archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Vrijwel geen sacharine Hans Knegtmans

0113 Hoe vertel ik ...
Strikt genomen gaat de film De rouille et d’os over het welbekende thema ‘man en vrouw beginnen een soort relatie’. Jazeker, dat klinkt behoorlijk afgezaagd. Maar de personages Ali (Matthias Schoenaerts) en Stephanie (Marion Cotillard) zijn bepaald geen voor de hand liggende liefdespartners.

Met het etiket ‘dommekracht’ doen we Ali niet te kort. Hij heeft geen opleiding of werk – zijn incidentele schnabbels als straatvechter ziet hij zelf meer als een betaalde hobby. Hoewel verre van achterlijk, is denken niet een bezigheid waar hij genoegen aan beleeft. Haar handicap is van een heel andere orde. In het dolfinarium waar ze werkte heeft een Orka haar beide benen afgebeten. Nu keutelt ze doelloos door haar appartement in een rolstoel.

De wanhoop nabij belt ze Ali op, die in betere tijden – zij goed ter been, hij uitsmijter in een nachtclub – haar naar huis heeft gereden, nadat zij in een dronkenmanruzie met een andere bezoeker was verzeild. Ja, hij heeft op de TV gehoord van het drama. ‘Ça va?’ vraagt hij in z’n onschuld. ‘Nou nee, hoe denk jij dat het gaat?’ antwoordt ze sarcastisch, maar die subtiliteit is niet aan hem besteed.

Je zou verwachten dat deze valse start haar belangstelling in de kiem smoort. Verrassend genoeg echter heeft zijn botte directheid een gunstig effect. Tijdens hun eerste uitje naar het zonnige strand van Antibes geeft hij te kennen, graag het water in te willen. Zij moet er niet aan denken, met haar akelige verminking. Een beleefde, invoelende man zou aan een half woord genoeg hebben, maar die sociale intelligentie is Ali vreemd. Voordat hij in de golven verdwijnt, kiest Stephanie eieren voor haar geld en laat ze zich gewillig het water in tillen.

Ook op andere momenten is Ali een man van weinig woorden. Bij toeval ontdekt Stephanie dat hij een zoontje heeft. O, had hij dat niet verteld? Nu, dat is zo. Samen logeren ze tijdelijk bij zijn zuster. Weer wat geleerd. Het verbaast de kijker niets dat, wanneer ze het voor de eerste keer over seks hebben, ook dit gesprek van een directheid is waarbij de meeste ‘nette’ mensen zich flink opgelaten zouden voelen.
Hiermee is niet gezegd dat regisseur en scenarist Jacques Audiard (vooral bekend van het gevangenisdrama Un prophète) ervoor pleit dat iedereen maar recht voor zijn raap zegt waar hij wel of juist geen zin in heeft, zoals in sensitivitytrainingen van eind vorige eeuw gebruikelijk was. De film bevat echter één vrijheid-blijheid incident waarbij de toeschouwer van plaatsvervangende schaamte niet weet waar hij moet kijken. Zou Stephanie over zo veel veerkracht beschikken dat ze Ali deze faux pas kan vergeven, of heeft hij nu zijn krediet echt verspeeld?
Het koersvaste scenario van Audiard en het voorbeeldige spel van Schoenaerts en Cotillard maken het inzetten van geijkte feel-good elementen overbodig en zelfs onwenselijk. Dat vlak voor het eind de regisseur heel even de sacharinekraan opendraait, zij hem vergeven. Het volhardende publiek heeft per slot wel een aai over de bol verdiend.
 
************************************
De tekening is een 'oudje' van Floris Wiegerinck


© 2012 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film"
Vermaak en Genot > Naar de film
Vrijwel geen sacharine Hans Knegtmans
0113 Hoe vertel ik ...
Strikt genomen gaat de film De rouille et d’os over het welbekende thema ‘man en vrouw beginnen een soort relatie’. Jazeker, dat klinkt behoorlijk afgezaagd. Maar de personages Ali (Matthias Schoenaerts) en Stephanie (Marion Cotillard) zijn bepaald geen voor de hand liggende liefdespartners.

Met het etiket ‘dommekracht’ doen we Ali niet te kort. Hij heeft geen opleiding of werk – zijn incidentele schnabbels als straatvechter ziet hij zelf meer als een betaalde hobby. Hoewel verre van achterlijk, is denken niet een bezigheid waar hij genoegen aan beleeft. Haar handicap is van een heel andere orde. In het dolfinarium waar ze werkte heeft een Orka haar beide benen afgebeten. Nu keutelt ze doelloos door haar appartement in een rolstoel.

De wanhoop nabij belt ze Ali op, die in betere tijden – zij goed ter been, hij uitsmijter in een nachtclub – haar naar huis heeft gereden, nadat zij in een dronkenmanruzie met een andere bezoeker was verzeild. Ja, hij heeft op de TV gehoord van het drama. ‘Ça va?’ vraagt hij in z’n onschuld. ‘Nou nee, hoe denk jij dat het gaat?’ antwoordt ze sarcastisch, maar die subtiliteit is niet aan hem besteed.

Je zou verwachten dat deze valse start haar belangstelling in de kiem smoort. Verrassend genoeg echter heeft zijn botte directheid een gunstig effect. Tijdens hun eerste uitje naar het zonnige strand van Antibes geeft hij te kennen, graag het water in te willen. Zij moet er niet aan denken, met haar akelige verminking. Een beleefde, invoelende man zou aan een half woord genoeg hebben, maar die sociale intelligentie is Ali vreemd. Voordat hij in de golven verdwijnt, kiest Stephanie eieren voor haar geld en laat ze zich gewillig het water in tillen.

Ook op andere momenten is Ali een man van weinig woorden. Bij toeval ontdekt Stephanie dat hij een zoontje heeft. O, had hij dat niet verteld? Nu, dat is zo. Samen logeren ze tijdelijk bij zijn zuster. Weer wat geleerd. Het verbaast de kijker niets dat, wanneer ze het voor de eerste keer over seks hebben, ook dit gesprek van een directheid is waarbij de meeste ‘nette’ mensen zich flink opgelaten zouden voelen.
Hiermee is niet gezegd dat regisseur en scenarist Jacques Audiard (vooral bekend van het gevangenisdrama Un prophète) ervoor pleit dat iedereen maar recht voor zijn raap zegt waar hij wel of juist geen zin in heeft, zoals in sensitivitytrainingen van eind vorige eeuw gebruikelijk was. De film bevat echter één vrijheid-blijheid incident waarbij de toeschouwer van plaatsvervangende schaamte niet weet waar hij moet kijken. Zou Stephanie over zo veel veerkracht beschikken dat ze Ali deze faux pas kan vergeven, of heeft hij nu zijn krediet echt verspeeld?
Het koersvaste scenario van Audiard en het voorbeeldige spel van Schoenaerts en Cotillard maken het inzetten van geijkte feel-good elementen overbodig en zelfs onwenselijk. Dat vlak voor het eind de regisseur heel even de sacharinekraan opendraait, zij hem vergeven. Het volhardende publiek heeft per slot wel een aai over de bol verdiend.
 
************************************
De tekening is een 'oudje' van Floris Wiegerinck
© 2012 Hans Knegtmans
powered by CJ2