnen opbrengen kreeg hij toestemming om te blijven schrijven. Tot zijn dood, in 1747, bleef hij schrijven. In de Gevangenpoort vertaalde hij onder andere Don Quichot.

In Zoetermeer, of liever gezegd in het aanpalende Zegwaart, kruisten de paden van Weyerman en Syberg elkaar. Syberg had naam gemaakt in Holland als wonderdokter en hij had zich een buiten aangeschaft, Meerrust, dat bij zijn status paste. Hoewel, ‘aangeschaft’ is niet het woord. Hij had zich in het buiten naar binnen gezwendeld. Weldra zou hij overigens over echt kapitaal beschikken. Hij verstond namelijk de kunst om goud te maken en hij had daartoe in zijn buiten een volwaardig alchemistisch laboratorium ingericht. Hier wilde Weyerman het fijne van weten. Syberg heette hem van harte welkom en ze brachten een gezellige tijd door waarin ze de hermetische kunst bediscussieerden en vele flessen wijn soldaat maakten.

‘Baron’ Syberg had in korte tijd een enorm prestige in onze streken opgebouwd als wonderdokter en alchemist. Wat men in de Republiek niet wist was dat deze geboren Maagdenburger in de Duitse landen een spoor van oplichting en flessentrekkerij had achtergelaten. In Holland zette hij deze praktijken vrolijk voort en wist velen – vooral de meer kapitaalkrachtigen – van zijn wonderbaarlijke gaven te overtuigen.
In Zegwaart hield hij op spectaculaire wijze hof. De dorpelingen van Zoetermeer en Zegwaart, eerzame veeboeren en turfstekers, hadden nog nooit zoiets meegemaakt. De ‘baron’, die zich nu ook ‘Heer van Zoetermeer’0720VG Syberg noemde, bestond het zelfs om regelmatig midden in de nacht met een soort fanfare door de Dorpsstraat te paraderen.

De informatie-uitwisseling ging in die tijd weliswaar langzaam, maar in 1732 verscheen er toch een vertaling uit het Duits van een boek waarin Sybergs oplichterspraktijken uit de doeken werden gedaan. Hij ontvluchtte de Nederlanden en ging terug naar Duitsland waar hij zijn praktijken, zelfs voor de koningen van Pruisen en Saksen, voortzette. In Memmingen leek hij eindelijk veroordeeld te worden, maar hij werd merkwaardigerwijs vrijgesproken. De baron verdween richting Italië en Noord Afrika en uit de geschiedenis. Niemand weet waar en wanneer hij uiteindelijk zijn einde vond.
 
Weyerman schiep er een satanisch genoegen in om de oplichterspraktijken van de baron op schrift te stellen. Hij schreef een groot aantal stukken over de baron, waaronder het blijspel Den Maagdenburger Alchimist, of den gewaanden Baron van Syberg ontmaskert.

Rietje van Vliet heeft alle teksten die Weyerman aan Syberg heeft gewijd en alle stukken die de Hollantsche Historische Courant over Syberg zijn verschenen verzameld. Voorzien van een historische schets en een bijdrage over alchemie van Frank van Lamoen is dit uitgegeven in het boekje Syberg. De Zoetermeerse Alchemist. Ik vind het een van de leukste boekjes dat ik in jaren gelezen heb.

Het is zelfs gelukt om de locatie van het buiten ‘Meerrust’ te vinden. Dit werd altijd in het dorp Zoetermeer gezocht, maar het bleek zich in Zegwaart te bevinden. Het huis zelf bestaat niet meer, maar de plek is nu bekend. Nadat het boekje ten doop was gehouden in het Zoetermeers Museum wandelden we met alle aanwezige Weyermannianen door de dorpsstraat van Zoetermeer. Daar had de Patriotse dominee Van den Bosch gewoond, die door Oranjeklanten was vermoord. Er is nu een Kruitvat gevestigd. Hier had Jacob Campo Weyerman gelogeerd toen hij de baron bezocht en hier, tenslotte, stond vroeger het buiten Meerrust. In gedachten zag ik de dikke baron met zijn fanfare door de dorpsstraat trekken. Een excentrieke heer waar de dorpelingen hoog tegenop moeten hebben gekeken, totdat hij smadelijk het hazenpad koos.

Weyerman legt de baron bij zijn vertrek deze woorden in de mond:

‘Vaar wel, O gulden esels stal!
Waar in ik plagt te brallen.
G’ontzegt noch dom, noch groen, noch mal,
Mids dat hij weet te kallen.
Doch een Duyts Baron,
Die goud stoken kon,
Is uw altoos wel bevallen.’

****
Rietje van Vliet, m.m.v. Frank van Lamoen (2010), Syberg. De Zoetermeerse Alchemist, Marollenreeks No. 5, Astraea, Zoeterwoude
Jacob Campo Weyermanstichting: http://www.weyerman.nl/
Uitegeverij Astraea: http://www.uitgeverijastraea.nl/
© 2010 Willem Minderhout
powered by CJ2