archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Opgewarmde wijsheden Hans Knegtmans

Ik ken succesauteur Heleen van Rooyen alleen uit haar vele tv-optredens in praatprogramma’s als DWDD en spelletjes met Beroemde Nederlanders. Die optredens deden me niet echt uitzien naar haar autobiografisch getinte boeken. Maar nu kon ik bij de verfilming van haar grote succes De gelukkige huisvrouw (300.000 exemplaren) in nog geen twee uur de schade inhalen! Dit buitenkansje mocht ik niet laten lopen, gegeven ook de overwegend zeer positieve besprekingen van de film.

Stewardess Lea (Carice van Houten) en architect Harry (Waldemar Torenstra) besluiten een kind te nemen. En dan hebben ze het niet over adoptie van zo’n spleetoogje uit het Verre Oosten, maar over eentje van eigen kweek. Zo gezegd zo gedaan, en even later zien we in een minutenlange scène – en onder luid gevloek van Lea – de kleine Harry jr. ter wereld komen.
We moeten de boek- en filmtitel ironisch opvatten. Lea is allerminst gelukkig na de zware bevalling. Ze belandt in een postnatale depressie, gelardeerd met psychotische symptomen. Wanneer ze de baby in een creatief moment verpakt in een verhuisdoos – opgeruimd staat netjes – is voor vader Harry de maat vol en laat hij haar, zo te zien zonder al te veel wroeging, gedwongen opnemen in een psychiatrische inrichting.
Opvallend genoeg gedijt Lea behoorlijk goed tussen de andere gekken. Die worden dan ook – met uitzondering van de obligate schreeuwlelijk die met haar gekrijs de toeschouwers de stuipen op het lijf jaagt – afgeschilderd als sympathieke personages die op de een of andere manier de draad zijn kwijtgeraakt. De voormalige natuurkundeleraar Theo is een baken in deze ongewone leefomgeving. En psychiater Beau verzint interessante rollenspellen, die Lea een onverwacht kijkje in haar psyche verschaffen.

Na haar ontslag uit de kliniek dienen andere problemen zich aan. Noch Harry sr., noch Lea's moeder is in staat haar als een gewoon mens te behandelen in plaats van als een patiënt die een permanent gevaar vormt voor kleine Harry. Daarnaast herinnert Lea zich steeds vaker kleine dingetjes van haar vader, die ooit plotseling zijn gezin in de steek liet en kort daarna om het leven kwam. Haar moeder en oudere zusje zijn opvallend terughoudend in het verstrekken van informatie over die gedenkwaardige nacht.

De producent noemt de film een ‘ironisch drama’. Daarmee zal bedoeld worden dat de thematiek – inclusief alle psychiatrische kost– weliswaar0713VG Huisvrouw niet kinderachtig is, maar dat anderzijds met name heldin Lea met haar botte, ordinaire oneliners voor het broodnodige tegenwicht zorgt. Je hoeft je ogen niet te sluiten voor de shit op de wereld, maar het moet wel leuk blijven, lijkt het devies van filmmaakster Antoinette Beumer te zijn. En inderdaad, in het Leidse Trianon had het overwegend vrouwelijke publiek een gulle lach over voor Lea’s gevatheden.
Filmisch heeft De gelukkige huisvrouw weinig om het lijf. Lea’s bevalling is een indringend hoogstandje, en ook haar opkomende psychose zorgt voor mooie beelden. Hoofdrolspeelster Carice van Houten steelt ontegenzeggelijk de show, ook als je, zoals ik, niet echt tot haar fans behoort. Vergelijkenderwijs laat vooral het spel van Waldemar Torenstra als een immer montere Harry en Joke Tjalsma als Lea’s kortzichtige moeder veel te wensen over.

Zoals zo vaak in Nederlandse speelfilms, sterven veel dialogen in volstrekte onverstaanbaarheid. Meteen na afloop van de voorstelling ondernam ik een korte zapexercitie lang de Nederlandse tv-kanalen. Die bevestigde wat ik al wist. Van zelfs de meest gruwelijke tv-programma’s, in welk genre dan ook, zijn de teksten door de voortschrijdende geluidstechniek uitstekend te volgen. Alleen bij speelfilms niet. Mogelijk doordat dit het enige programmagenre is waarbij de personen zich meer beijveren om ‘natuurlijk’ over te komen, dan dat ze zich bekommeren om hun verstaanbaarheid. Hier ligt een mooie taak voor de filmacademie en andere vormende instanties.

Wat hebben we nu geleerd van De gelukkige huisvrouw?
  1. Een psychische aandoening is niet onomkeerbaar.
  2. Iemand met een psychische stoornis is in de eerste plaats mens, en dan pas patiënt.
  3. Psychiatrische patiënten kunnen ons veel leren, als we onze oren en ogen maar openhouden.
  4. Bij een echtelijk conflict hebben beide partijen schuld.
  5. Daarom moeten we altijd beide partners de kans geven, hun visie op de gebeurtenissen te geven.
  6. Lieg je kinderen nooit voor. Al is de leugen nog zo snel (…)
Deze inzichten zijn misschien niet allemaal even nieuw, maar het is goed dat een schrijfster van nu het bioscooppubliek van nu er nog eens aan herinnert.
 
*************************
Abonneert u op de Nieuwsbrief.


© 2010 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film"
Vermaak en Genot > Naar de film
Opgewarmde wijsheden Hans Knegtmans
Ik ken succesauteur Heleen van Rooyen alleen uit haar vele tv-optredens in praatprogramma’s als DWDD en spelletjes met Beroemde Nederlanders. Die optredens deden me niet echt uitzien naar haar autobiografisch getinte boeken. Maar nu kon ik bij de verfilming van haar grote succes De gelukkige huisvrouw (300.000 exemplaren) in nog geen twee uur de schade inhalen! Dit buitenkansje mocht ik niet laten lopen, gegeven ook de overwegend zeer positieve besprekingen van de film.

Stewardess Lea (Carice van Houten) en architect Harry (Waldemar Torenstra) besluiten een kind te nemen. En dan hebben ze het niet over adoptie van zo’n spleetoogje uit het Verre Oosten, maar over eentje van eigen kweek. Zo gezegd zo gedaan, en even later zien we in een minutenlange scène – en onder luid gevloek van Lea – de kleine Harry jr. ter wereld komen.
We moeten de boek- en filmtitel ironisch opvatten. Lea is allerminst gelukkig na de zware bevalling. Ze belandt in een postnatale depressie, gelardeerd met psychotische symptomen. Wanneer ze de baby in een creatief moment verpakt in een verhuisdoos – opgeruimd staat netjes – is voor vader Harry de maat vol en laat hij haar, zo te zien zonder al te veel wroeging, gedwongen opnemen in een psychiatrische inrichting.
Opvallend genoeg gedijt Lea behoorlijk goed tussen de andere gekken. Die worden dan ook – met uitzondering van de obligate schreeuwlelijk die met haar gekrijs de toeschouwers de stuipen op het lijf jaagt – afgeschilderd als sympathieke personages die op de een of andere manier de draad zijn kwijtgeraakt. De voormalige natuurkundeleraar Theo is een baken in deze ongewone leefomgeving. En psychiater Beau verzint interessante rollenspellen, die Lea een onverwacht kijkje in haar psyche verschaffen.

Na haar ontslag uit de kliniek dienen andere problemen zich aan. Noch Harry sr., noch Lea's moeder is in staat haar als een gewoon mens te behandelen in plaats van als een patiënt die een permanent gevaar vormt voor kleine Harry. Daarnaast herinnert Lea zich steeds vaker kleine dingetjes van haar vader, die ooit plotseling zijn gezin in de steek liet en kort daarna om het leven kwam. Haar moeder en oudere zusje zijn opvallend terughoudend in het verstrekken van informatie over die gedenkwaardige nacht.

De producent noemt de film een ‘ironisch drama’. Daarmee zal bedoeld worden dat de thematiek – inclusief alle psychiatrische kost– weliswaar0713VG Huisvrouw niet kinderachtig is, maar dat anderzijds met name heldin Lea met haar botte, ordinaire oneliners voor het broodnodige tegenwicht zorgt. Je hoeft je ogen niet te sluiten voor de shit op de wereld, maar het moet wel leuk blijven, lijkt het devies van filmmaakster Antoinette Beumer te zijn. En inderdaad, in het Leidse Trianon had het overwegend vrouwelijke publiek een gulle lach over voor Lea’s gevatheden.
Filmisch heeft De gelukkige huisvrouw weinig om het lijf. Lea’s bevalling is een indringend hoogstandje, en ook haar opkomende psychose zorgt voor mooie beelden. Hoofdrolspeelster Carice van Houten steelt ontegenzeggelijk de show, ook als je, zoals ik, niet echt tot haar fans behoort. Vergelijkenderwijs laat vooral het spel van Waldemar Torenstra als een immer montere Harry en Joke Tjalsma als Lea’s kortzichtige moeder veel te wensen over.

Zoals zo vaak in Nederlandse speelfilms, sterven veel dialogen in volstrekte onverstaanbaarheid. Meteen na afloop van de voorstelling ondernam ik een korte zapexercitie lang de Nederlandse tv-kanalen. Die bevestigde wat ik al wist. Van zelfs de meest gruwelijke tv-programma’s, in welk genre dan ook, zijn de teksten door de voortschrijdende geluidstechniek uitstekend te volgen. Alleen bij speelfilms niet. Mogelijk doordat dit het enige programmagenre is waarbij de personen zich meer beijveren om ‘natuurlijk’ over te komen, dan dat ze zich bekommeren om hun verstaanbaarheid. Hier ligt een mooie taak voor de filmacademie en andere vormende instanties.

Wat hebben we nu geleerd van De gelukkige huisvrouw?
  1. Een psychische aandoening is niet onomkeerbaar.
  2. Iemand met een psychische stoornis is in de eerste plaats mens, en dan pas patiënt.
  3. Psychiatrische patiënten kunnen ons veel leren, als we onze oren en ogen maar openhouden.
  4. Bij een echtelijk conflict hebben beide partijen schuld.
  5. Daarom moeten we altijd beide partners de kans geven, hun visie op de gebeurtenissen te geven.
  6. Lieg je kinderen nooit voor. Al is de leugen nog zo snel (…)
Deze inzichten zijn misschien niet allemaal even nieuw, maar het is goed dat een schrijfster van nu het bioscooppubliek van nu er nog eens aan herinnert.
 
*************************
Abonneert u op de Nieuwsbrief.
© 2010 Hans Knegtmans
powered by CJ2