archiefvorig nr.lopend nr.

Vermaak en Genot > Naar de film delen printen terug
Ingetogen studies van menselijk leed Hans Knegtmans

0519VG Cordero
Voor de kijker die geen weet heeft van de politieke situatie in het Argentinië van 1978 is de film Cordero de Dios (internationale handelstitel Lamb of God) niet makkelijk te volgen. Regisseuse Lucía Cedrón legt weinig uit. Dat kan een bewuste stijlfiguur zijn. Waarschijnlijker lijkt de verklaring, dat haar leven zo beїnvloed is door een politiek incident uit die periode dat ze simpelweg niet heeft stilgestaan bij de mogelijkheid dat de rest van de wereld wat minder betrokken is bij de Argentijnse politiek dan zijzelf. Cedrón vluchtte in 1976 met haar ouders naar Frankrijk waar haar vader een paar jaar later ‘onder verdachte omstandigheden’ overleed in een politiecel.

Met ‘verdachte omstandigheden’ wordt meestal een politieke moord bedoeld. Dat zou heel goed kunnen. De arm van dictator Videla reikte ver en de eigen landsgrenzen vormden geen onneembare barrière voor het generaalsregime dat in 1976 Videla in het zadel had geholpen. De film flitst veelvuldig van 2002 naar 1978 en weer terug, zonder enig commentaar. Het duurt even voordat de kijker begrijpt dat die oudere mevrouw (Mercedes Morán) en de jongere die op haar lijkt (Malena Solda) een en dezelfde Teresa zijn, dochter van de vermogende dierenarts Arturo die, met dank aan de grimeur, steeds door dezelfde acteur (Jorge Marrale) wordt gespeeld. Ook moeten we er even aan wennen dat de kordate jonge vrouw Guillermina (Leonora Balcare) op andere momenten nog maar een kleuter is die samen met haar vader kinderliedjes zingt. Het wordt nog ingewikkelder doordat zowel de scènes van 1978 als die van 2002 niet in strikt chronologische volgorde zijn gemonteerd.

Dat is allemaal niet bedoeld om ons te pesten. Cordero de Dios is behalve een familiedrama ook een psychologische thriller en Cedrón wil het verhaal optimaal vertellen. In een interview verklaarde ze dat ze pas met de drieëndertigste versie van het script tevreden was. De vorige tweeëndertig ken ik niet maar op de laatste valt weinig of niets aan te merken.

Het verhaal begint in 2002. Argentinië zit financieel aan de grond en corruptie tiert welig. Dan wordt de bejaarde Arturo ontvoerd. Kleindochter Guillerma laat haar moeder, Teresa, overkomen uit Parijs, waarnaar ze eind jaren zeventig is uitgeweken. De verwelkoming is opmerkelijk koeltjes. ‘Niet roken in de auto’ is een van de eerste dingen die Guillerma haar moeder toevoegt. Omgekeerd gedraagt ook Teresa zich weinig hartelijk tegenover haar kind dat ze al jaren niet heeft gezien.

Geleidelijk begrijpen we waar de schoen wringt. In 1978 stond opa op goede voet met een van de generaals die de touwtjes in handen hadden, terwijl Teresa en haar man Paco het ondergrondse verzet steunden. Een van de eerste flashbacks toont een verjaardagsfeestje waarop een vertederend ouderwetse pick-up een socialistisch strijdlied afspeelt. Iedereen danst en zingt mee, in die absurde kledij van toen, en met de al even dwaze haardracht. Men kan zich voorstellen dat Arturo de nodige reserves had jegens zijn ‘communistische’ dochter en schoonzoon. Voor zijn kleindochter echter was hij gewoon opa die spelletjes met haar deed en een enorm landgoed had, met paarden en al.
Dit verklaart nog niet waarom Teresa haar vader nooit meer heeft willen zien en zelfs van plan was binnenkort tegen hem te getuigen in een proces waarin politieke misdaden uit de jaren zeventig aan de kaak worden gesteld. Wat is er nog meer voorgevallen tussen vader en dochter? Zal Teresa, als ze haar vader zo minacht, wel willen meewerken aan zijn vrijlating? Het bedrag dat de ontvoerders eisen is zo hoog dat moeder en dochter grote financiële offers zouden moeten brengen. Trouwens, waarom speelt Paco, de man van Teresa, in het ‘heden’ van 2002 geen enkele rol meer?

Met veel gevoel reconstrueert Cedrón het drama waarbij door een paar verkeerde keuzes een familie in duigen valt. Ingetogenheid is haar parool. Zo zien we hoe op de verjaardag van de kleine Guillerma opa’s huishoudster de enige toeschouwer is als het meisje de kaarsen op de verjaarstaart uitblaast. Vader en moeder hadden andere besognes en zelfs Arturo kon zich niet vrijmaken voor de feestelijke gelegenheid. Pas veel later beseffen we de betekenis van die scène. Cordero de Dios ontroert zonder dat de regisseur ook maar één moment probeert de kijker tot gesnotter te verleiden. Enkele Nederlandse recensenten vonden de film te afstandelijk in verhouding tot de dramatische thematiek. Misschien hebben ze op een training of tijdens een therapie geleerd dat je je emoties altijd krachtig moet uiten, anders blijf je er maar mee zitten. Cedrón denkt daar in ieder geval anders over.

De carrière van de Italiaan Nanni Moretti doet denken aan die van Woody Allen. Beiden maken films aan de lopende band waarvoor ze veelal ook het scenario hebben0519VG Caos geschreven en waarin ze zelf bijna vanzelfsprekend de hoofdrol opeisen (al is Allen op zijn oude dag steeds vaker bereid de schijnwerper op een jongere acteur te richten). Daarbij drijven ze dwangmatig de spot met hun respectieve vaderland en het leven in het algemeen. Een belangrijk verschil is dat de bebaarde Moretti vooral bekend en geliefd is bij zijn thuispubliek, terwijl Allen al decennia wereldwijd grote faam geniet.

In het bevorderen van het overtrokken idee dat Moretti een begenadigd filmer is speelt het festival van Cannes een belangrijke rol. Sinds Caro diario (1993) kan hij daar geen kwaad meer doen. De wat onnozele film over een man die rondrijdt op een scootertje en op zijn manier over leven en dood filosofeert, werd op het festival genomineerd voor de Gouden Palm en won de prijs voor beste regie. Ook het al even lichtvoetige Aprile (2001) sleepte een Palmnominatie in de wacht. In 2001 won Moretti eindelijk de Gouden Palm met het verdienstelijke familiedrama La stanza del figlio: gezin moet verder nadat de zoon bij een duikongeluk is omgekomen. Zo overtuigd was men in Cannes van ’s mans genialiteit dat hij zelfs voor het in brede kring afgebrande Il caimano (2006) zijn gebruikelijke nominatie voor de Gouden Palm ontving.

Het is dan ook meestal met grote terughoudendheid dat ik de nieuwe Moretti ga zien. Bij Caos calmo (2008) leek me de kans op ergernis kleiner dan anders. De film gaat over een man wiens vrouw om het leven komt en dat minimaliseert in ieder geval de kans op flauwe grappen. En het feit dat Morretti dit keer niet zelf de regie voert (die is in handen van Antonello Grimaldi), gevoegd bij het gegeven dat het de verfilming van een prijswinnende roman betreft, maakte dat ik bijna goedgemutst de perszaal betrad. Terecht, bleek later.
Moretti speelt de rol van Pietro, welgesteld directielid van een tv-bedrijf. Met zijn jongere broer, de playboy Carlo (Alessandro Gassman), bezoekt hij het strand in de buurt van zijn buitenhuis. Plotseling is er groot alarm: twee jonge vrouwen zijn te ver van de kust afgedreven en dreigen door de stroom te worden meegesleurd. De broers zetten een reddingsactie in. Beide vrouwen worden gered en nog nagenietend van hun kranige optreden rijden de broers terug naar de villa. Daar stuiten ze op ambulances en politiewagens. Pietro’s vrouw heeft zojuist een dodelijke val uit het raam gemaakt. Een cynischer speling van het lot kan men zich moeilijk voorstellen.

Terug in Rome gaat na de begrafenis het leven door. De eerste dag dat Pietro zijn tienjarige dochter Claudia weer naar school brengt besluit hij impulsief niet naar huis of kantoor te gaan, maar te wachten tot haar schooldag er weer opzit. Het schoolgebouw ligt aan een driehoekig plein met een piepklein parkje en een paar banken. Zijn collega’s hebben hem aangeraden eerst maar eens rustig op adem te komen. Dan kan hij net zo goed in de buurt blijven en hopen dat hij door het raam een glimp van zijn dochter kan opvangen. Morgen is er weer een dag.
De volgende dag verloopt vrijwel identiek aan de eerste. Kijk, daar komt dat beeldschone meisje met haar veel te grote hond voorbij. En de vrouw met een zoon die lijdt aan het Down syndroom. Met een piep van zijn elektronische autodeuropener krijgt hij de jongen aan het lachen. Eigenlijk zou hij zijn papierwerk net zo goed in het park kunnen doen als op dat suffe kantoor.

Iedereen schijnt dit een goed idee te vinden. Zijn mededirecteuren komen om de beurt eens langs om een aanstaande fusie te bespreken waarbij de hiërarchische structuur van het nieuwe bedrijf een heikel punt vormt. De personeelschef komt zich beklagen dat hij in zijn functie de kop van jut is nu er ontslagen moeten vallen. Zijn neurotische schoonzuster (Valeria Godino) neemt regelmatig haar vele problemen met hem door. Zelfs de geredde vrouw (Isabella Ferreri) verschijnt op het toneel, omdat sinds het bijna-fatale ongeluk haar huwelijk onder hoogspanning staat.
En al die tijd blijft het ondragelijke verdriet uit waar hij na het plotselinge verlies stellig op had gerekend. Zou het zo makkelijk zijn – nou ja, bij wijze van spreken dan – om de dood van je geliefde te boven te komen? Caos calmo is een toepasselijke titel voor wat zich in Pietro’s binnenste afspeelt. Ook de film is ‘rustig’, op een aangename manier. Het is de eerste keer dat ik oprechte sympathie voelde voor het personage dat Nanni Moretti uitbeeldde. Misschien heeft hij in deze film de definitieve stap gezet van Italiaans typetje naar serieuze acteur. Dat zou mooi zijn.
 
*********************************
Drs. Theo IJzermans geeft begeleiding bij
persoonlijke ontwikkeling op het werk.
Ga voor informatie naar www.ijzermans.org


© 2008 Hans Knegtmans meer Hans Knegtmans - meer "Naar de film"
Vermaak en Genot > Naar de film
Ingetogen studies van menselijk leed Hans Knegtmans
0519VG Cordero
Voor de kijker die geen weet heeft van de politieke situatie in het Argentinië van 1978 is de film Cordero de Dios (internationale handelstitel Lamb of God) niet makkelijk te volgen. Regisseuse Lucía Cedrón legt weinig uit. Dat kan een bewuste stijlfiguur zijn. Waarschijnlijker lijkt de verklaring, dat haar leven zo beїnvloed is door een politiek incident uit die periode dat ze simpelweg niet heeft stilgestaan bij de mogelijkheid dat de rest van de wereld wat minder betrokken is bij de Argentijnse politiek dan zijzelf. Cedrón vluchtte in 1976 met haar ouders naar Frankrijk waar haar vader een paar jaar later ‘onder verdachte omstandigheden’ overleed in een politiecel.

Met ‘verdachte omstandigheden’ wordt meestal een politieke moord bedoeld. Dat zou heel goed kunnen. De arm van dictator Videla reikte ver en de eigen landsgrenzen vormden geen onneembare barrière voor het generaalsregime dat in 1976 Videla in het zadel had geholpen. De film flitst veelvuldig van 2002 naar 1978 en weer terug, zonder enig commentaar. Het duurt even voordat de kijker begrijpt dat die oudere mevrouw (Mercedes Morán) en de jongere die op haar lijkt (Malena Solda) een en dezelfde Teresa zijn, dochter van de vermogende dierenarts Arturo die, met dank aan de grimeur, steeds door dezelfde acteur (Jorge Marrale) wordt gespeeld. Ook moeten we er even aan wennen dat de kordate jonge vrouw Guillermina (Leonora Balcare) op andere momenten nog maar een kleuter is die samen met haar vader kinderliedjes zingt. Het wordt nog ingewikkelder doordat zowel de scènes van 1978 als die van 2002 niet in strikt chronologische volgorde zijn gemonteerd.

Dat is allemaal niet bedoeld om ons te pesten. Cordero de Dios is behalve een familiedrama ook een psychologische thriller en Cedrón wil het verhaal optimaal vertellen. In een interview verklaarde ze dat ze pas met de drieëndertigste versie van het script tevreden was. De vorige tweeëndertig ken ik niet maar op de laatste valt weinig of niets aan te merken.

Het verhaal begint in 2002. Argentinië zit financieel aan de grond en corruptie tiert welig. Dan wordt de bejaarde Arturo ontvoerd. Kleindochter Guillerma laat haar moeder, Teresa, overkomen uit Parijs, waarnaar ze eind jaren zeventig is uitgeweken. De verwelkoming is opmerkelijk koeltjes. ‘Niet roken in de auto’ is een van de eerste dingen die Guillerma haar moeder toevoegt. Omgekeerd gedraagt ook Teresa zich weinig hartelijk tegenover haar kind dat ze al jaren niet heeft gezien.

Geleidelijk begrijpen we waar de schoen wringt. In 1978 stond opa op goede voet met een van de generaals die de touwtjes in handen hadden, terwijl Teresa en haar man Paco het ondergrondse verzet steunden. Een van de eerste flashbacks toont een verjaardagsfeestje waarop een vertederend ouderwetse pick-up een socialistisch strijdlied afspeelt. Iedereen danst en zingt mee, in die absurde kledij van toen, en met de al even dwaze haardracht. Men kan zich voorstellen dat Arturo de nodige reserves had jegens zijn ‘communistische’ dochter en schoonzoon. Voor zijn kleindochter echter was hij gewoon opa die spelletjes met haar deed en een enorm landgoed had, met paarden en al.
Dit verklaart nog niet waarom Teresa haar vader nooit meer heeft willen zien en zelfs van plan was binnenkort tegen hem te getuigen in een proces waarin politieke misdaden uit de jaren zeventig aan de kaak worden gesteld. Wat is er nog meer voorgevallen tussen vader en dochter? Zal Teresa, als ze haar vader zo minacht, wel willen meewerken aan zijn vrijlating? Het bedrag dat de ontvoerders eisen is zo hoog dat moeder en dochter grote financiële offers zouden moeten brengen. Trouwens, waarom speelt Paco, de man van Teresa, in het ‘heden’ van 2002 geen enkele rol meer?

Met veel gevoel reconstrueert Cedrón het drama waarbij door een paar verkeerde keuzes een familie in duigen valt. Ingetogenheid is haar parool. Zo zien we hoe op de verjaardag van de kleine Guillerma opa’s huishoudster de enige toeschouwer is als het meisje de kaarsen op de verjaarstaart uitblaast. Vader en moeder hadden andere besognes en zelfs Arturo kon zich niet vrijmaken voor de feestelijke gelegenheid. Pas veel later beseffen we de betekenis van die scène. Cordero de Dios ontroert zonder dat de regisseur ook maar één moment probeert de kijker tot gesnotter te verleiden. Enkele Nederlandse recensenten vonden de film te afstandelijk in verhouding tot de dramatische thematiek. Misschien hebben ze op een training of tijdens een therapie geleerd dat je je emoties altijd krachtig moet uiten, anders blijf je er maar mee zitten. Cedrón denkt daar in ieder geval anders over.

De carrière van de Italiaan Nanni Moretti doet denken aan die van Woody Allen. Beiden maken films aan de lopende band waarvoor ze veelal ook het scenario hebben0519VG Caos geschreven en waarin ze zelf bijna vanzelfsprekend de hoofdrol opeisen (al is Allen op zijn oude dag steeds vaker bereid de schijnwerper op een jongere acteur te richten). Daarbij drijven ze dwangmatig de spot met hun respectieve vaderland en het leven in het algemeen. Een belangrijk verschil is dat de bebaarde Moretti vooral bekend en geliefd is bij zijn thuispubliek, terwijl Allen al decennia wereldwijd grote faam geniet.

In het bevorderen van het overtrokken idee dat Moretti een begenadigd filmer is speelt het festival van Cannes een belangrijke rol. Sinds Caro diario (1993) kan hij daar geen kwaad meer doen. De wat onnozele film over een man die rondrijdt op een scootertje en op zijn manier over leven en dood filosofeert, werd op het festival genomineerd voor de Gouden Palm en won de prijs voor beste regie. Ook het al even lichtvoetige Aprile (2001) sleepte een Palmnominatie in de wacht. In 2001 won Moretti eindelijk de Gouden Palm met het verdienstelijke familiedrama La stanza del figlio: gezin moet verder nadat de zoon bij een duikongeluk is omgekomen. Zo overtuigd was men in Cannes van ’s mans genialiteit dat hij zelfs voor het in brede kring afgebrande Il caimano (2006) zijn gebruikelijke nominatie voor de Gouden Palm ontving.

Het is dan ook meestal met grote terughoudendheid dat ik de nieuwe Moretti ga zien. Bij Caos calmo (2008) leek me de kans op ergernis kleiner dan anders. De film gaat over een man wiens vrouw om het leven komt en dat minimaliseert in ieder geval de kans op flauwe grappen. En het feit dat Morretti dit keer niet zelf de regie voert (die is in handen van Antonello Grimaldi), gevoegd bij het gegeven dat het de verfilming van een prijswinnende roman betreft, maakte dat ik bijna goedgemutst de perszaal betrad. Terecht, bleek later.
Moretti speelt de rol van Pietro, welgesteld directielid van een tv-bedrijf. Met zijn jongere broer, de playboy Carlo (Alessandro Gassman), bezoekt hij het strand in de buurt van zijn buitenhuis. Plotseling is er groot alarm: twee jonge vrouwen zijn te ver van de kust afgedreven en dreigen door de stroom te worden meegesleurd. De broers zetten een reddingsactie in. Beide vrouwen worden gered en nog nagenietend van hun kranige optreden rijden de broers terug naar de villa. Daar stuiten ze op ambulances en politiewagens. Pietro’s vrouw heeft zojuist een dodelijke val uit het raam gemaakt. Een cynischer speling van het lot kan men zich moeilijk voorstellen.

Terug in Rome gaat na de begrafenis het leven door. De eerste dag dat Pietro zijn tienjarige dochter Claudia weer naar school brengt besluit hij impulsief niet naar huis of kantoor te gaan, maar te wachten tot haar schooldag er weer opzit. Het schoolgebouw ligt aan een driehoekig plein met een piepklein parkje en een paar banken. Zijn collega’s hebben hem aangeraden eerst maar eens rustig op adem te komen. Dan kan hij net zo goed in de buurt blijven en hopen dat hij door het raam een glimp van zijn dochter kan opvangen. Morgen is er weer een dag.
De volgende dag verloopt vrijwel identiek aan de eerste. Kijk, daar komt dat beeldschone meisje met haar veel te grote hond voorbij. En de vrouw met een zoon die lijdt aan het Down syndroom. Met een piep van zijn elektronische autodeuropener krijgt hij de jongen aan het lachen. Eigenlijk zou hij zijn papierwerk net zo goed in het park kunnen doen als op dat suffe kantoor.

Iedereen schijnt dit een goed idee te vinden. Zijn mededirecteuren komen om de beurt eens langs om een aanstaande fusie te bespreken waarbij de hiërarchische structuur van het nieuwe bedrijf een heikel punt vormt. De personeelschef komt zich beklagen dat hij in zijn functie de kop van jut is nu er ontslagen moeten vallen. Zijn neurotische schoonzuster (Valeria Godino) neemt regelmatig haar vele problemen met hem door. Zelfs de geredde vrouw (Isabella Ferreri) verschijnt op het toneel, omdat sinds het bijna-fatale ongeluk haar huwelijk onder hoogspanning staat.
En al die tijd blijft het ondragelijke verdriet uit waar hij na het plotselinge verlies stellig op had gerekend. Zou het zo makkelijk zijn – nou ja, bij wijze van spreken dan – om de dood van je geliefde te boven te komen? Caos calmo is een toepasselijke titel voor wat zich in Pietro’s binnenste afspeelt. Ook de film is ‘rustig’, op een aangename manier. Het is de eerste keer dat ik oprechte sympathie voelde voor het personage dat Nanni Moretti uitbeeldde. Misschien heeft hij in deze film de definitieve stap gezet van Italiaans typetje naar serieuze acteur. Dat zou mooi zijn.
 
*********************************
Drs. Theo IJzermans geeft begeleiding bij
persoonlijke ontwikkeling op het werk.
Ga voor informatie naar www.ijzermans.org
© 2008 Hans Knegtmans
powered by CJ2