archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Met de hele familie naar Matterhorn Hans Knegtmans

1007VG Matterhorn1
Tot en met 2 februari kunt u nog naar het Rotterdamse filmfestival IFFR. Vroeger was het een heel gedoe om een kaartje te bemachtigen, maar vandaag de dag kan men de zaak kortsluiten met een e-ticket. Sterker nog, wanneer iemand een passe-partout neemt – een goed idee voor volgend jaar – worden alle bestelde voorstellingen automatisch in zijn/haar pas opgeslagen. Ik ben altijd zeer gesteld op papieren toegangsbewijzen, maar het idee dat mijn hele festival in een pasje om mijn nek hangt, heeft wel iets frivools.

Om te voorkomen dat ik het tijdens het festival te kwaad krijg door information overload, vanwege het overdadige filmaanbod, zorg ik er jaarlijks voor mijn programma nog voor de eerste voorstelling op orde te hebben. Zo behoed ik mezelf voor programmatische bokkensprongen. Soms blijkt echter dat ik mijn huiswerk niet goed gemaakt heb. Dit jaar was de film Matterhorn aan mijn aandacht ontsnapt. Totdat ik in de festivalcatalogus een vergelijking zag met het absurdistische oeuvre van Alex van Warmerdam. Ik was slecht thuis in het eerdere werk van regisseur Diederik Ebbinge, zoals zijn rol in De Vliegende Panters, maar een mens is nooit te oud om te leren.
Al in de eerste beelden blijkt dat Matterhorn een onvervalste retrofilm is. In alles roept het plattelandsgehucht met zijn schoongeveegde autoloze en bijna ontvolkte straatjes herinneringen op aan de jaren zestig en zeventig, ook al betaalt men er in euro’s. Het huis van hoofdpersoon Fred (Ton Kas) ziet zowel uit op de dorpskerk als op overbuurman Kamps (Porgy Franssen), als ouderling de natuurlijke opinieleider van de gemeenschap. Fred is een weduwnaar van 54, die niet veel verder reist dan per bus naar de supermarkt in het volgende dorp. Dagelijks heeft hij tegen zessen zijn bescheiden retromaaltijd klaar (gekookte aardappels, groente en vlees). Daardoor kan hij om zes uur precies bidden voor het avondmaal.

Dit weinig dynamische bestaan wordt opgeschud wanneer Fred ziet hoe een haveloze zwerver met een jerrycan probeert ouderling Kamp z’n geld afhandig te maken, zogenaamd om benzine voor zijn gestrande auto te kopen. Fred is furieus, omdat hij gisteren zelf het slachtoffer is geworden van deze oplichterij. Als de zaak via enkele handigheidjes in het scenario in den minne is geschikt, krijgt de opvoeder in Fred de overhand. Hij nodigt de zwijgzame, wereldvreemde man – Theo, heet hij – uit voor de maaltijd en laat hem zelfs logeren in de jongenskamer die na het vertrek van zijn zoon niet meer gebruikt is. De volgende dag gaan ze samen naar de kerk, tot ergernis van ouderling Kamps (‘onze barmhartige Samaritaan,’1007VG Matterhorn2 sneert hij). De logeerpartij krijgt een permanent karakter.

Het spreekt voor zich dat Freds ongewone gastvrijheid in de kleinzielige gemeenschap het gesprek van de dag is. Terwijl de kijker – die weet dat Fred nog steeds treurt over de dood van zijn vrouw – wel begrijpt dat dit gedrag louter voortkomt uit de behoefte aan gezelschap.

Omdat het tenslotte een komedie moest zijn, bedacht Ebbinge nog een andere plotlijn. Fred ontdekt dat Theo (René van 't Hof) verdienstelijk dierengeluiden kan imiteren. In de supermarkt vraagt een vader hem of Theo misschien kan optreden op de verjaardag van zijn dochter. Fred ziet plotseling een mogelijkheid tot zelfontplooiing. Samen met Theo verzorgt hij een muzikale act op kinderpartijtjes. Hij zingt de liedjes (Boer, wat zeg je van mijn kippen; Slaap, kindje slaap; Er zaten zeven kikkertjes), Theo maakt de dierengeluiden.

Al die tijd vraagt de kijker zich af wat er in hemelsnaam met Theo aan de hand is. Zwakbegaafd? Kierewiet? Ontsnapt uit een inrichting? De oplossing van het raadsel is, zoals veel in de film, behoorlijk vergezocht, maar in ieder geval kan daarna het verhaal weer verder.

Ebbinge is geen Van Warmerdam, al beweert de catalogus van wel. En ook geen Kees Prins, of Arjan Ederveen. De film is slechts zelden echt geestig of humoristisch. Bij deze première zat de zaal tjokvol met vrienden en familie van de regisseur. Die konden er natuurlijk hartelijk om lachen. Een zaalwacht had mij tevoren uitgelegd dat juist vanwege de verwachte partijdigheid van de kijkers geen antwoordkaarten voor de publieksenquête werden uitgereikt. Slim bedacht, maar de onwaarschijnlijk hoge score bij de volgende voorstelling – zonder familie in de zaal – toont aan dat ook de niet-hardcore fans veel plezier aan de film beleven.

Nu ja, laten we de mensen hun pretje gunnen. Wat je ook van de film vindt, pretentieus is hij niet. En dat kun je niet van alle festivalfilms beweren. Zo, is dat nu geen fijne cliff hanger? Volgende keer meer over de Rotterdamse hoogte- en dieptepunten. Overigens gaat Matterhorn op 7 februari landelijk in première.
 
*********************************************************
Tot onze schrik hebben wij gemerkt dat aanmeldingen voor de Nieuwsbrief de laatste tijd (en misschien wel meer dan een jaar!) in het digitale niets zijn verdwenen. Maar nu werkt het weer. Abonneert u op de Nieuwsbrief.


© 2013 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film"
Vermaak en Genot > Naar de film
Met de hele familie naar Matterhorn Hans Knegtmans
1007VG Matterhorn1
Tot en met 2 februari kunt u nog naar het Rotterdamse filmfestival IFFR. Vroeger was het een heel gedoe om een kaartje te bemachtigen, maar vandaag de dag kan men de zaak kortsluiten met een e-ticket. Sterker nog, wanneer iemand een passe-partout neemt – een goed idee voor volgend jaar – worden alle bestelde voorstellingen automatisch in zijn/haar pas opgeslagen. Ik ben altijd zeer gesteld op papieren toegangsbewijzen, maar het idee dat mijn hele festival in een pasje om mijn nek hangt, heeft wel iets frivools.

Om te voorkomen dat ik het tijdens het festival te kwaad krijg door information overload, vanwege het overdadige filmaanbod, zorg ik er jaarlijks voor mijn programma nog voor de eerste voorstelling op orde te hebben. Zo behoed ik mezelf voor programmatische bokkensprongen. Soms blijkt echter dat ik mijn huiswerk niet goed gemaakt heb. Dit jaar was de film Matterhorn aan mijn aandacht ontsnapt. Totdat ik in de festivalcatalogus een vergelijking zag met het absurdistische oeuvre van Alex van Warmerdam. Ik was slecht thuis in het eerdere werk van regisseur Diederik Ebbinge, zoals zijn rol in De Vliegende Panters, maar een mens is nooit te oud om te leren.
Al in de eerste beelden blijkt dat Matterhorn een onvervalste retrofilm is. In alles roept het plattelandsgehucht met zijn schoongeveegde autoloze en bijna ontvolkte straatjes herinneringen op aan de jaren zestig en zeventig, ook al betaalt men er in euro’s. Het huis van hoofdpersoon Fred (Ton Kas) ziet zowel uit op de dorpskerk als op overbuurman Kamps (Porgy Franssen), als ouderling de natuurlijke opinieleider van de gemeenschap. Fred is een weduwnaar van 54, die niet veel verder reist dan per bus naar de supermarkt in het volgende dorp. Dagelijks heeft hij tegen zessen zijn bescheiden retromaaltijd klaar (gekookte aardappels, groente en vlees). Daardoor kan hij om zes uur precies bidden voor het avondmaal.

Dit weinig dynamische bestaan wordt opgeschud wanneer Fred ziet hoe een haveloze zwerver met een jerrycan probeert ouderling Kamp z’n geld afhandig te maken, zogenaamd om benzine voor zijn gestrande auto te kopen. Fred is furieus, omdat hij gisteren zelf het slachtoffer is geworden van deze oplichterij. Als de zaak via enkele handigheidjes in het scenario in den minne is geschikt, krijgt de opvoeder in Fred de overhand. Hij nodigt de zwijgzame, wereldvreemde man – Theo, heet hij – uit voor de maaltijd en laat hem zelfs logeren in de jongenskamer die na het vertrek van zijn zoon niet meer gebruikt is. De volgende dag gaan ze samen naar de kerk, tot ergernis van ouderling Kamps (‘onze barmhartige Samaritaan,’1007VG Matterhorn2 sneert hij). De logeerpartij krijgt een permanent karakter.

Het spreekt voor zich dat Freds ongewone gastvrijheid in de kleinzielige gemeenschap het gesprek van de dag is. Terwijl de kijker – die weet dat Fred nog steeds treurt over de dood van zijn vrouw – wel begrijpt dat dit gedrag louter voortkomt uit de behoefte aan gezelschap.

Omdat het tenslotte een komedie moest zijn, bedacht Ebbinge nog een andere plotlijn. Fred ontdekt dat Theo (René van 't Hof) verdienstelijk dierengeluiden kan imiteren. In de supermarkt vraagt een vader hem of Theo misschien kan optreden op de verjaardag van zijn dochter. Fred ziet plotseling een mogelijkheid tot zelfontplooiing. Samen met Theo verzorgt hij een muzikale act op kinderpartijtjes. Hij zingt de liedjes (Boer, wat zeg je van mijn kippen; Slaap, kindje slaap; Er zaten zeven kikkertjes), Theo maakt de dierengeluiden.

Al die tijd vraagt de kijker zich af wat er in hemelsnaam met Theo aan de hand is. Zwakbegaafd? Kierewiet? Ontsnapt uit een inrichting? De oplossing van het raadsel is, zoals veel in de film, behoorlijk vergezocht, maar in ieder geval kan daarna het verhaal weer verder.

Ebbinge is geen Van Warmerdam, al beweert de catalogus van wel. En ook geen Kees Prins, of Arjan Ederveen. De film is slechts zelden echt geestig of humoristisch. Bij deze première zat de zaal tjokvol met vrienden en familie van de regisseur. Die konden er natuurlijk hartelijk om lachen. Een zaalwacht had mij tevoren uitgelegd dat juist vanwege de verwachte partijdigheid van de kijkers geen antwoordkaarten voor de publieksenquête werden uitgereikt. Slim bedacht, maar de onwaarschijnlijk hoge score bij de volgende voorstelling – zonder familie in de zaal – toont aan dat ook de niet-hardcore fans veel plezier aan de film beleven.

Nu ja, laten we de mensen hun pretje gunnen. Wat je ook van de film vindt, pretentieus is hij niet. En dat kun je niet van alle festivalfilms beweren. Zo, is dat nu geen fijne cliff hanger? Volgende keer meer over de Rotterdamse hoogte- en dieptepunten. Overigens gaat Matterhorn op 7 februari landelijk in première.
 
*********************************************************
Tot onze schrik hebben wij gemerkt dat aanmeldingen voor de Nieuwsbrief de laatste tijd (en misschien wel meer dan een jaar!) in het digitale niets zijn verdwenen. Maar nu werkt het weer. Abonneert u op de Nieuwsbrief.
© 2013 Hans Knegtmans
powered by CJ2