archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Hogeschoolcinema uit de VS Hans Knegtmans

Winter’s Bone is de beste film van het jaar. Dat vinden er meer. Op de Amerikaanse website Metacritic geven 75 professionele filmrecensenten de film gemiddeld een rapportcijfer van 9. Ook strooien ze met Oscarnominaties voor regisseur Debra Granik en de twee belangrijkste acteurs (Jennifer Lawrence en John Hawkes). Daar zit ongetwijfeld een flinke dosis wishful thinking bij. Ik doe daar graag aan mee. Als het aan mij ligt gaat de film aan de haal met Oscars voor beste film, beste regie, beste vrouwelijke hoofdrol (Jennifer Lawrence), beste mannelijke bijrol (Hawkes, hoe briljant ook, is te weinig in beeld om hem de prijs voor beste hoofdrol toe te kennen), beste script gebaseerd op bestaand materiaal en beste camerawerk. Zes stuks! Het gebeurt niet, maar het is leuk, erover te dagdromen.

De film laat, volgens de critici die het boek hebben gelezen, de gelijknamige roman van Daniel Woodrell waarop hij gebaseerd is, bewonderenswaardig intact. Het verhaal speelt zich af in de Ozark bergen, in zuidelijk Missouri, waar de schrijver geboren en getogen is. Door inteelt is iedereen daar op de een of andere manier wel familie van elkaar, in gehuchten die volstrekt willekeurig verstrooid lijken te zijn over het kale landschap. De bevolking is straatarm en – een bekend beeld uit Amerikaanse films – het erf voor ieder vervallen huis staat vol afgedankte troep: auto’s zonder wielen, kasten, onbruikbare meubelstukken.

In dat godverlaten gebied zorgt de zeventienjarige Ree Dolly voor haar afgeleefde, bijna catatone moeder, haar broertje van twaalf en een zusje van zes. Vader Jessup hangt nu eens hier, dan weer daar rond. Zoals veel streekbewoners handelt hij illegaal in speed (methamfetamine – crystal meth of crank mag ook). Van de sheriff hoort Ree dat Jessup druk doende is de toekomst van zijn gezin te verkwanselen. Na zijn arrestatie heeft hij bij wijze van borgsom het huis van zijn vrouw en de kinderen overgedragen. Daarna ging hij er vandoor met onbekende bestemming. Als hij zich over een paar dagen niet meldt voor de hoorzitting, raken zij hun huis kwijt.

Als vanzelfsprekend begint Ree aan een zoektocht naar de raadselachtig verdwenen Jessup. Dat is, om het mild uit te drukken, geen pretje. Steevast is het de vrouw des huizes die met grote tegenzin haar verhaal aanhoort. Nee, ze weet van niets en kan ook niets voor haar doen. Ree laat zich niet met een kluitje in het riet sturen. Kan ze dan de echtgenoot spreken? Misschien dat hij iets gehoord of gezien heeft.

Meestal komt het niet zover. Het enige wat ze opsteekt is de naam van een andere buurtbewoner die haar – waarschijnlijk niet, maar toch, ze kan het proberen – verder zou kunnen helpen. Een van de weinige mannen die ze wél te spreken krijgt is Jessups broer Teardrop. Maar Teardrop is niet het soort aardige oom die wij kennen, integendeel. Hij maakt Ree hardhandig duidelijk dat ze nu meteen haar zoektocht moet staken, als haar leven haar lief is.

Ree volhardt echter in haar Odyssee, ook als die voert naar het huis van de gevaarlijkste drugsdealer van de streek. Ze moet en zal haar vader vinden, zelf als die dood zou blijken te zijn. Ook een eventueel bewijs van zijn dood kan het verlies van de woning voorkomen.

Wie het verhaal van de film niet kent begrijpt pas gaandeweg het uitzichtloze van Ree’s onderneming. Dat komt omdat we aanvankelijk nog geen idee hebben van de verschrikkingen die de regisseuse voor ons in petto heeft. Bewoners die minstens even veel van hun zelf gekookte crank consumeren als verhandelen. Een methlaboratorium dat ontploft is, met dealer en al. Mensen die weten dat ze één verkeerde opmerking tegen de buurman die stoned is, met de dood kunnen bekopen. De minst bedeelden die eekhoorns moeten doodschieten en villen om niet te verhongeren.

Het is de fantastische actrice Jennifer Lawrence (ten tijde van de filmopnamen pas 19 jaar) die ons heelhuids door het verhaal loodst. Je vraagt je af waar iemand met zulke abjecte ouders haar daadkracht, moreel besef en verantwoordelijkheidsgevoel vandaan haalt. Hoewel, tegen het einde van de film wordt duidelijk dat ook oom Teardrop (acteur John Hawkes lijkt sprekend op de morsige Harry Dean Stanton van zo’n dertig jaar geleden) behept is met een verantwoordelijkheidsgen, ook al weet hij dat met zijn crankverslaving en gewelddadige optreden goed te verbergen.

Net als A Serious Man, Life During Wartime en The Social Network herinnert Winter’s Bone de kijker eraan dat de Amerikanen, als ze zich er echt toe zetten, nog steeds schitterende films kunnen maken.
 
*************************
Abonneert u op de Nieuwsbrief.


© 2010 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film"
Vermaak en Genot > Naar de film
Hogeschoolcinema uit de VS Hans Knegtmans
Winter’s Bone is de beste film van het jaar. Dat vinden er meer. Op de Amerikaanse website Metacritic geven 75 professionele filmrecensenten de film gemiddeld een rapportcijfer van 9. Ook strooien ze met Oscarnominaties voor regisseur Debra Granik en de twee belangrijkste acteurs (Jennifer Lawrence en John Hawkes). Daar zit ongetwijfeld een flinke dosis wishful thinking bij. Ik doe daar graag aan mee. Als het aan mij ligt gaat de film aan de haal met Oscars voor beste film, beste regie, beste vrouwelijke hoofdrol (Jennifer Lawrence), beste mannelijke bijrol (Hawkes, hoe briljant ook, is te weinig in beeld om hem de prijs voor beste hoofdrol toe te kennen), beste script gebaseerd op bestaand materiaal en beste camerawerk. Zes stuks! Het gebeurt niet, maar het is leuk, erover te dagdromen.

De film laat, volgens de critici die het boek hebben gelezen, de gelijknamige roman van Daniel Woodrell waarop hij gebaseerd is, bewonderenswaardig intact. Het verhaal speelt zich af in de Ozark bergen, in zuidelijk Missouri, waar de schrijver geboren en getogen is. Door inteelt is iedereen daar op de een of andere manier wel familie van elkaar, in gehuchten die volstrekt willekeurig verstrooid lijken te zijn over het kale landschap. De bevolking is straatarm en – een bekend beeld uit Amerikaanse films – het erf voor ieder vervallen huis staat vol afgedankte troep: auto’s zonder wielen, kasten, onbruikbare meubelstukken.

In dat godverlaten gebied zorgt de zeventienjarige Ree Dolly voor haar afgeleefde, bijna catatone moeder, haar broertje van twaalf en een zusje van zes. Vader Jessup hangt nu eens hier, dan weer daar rond. Zoals veel streekbewoners handelt hij illegaal in speed (methamfetamine – crystal meth of crank mag ook). Van de sheriff hoort Ree dat Jessup druk doende is de toekomst van zijn gezin te verkwanselen. Na zijn arrestatie heeft hij bij wijze van borgsom het huis van zijn vrouw en de kinderen overgedragen. Daarna ging hij er vandoor met onbekende bestemming. Als hij zich over een paar dagen niet meldt voor de hoorzitting, raken zij hun huis kwijt.

Als vanzelfsprekend begint Ree aan een zoektocht naar de raadselachtig verdwenen Jessup. Dat is, om het mild uit te drukken, geen pretje. Steevast is het de vrouw des huizes die met grote tegenzin haar verhaal aanhoort. Nee, ze weet van niets en kan ook niets voor haar doen. Ree laat zich niet met een kluitje in het riet sturen. Kan ze dan de echtgenoot spreken? Misschien dat hij iets gehoord of gezien heeft.

Meestal komt het niet zover. Het enige wat ze opsteekt is de naam van een andere buurtbewoner die haar – waarschijnlijk niet, maar toch, ze kan het proberen – verder zou kunnen helpen. Een van de weinige mannen die ze wél te spreken krijgt is Jessups broer Teardrop. Maar Teardrop is niet het soort aardige oom die wij kennen, integendeel. Hij maakt Ree hardhandig duidelijk dat ze nu meteen haar zoektocht moet staken, als haar leven haar lief is.

Ree volhardt echter in haar Odyssee, ook als die voert naar het huis van de gevaarlijkste drugsdealer van de streek. Ze moet en zal haar vader vinden, zelf als die dood zou blijken te zijn. Ook een eventueel bewijs van zijn dood kan het verlies van de woning voorkomen.

Wie het verhaal van de film niet kent begrijpt pas gaandeweg het uitzichtloze van Ree’s onderneming. Dat komt omdat we aanvankelijk nog geen idee hebben van de verschrikkingen die de regisseuse voor ons in petto heeft. Bewoners die minstens even veel van hun zelf gekookte crank consumeren als verhandelen. Een methlaboratorium dat ontploft is, met dealer en al. Mensen die weten dat ze één verkeerde opmerking tegen de buurman die stoned is, met de dood kunnen bekopen. De minst bedeelden die eekhoorns moeten doodschieten en villen om niet te verhongeren.

Het is de fantastische actrice Jennifer Lawrence (ten tijde van de filmopnamen pas 19 jaar) die ons heelhuids door het verhaal loodst. Je vraagt je af waar iemand met zulke abjecte ouders haar daadkracht, moreel besef en verantwoordelijkheidsgevoel vandaan haalt. Hoewel, tegen het einde van de film wordt duidelijk dat ook oom Teardrop (acteur John Hawkes lijkt sprekend op de morsige Harry Dean Stanton van zo’n dertig jaar geleden) behept is met een verantwoordelijkheidsgen, ook al weet hij dat met zijn crankverslaving en gewelddadige optreden goed te verbergen.

Net als A Serious Man, Life During Wartime en The Social Network herinnert Winter’s Bone de kijker eraan dat de Amerikanen, als ze zich er echt toe zetten, nog steeds schitterende films kunnen maken.
 
*************************
Abonneert u op de Nieuwsbrief.
© 2010 Hans Knegtmans
powered by CJ2