archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Grieks onorthodox Hans Knegtmans

Wat je ook kunt aanmerken op de film Dogtooth (Kynodontas) van de Griekse regisseur/scenarist Giorgos Lanthimos, saai is hij allerminst. Daags nadat ik hem had gezien, kon ik zonder mankeren zo’n 30 scènes opschrijven die me levendig waren bijgebleven. Gelukkig maar. Anders had ik nu in abstracte bewoordingen moeten uitleggen waarom ik bij het zien ervan in toenemende mate dreigde te verzuren. En waarom ik ervan overtuigd ben dat Lanthimos in de verste verte niet over de filmische kwaliteiten beschikt die zijn nu al talrijke bewonderaars hem toedichten. Ik weet het, dat beweer ik ook steeds weer over collega-cineast Lars von Trier (met wie sommigen hem vergelijken), en met weinig succes. Maar, zoals Groucho Marx al zei in de film Animal Crackers: ‘Well, somebody’s gotta do it.’

Hoewel onder critici weinig overeenstemming bestaat waar de film precies over gaat, lijken de meesten het verhaal toch te interpreteren als een pedagogisch experiment. Een vice-president van een fabriek heeft zijn anonieme villa op het platteland ommuurd, en het karrenpad dat erheen voert afgesloten met een ketting. Zijn drie naamloze tienerkinderen – aangeduid als ‘de oudste’, ‘de jongen’ en ‘de jongste’ – zijn nog nooit van het terrein af geweest. Vader en moeder hebben hun kroost eigenhandig opgevoed, kennelijk beducht voor slechte invloeden van de buitenwereld. Uit een gesprek tussen vader en een collega begrijpen we dat hij hem heeft wijsgemaakt dat zijn vrouw aan een rolstoel is gekluisterd, en daarom nooit in het openbaar gesignaleerd wordt. In het echt is ze kerngezond, althans lichamelijk.

Dat gegeven is niet echt nieuw, noch in de kunst, noch in de wetenschap. Behavioristische psychologen als B.F. Skinner waren overtuigd van de maakbaarheid van de menselijke persoonlijkheid, mits het experiment werd uitgevoerd door een expert die het operant conditioneren tot in de finesses beheerste en met ijzeren consequentheid uitvoerde.
Het probleem van Dogtooth is dat Lanthimos weigert, bij monde van de ouders te expliciteren wat er eigenlijk mankeert aan de wereld, in dit geval de Griekse middenklasse. Zijn die Grieken – en misschien wel de gehele westerse consumptiemaatschappij – oversekst? Is de wereld te gewelddadig? Door deze vaagheid is de kijker aangewezen op de opvoedingspraktijken van vader en moeder. Je mag toch aannemen dat je daaruit een patroon van normen en waarden kunt destilleren, waarin andere socialiserende instanties als school, verenigingen of kerk niet of onvoldoende voorzien.

Het lijkt er in eerste instantie op dat de ouders beducht zijn voor de Griekse taal. Ze hebben hun kinderen een woordenschat bijgebracht waarvan de betekenissen niet stroken met die in het woordenboek.‘Snelweg’ betekent ‘een koele wind’. ‘Oceaan’ is ‘een leren stoel in de woonkamer’. ‘Telefoon’ staat voor ‘zoutvaatje’. En, last but not least, een ‘zombie’ is een klein, felgeel bloempje in de wei. Nu is het begrijpelijk dat ‘telefoon’ een taboewoord is. In het huis bevindt zich slechts één – zorgvuldig verstopt – exemplaar. Ook is het moeilijk om aan kinderen die nog nooit tv hebben gekeken, uit te leggen wat een zombie is. Maar ‘snelweg’? En ‘oceaan’? Daar schuilt toch weinig kwaad in, zou je denken.

Zeker niet gegeven de fabeltjes die vader heeft bedacht om de kinderen te beletten het terrein te verlaten. Het gevaarlijkste wezen ter wereld, heeft vader uitgelegd, is een kat. Ja, een kat. Om dit te bewijzen, snijdt hij een keer zijn kleren aan flarden en besmeurt zichzelf met verf (of ketch-up, dat weet ik niet meer). De kinderen schrikken zich een hoedje. Arme vader. Aangevallen door zo’n levensgevaarlijke kat! Begrijpelijk dat ze niet het terrein af mogen.
Maar, zou je kunnen tegenwerpen, vader zelf dan? Hoe durft die dagelijks het huis te verlaten en een wereld te trotseren waarin katten de dienst uitmaken? Nu, dat komt doordat hij al lang geleden de leeftijd heeft bereikt waarop zijn ‘dogteeth’ (hoektanden) zijn uitgevallen en vervolgens weer zijn aangegroeid. Op die leeftijd gekomen, is de buitenwereld net iets minder gevaarlijk dan daarvoor. Maar echt veilig wordt het nooit, dat hebben we zojuist gezien aan de bijna fatale kattenaanval.

Heel langzaam dringt het vermoeden zich op dat de bezorgdheid van met name de vader voortkomt uit wat vroeger een fascistoïde persoonlijkheid werd genoemd. De kinderen brengen veel tijd door in het groezelige zwembad van de villa (Körperkultur!). Ze kunnen een soort stickers verdienen in competitieve spelletjes. (Bijvoorbeeld geblinddoekt in de tuin naar moeder zoeken. De winnaar krijgt een sticker, de verliezer wordt openlijk bespot.) Na een overtreding moet de zoon voor straf een slok nemen van een gifgroen drankje, dat hij pas minuten later kokhalzend weer mag uitspugen.

En dan heb ik het nog niet eens over seks gehad. Aanvankelijk laat vader tegen betaling een vrouwelijke veiligheidsbeambte van zijn werk opdraven om de zoon te bevredigen. Maar wanneer zij de dochters verleidt tot likken tegen betaling (in de vorm van een paar antieke VHS-banden met porno en de film Rocky) is het huis te klein. De vrouw wordt door de vader niet alleen ontslagen, maar ook ernstig mishandeld.
Vervolgens mag opmerkelijk genoeg de zoon tijdens een ranzige badkuipscène zijn blote zusjes betasten om te beslissen met wie hij in het vervolg seks zal hebben. Incest weegt blijkbaar minder zwaar dan seks met zo’n del die de kinderen moreel op het verkeerde pad brengt.

In Dog Tooth wordt de serieuze thematiek te vaak aan het zicht onttrokken door de vele humoristische zijpaden die de regisseur inslaat. Zoals de onzinnige taallessen, de kattendoctrine en de hoektandenkwestie. Op een moment dat de kou uit de lucht is stelt vader voor een lied van opa te beluisteren. Vervolgens zet hij een vinylplaat op van Frank Sinatra, die Fly Me to the Moon zingt. Voor zijn kinderen die de Engelse taal uiteraard niet machtig zijn, verzorgt vader de leugenachtige simultaanvertaling van ‘opa’s’ lied: een mierzoete lofzang op het gezinsleven. Best geestig, daar niet van, maar als serieus leermoment volstrekt ongeloofwaardig. Een scène echter waarin de gezinsleden het collectief op een blaffen zetten – waarschijnlijk om zo de gevaarlijke katten weg te jagen – doet geforceerd en bovenal kinderachtig aan.

Afgaande op interviews lijkt Giorgos Lanthimos mij geen onsympathieke man. Ik ben zelfs wel benieuwd naar zijn volgende film. Maar, anders dan sommige dolenthousiaste recensenten, geloof ik geen seconde dat we hier met ‘de nieuwe Michael Haneke’ van doen zouden hebben. In diens Funny Games doen de personages ook rare spelletjes, is de redenering. Ja, hallo! De hoofdpersonen van die film zijn amorele psychopaten die zich op grond van afkomst en geld het recht aanmatigen over leven en dood van de medemens te beschikken. Dat lijkt me wel iets anders dan een warrig gezinshoofd dat, niet eens met kwade bedoelingen, probeert zijn kroost door alternatieve opvoedpraktijken op een hoger moreel niveau te brengen dan de meer conventioneel geschoolde medemens.

Haneke is een geniale cineast met een doorgaans heldere visie op zijn thematiek. Beginnend regisseur Lanthimos anderzijds loopt over van ideetjes. Van rijp tot groen, van substantieel tot vrijblijvend. Hij zou er goed aan doen de volgende keer wat langer na te denken over wat hij daar nu precies mee wil aankaarten. Met het risico dat zijn supporterschare verstoken blijft van vermeend geniale bokkensprongen en op zoek gaat naar een ander wonderkind.
 
********************
Doe iets leuks met je geld:
Word donateur van De Leunstoel.
Kijk op: www.deleunstoel.nl/donateur.php


© 2010 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film"
Vermaak en Genot > Naar de film
Grieks onorthodox Hans Knegtmans
Wat je ook kunt aanmerken op de film Dogtooth (Kynodontas) van de Griekse regisseur/scenarist Giorgos Lanthimos, saai is hij allerminst. Daags nadat ik hem had gezien, kon ik zonder mankeren zo’n 30 scènes opschrijven die me levendig waren bijgebleven. Gelukkig maar. Anders had ik nu in abstracte bewoordingen moeten uitleggen waarom ik bij het zien ervan in toenemende mate dreigde te verzuren. En waarom ik ervan overtuigd ben dat Lanthimos in de verste verte niet over de filmische kwaliteiten beschikt die zijn nu al talrijke bewonderaars hem toedichten. Ik weet het, dat beweer ik ook steeds weer over collega-cineast Lars von Trier (met wie sommigen hem vergelijken), en met weinig succes. Maar, zoals Groucho Marx al zei in de film Animal Crackers: ‘Well, somebody’s gotta do it.’

Hoewel onder critici weinig overeenstemming bestaat waar de film precies over gaat, lijken de meesten het verhaal toch te interpreteren als een pedagogisch experiment. Een vice-president van een fabriek heeft zijn anonieme villa op het platteland ommuurd, en het karrenpad dat erheen voert afgesloten met een ketting. Zijn drie naamloze tienerkinderen – aangeduid als ‘de oudste’, ‘de jongen’ en ‘de jongste’ – zijn nog nooit van het terrein af geweest. Vader en moeder hebben hun kroost eigenhandig opgevoed, kennelijk beducht voor slechte invloeden van de buitenwereld. Uit een gesprek tussen vader en een collega begrijpen we dat hij hem heeft wijsgemaakt dat zijn vrouw aan een rolstoel is gekluisterd, en daarom nooit in het openbaar gesignaleerd wordt. In het echt is ze kerngezond, althans lichamelijk.

Dat gegeven is niet echt nieuw, noch in de kunst, noch in de wetenschap. Behavioristische psychologen als B.F. Skinner waren overtuigd van de maakbaarheid van de menselijke persoonlijkheid, mits het experiment werd uitgevoerd door een expert die het operant conditioneren tot in de finesses beheerste en met ijzeren consequentheid uitvoerde.
Het probleem van Dogtooth is dat Lanthimos weigert, bij monde van de ouders te expliciteren wat er eigenlijk mankeert aan de wereld, in dit geval de Griekse middenklasse. Zijn die Grieken – en misschien wel de gehele westerse consumptiemaatschappij – oversekst? Is de wereld te gewelddadig? Door deze vaagheid is de kijker aangewezen op de opvoedingspraktijken van vader en moeder. Je mag toch aannemen dat je daaruit een patroon van normen en waarden kunt destilleren, waarin andere socialiserende instanties als school, verenigingen of kerk niet of onvoldoende voorzien.

Het lijkt er in eerste instantie op dat de ouders beducht zijn voor de Griekse taal. Ze hebben hun kinderen een woordenschat bijgebracht waarvan de betekenissen niet stroken met die in het woordenboek.‘Snelweg’ betekent ‘een koele wind’. ‘Oceaan’ is ‘een leren stoel in de woonkamer’. ‘Telefoon’ staat voor ‘zoutvaatje’. En, last but not least, een ‘zombie’ is een klein, felgeel bloempje in de wei. Nu is het begrijpelijk dat ‘telefoon’ een taboewoord is. In het huis bevindt zich slechts één – zorgvuldig verstopt – exemplaar. Ook is het moeilijk om aan kinderen die nog nooit tv hebben gekeken, uit te leggen wat een zombie is. Maar ‘snelweg’? En ‘oceaan’? Daar schuilt toch weinig kwaad in, zou je denken.

Zeker niet gegeven de fabeltjes die vader heeft bedacht om de kinderen te beletten het terrein te verlaten. Het gevaarlijkste wezen ter wereld, heeft vader uitgelegd, is een kat. Ja, een kat. Om dit te bewijzen, snijdt hij een keer zijn kleren aan flarden en besmeurt zichzelf met verf (of ketch-up, dat weet ik niet meer). De kinderen schrikken zich een hoedje. Arme vader. Aangevallen door zo’n levensgevaarlijke kat! Begrijpelijk dat ze niet het terrein af mogen.
Maar, zou je kunnen tegenwerpen, vader zelf dan? Hoe durft die dagelijks het huis te verlaten en een wereld te trotseren waarin katten de dienst uitmaken? Nu, dat komt doordat hij al lang geleden de leeftijd heeft bereikt waarop zijn ‘dogteeth’ (hoektanden) zijn uitgevallen en vervolgens weer zijn aangegroeid. Op die leeftijd gekomen, is de buitenwereld net iets minder gevaarlijk dan daarvoor. Maar echt veilig wordt het nooit, dat hebben we zojuist gezien aan de bijna fatale kattenaanval.

Heel langzaam dringt het vermoeden zich op dat de bezorgdheid van met name de vader voortkomt uit wat vroeger een fascistoïde persoonlijkheid werd genoemd. De kinderen brengen veel tijd door in het groezelige zwembad van de villa (Körperkultur!). Ze kunnen een soort stickers verdienen in competitieve spelletjes. (Bijvoorbeeld geblinddoekt in de tuin naar moeder zoeken. De winnaar krijgt een sticker, de verliezer wordt openlijk bespot.) Na een overtreding moet de zoon voor straf een slok nemen van een gifgroen drankje, dat hij pas minuten later kokhalzend weer mag uitspugen.

En dan heb ik het nog niet eens over seks gehad. Aanvankelijk laat vader tegen betaling een vrouwelijke veiligheidsbeambte van zijn werk opdraven om de zoon te bevredigen. Maar wanneer zij de dochters verleidt tot likken tegen betaling (in de vorm van een paar antieke VHS-banden met porno en de film Rocky) is het huis te klein. De vrouw wordt door de vader niet alleen ontslagen, maar ook ernstig mishandeld.
Vervolgens mag opmerkelijk genoeg de zoon tijdens een ranzige badkuipscène zijn blote zusjes betasten om te beslissen met wie hij in het vervolg seks zal hebben. Incest weegt blijkbaar minder zwaar dan seks met zo’n del die de kinderen moreel op het verkeerde pad brengt.

In Dog Tooth wordt de serieuze thematiek te vaak aan het zicht onttrokken door de vele humoristische zijpaden die de regisseur inslaat. Zoals de onzinnige taallessen, de kattendoctrine en de hoektandenkwestie. Op een moment dat de kou uit de lucht is stelt vader voor een lied van opa te beluisteren. Vervolgens zet hij een vinylplaat op van Frank Sinatra, die Fly Me to the Moon zingt. Voor zijn kinderen die de Engelse taal uiteraard niet machtig zijn, verzorgt vader de leugenachtige simultaanvertaling van ‘opa’s’ lied: een mierzoete lofzang op het gezinsleven. Best geestig, daar niet van, maar als serieus leermoment volstrekt ongeloofwaardig. Een scène echter waarin de gezinsleden het collectief op een blaffen zetten – waarschijnlijk om zo de gevaarlijke katten weg te jagen – doet geforceerd en bovenal kinderachtig aan.

Afgaande op interviews lijkt Giorgos Lanthimos mij geen onsympathieke man. Ik ben zelfs wel benieuwd naar zijn volgende film. Maar, anders dan sommige dolenthousiaste recensenten, geloof ik geen seconde dat we hier met ‘de nieuwe Michael Haneke’ van doen zouden hebben. In diens Funny Games doen de personages ook rare spelletjes, is de redenering. Ja, hallo! De hoofdpersonen van die film zijn amorele psychopaten die zich op grond van afkomst en geld het recht aanmatigen over leven en dood van de medemens te beschikken. Dat lijkt me wel iets anders dan een warrig gezinshoofd dat, niet eens met kwade bedoelingen, probeert zijn kroost door alternatieve opvoedpraktijken op een hoger moreel niveau te brengen dan de meer conventioneel geschoolde medemens.

Haneke is een geniale cineast met een doorgaans heldere visie op zijn thematiek. Beginnend regisseur Lanthimos anderzijds loopt over van ideetjes. Van rijp tot groen, van substantieel tot vrijblijvend. Hij zou er goed aan doen de volgende keer wat langer na te denken over wat hij daar nu precies mee wil aankaarten. Met het risico dat zijn supporterschare verstoken blijft van vermeend geniale bokkensprongen en op zoek gaat naar een ander wonderkind.
 
********************
Doe iets leuks met je geld:
Word donateur van De Leunstoel.
Kijk op: www.deleunstoel.nl/donateur.php
© 2010 Hans Knegtmans
powered by CJ2